Homoseksuele sporters vertellen hun verhaal in boek

Huub ter Haar schreef Gelijkspel, waarin tien portretten staan van homoseksuele topsporters. Van de enorme worsteling van oud-hockeyster Carina Benninga tot de vanzelfsprekende coming out van oud-zwemmer Johan Kenkhuis.

Het is een complexe materie, die van homoseksuelen in de topsport. Zo blijkt het al onmogelijk een eenduidig antwoord te geven op de simpele vraag wat nu eigenlijk het probleem is. Huub ter Haar kan dat in elk geval niet en hij is toch de schrijver van Gelijkspel, waarin tien portretten staan van homoseksuele topsporters.

Laat Ter Haar om te beginnen vaststellen dat voetbal percentueel minder homo’s kent dan de samenleving over het algemeen. ‘Voetbal veronderstelt strijd leveren en het opzoeken van je eigen grenzen. Als je onzeker bent van jezelf, kun je dat niet en als je dat wel kunt, conformeer je je aan het groepsgedrag, want je wilt geen pispaal zijn.’

Kortom, het is niet alleen lastig het probleem te definiëren, ook de vraag waar of bij wie het probleem zit, kost hoofdbrekens. Maar Huub ter Haar kan er boeiend over vertellen, op een toon die de theoloog en de communicatiewetenschapper in hem verraadt.

Ter Haar (47) heeft de sport pas op latere leeftijd ontdekt als een plezierige uitlaatklep. Hij groeide op in Twente en was het prototype van de jongen die als laatste werd gekozen bij het poten, ‘samen met de dikke jongen en het meisje met het rode haar’.

Door zijn verhuizing naar Nijmegen kon Ter Haar zich ontplooien, ook privé. Hij kwam tot de ontdekking dat hij op jongens viel. Maar de homoseksuele liefde is nooit vanzelfsprekend, zelfs niet in studentenstad Nijmegen. Toen hij met zijn vriend op een mooie zomeravond hand in hand naar huis fietste, schold een automobilist hem uit voor ‘vuile homo’.

Dat was voor Huub ter Haar het moment iets aan de beeldvorming te doen, ook omdat rond die tijd de homohaat in allochtone kringen oplaaide en de ChristenUnie toetrad tot het kabinet. Ter Haar kwam al snel uit bij topsporters omdat zij tot de rolmodellen van deze tijd behoren. Het ging hem daarbij vooral om de inbedding van een minderheid in de meerderheid. De tien portretten zijn dus in fotografie en tekst zo ‘normaal’ mogelijk gehouden.

De ervaringen van de sporters lopen sterk uiteen: van de enorme worsteling van oud-hockeyster Carina Benninga tot de vanzelfsprekende coming out van oud-zwemmer Johan Kenkhuis. Verreweg de meeste geïnterviewden zijn al gestopt en vertellen hun verhaal nu pas voor het eerst. Dat zegt volgens Ter Haar genoeg over de noodzaak van zijn initiatief.

Als er een grootste gemene deler is, dan is dat het verhaal van oud- schaatsster Marieke Wijsman. Het begon ermee dat ze optrok met collega’s die te boek stonden als ‘het lesbische groepje’. Gezelligheid werd verliefdheid voor Wijsman, maar dat moest zich aanvankelijk in het geniep afspelen.

Nadat Wijsman haar seksuele voorkeur in de openbaarheid had gebracht, kon ze zich pas echt ontplooien, zowel privé als in het schaatsen. Ze kreeg leuke reacties, ontdekte niet de enige te zijn in de vrouwelijke schaatstop en verbaast zich er nu nog over dat nooit een mannelijke schaatser uit de kast is gekomen.

Dat maakt twee dingen duidelijk: vrouwen zetten de stap sneller dan mannen (dat kan Ter Haar overigens evenmin eenduidig verklaren) en individuele sporters hebben er minder moeite mee dan teamsporters. Wat dat laatste betreft: in Gelijkspel komen alleen Benninga en oud-softbalster Marlies van der Putten aan het woord, opnieuw dus twee vrouwen.

De problemen die Huub ter Haar ondervond om voor zijn portrettenreeks actieve, liefst mannelijke homosporters te vinden, zegt veel over het kennelijk nog heersende taboe daarop. Een allochtone topsporter met een voorkeur voor de eigen sekse durfde het interview uiteindelijk niet aan. ‘Terwijl de halve wereld weet dat hij homo is, alleen zijn familie niet.’

Ter Haar ving ook bot in basketbal en volleybal. Veelzeggend vindt hij de reactie van Peter Blangé. Een verzoek om hulp in de zoektocht wees de volleybalcoach af.

‘Blangé zei dat hij geen homoseksuele volleyballers kende en dat het zijn verantwoordelijkheid niet is. Maar dat is juist het punt. Het is de verantwoordelijkheid van ons allemaal. Het is een maatschappelijk probleem.’

- (EPA) Beeld EPA
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.