Hoge verwachtingen? 'Ik fiets voor mezelf'

Interview Niek Kimmann, BMX'er

De verwachtingen voor Niek Kimmann, die vrijdag in actie komt op het WK in België, zijn hoog. Dat is mede te danken aan de bakken grond die zijn vader ooit achter hun huis stortte.

Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

BMX'er Niek Kimmann (19) weet: een eerstejaars senior heeft doorgaans een jaar of drie nodig om aansluiting te vinden bij de elite. Dus durfde de wereldkampioen bij de junioren dit jaar niet te hopen op meer dan kwalificatie voor de WK, die vandaag in het Belgische Zolder voor hem beginnen met de tijdrit. Totdat hij in mei onverwachts en op spectaculaire wijze een wereldbekerwedstrijd won.


'Als ze mij een paar maanden geleden hadden gezegd dat ik nu al met de top zou meedoen, had ik geantwoord: je bent gek. Ik verbaas me er nog steeds over', zegt Kimmann in zijn kamer op Papendal, waar de Nederlandse BMX'ers trainen. Op de muur achter hem heeft een vorige bewoner, ook een sporter, de olympische ringen geschilderd. Hij liet ze maar zitten. Hij droomt sinds zijn jeugd toch al van deelname aan de Olympische Spelen.


Kimmann weet dat de verwachtingen hoger zijn geworden, door wat hij bij de wereldbekerwedstrijd in Papendal presteerde. 'Maar daar trek ik me niks van aan. Ik fiets voor mezelf', zegt hij. Bovendien: in zijn sport is een foutje zo gemaakt. Hem hoor je niet zomaar roepen dat hij bij de WK voor een podiumplaats gaat.


Laatst op het EK werd hij achtste, nadat hij al vroeg in de wedstrijd was gevallen. Kimmann: 'Liep ik als een oud mannetje naar het ziekenhuis, nadat ik met meer dan 50 kilometer per uur tegen de grond was geklapt. Mensen denken dan dat je baalt, maar ik was vrolijk. Het eerste gedeelte, het belangrijkste stuk bij BMX, ging namelijk goed. Dat is beter dan winnen en denken: ik reed als een frikandel.'

Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Dat betekent niet dat hij ervan houdt om te verliezen. Voordat vroeger in huize Kimmann een gezelschapsspelletje op tafel kwam, werd gevraagd: Niek, kun je vandaag tegen je verlies? Dan dacht hij even na. Zei hij nee, dan bleef de doos in de kast. Kimmann: 'Nu heb ik dat niet meer met spelletjes hoor, maar toen kon ik gek worden.'


Kimmann groeide op in het Overijsselse Lutten, op de boerderij van zijn ouders. Een schoolvriend stak hem aan met fietsen en die hobby sloeg al snel over op het hele gezin. Toen een trainer zei dat Kimmann technisch nog niet goed genoeg was als BMX'er, kwamen zijn ouders met de oplossing.


'Dat begon met een kruiwagen. Maar uiteindelijk was mijn vader in een tractor bakken grond rond het huis aan het storten. Zo hadden we op een gegeven moment een aardig baantje liggen.' In eerste instantie aan de voorkant van de boerderij, waarna de bulten werden verplaatst naar achter het huis. Zo kon zijn moeder tenminste rustig de aardappelen schillen zonder bij elke valpartij ongerust af te wachten tot haar zonen weer opstonden.


Op woensdagmiddag en in de vakanties was het een zoete inval rond de boerderij. Er kwamen al snel twintig BMX'ers op de bulten af. Een startheuvel ontbrak. Haalden ze een bult niet, dan namen ze een langere aanloop. Kimmann: 'Onbewust trainden we vroeger dus ook al op het sprinten.'

Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

BMX staat bekend als een blessuregevoelige sport. Toch liep Kimmann in zijn leven weinig kwetsuren op. 'Even afkloppen', zegt hij er achteraan. Hij mist een kruisband en brak een keer zijn tand. 'Dat laatste was niet met BMX'en, maar gebeurde vroeger met fietsen op een trampoline. In die periode wilde hij freestyle-stunts proberen. En een val op de trampoline is zachter dan een smak op de grond, bedacht Kimmann. 'Maar ik kwam met mijn tand tegen het stuur.' Zijn ouders verboden hem zulke stunts op de trampoline.

Kimmann is niet bang een uitdaging aan te gaan. Sterker nog, hij verveelt zich snel. Bondscoach Bas de Bever: 'Hij maakt echt een feestje van de technische trainingen.' Als Kimmann een oefening onder de knie heeft, verzint hij iets anders: met zijn verkeerde been voor beginnen bijvoorbeeld. Kimmann: 'Dat deed ik vroeger met mijn broertje al, je kunt van alles bedenken om het uitdagend te houden.'

Met adrenaline fietst hij beduidend beter. Tijdens zijn wereldbekerwinst was Kimmann ruim 2,5 seconde sneller dan hij ooit tevoren was geweest op dezelfde baan. 'Nu word ik bij elke starttraining chagrijnig omdat ik toen zo snel was. Ik doe het ook beter als er publiek langs de baan staat. Gelukkig is dat bij de WK het geval.'

Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant
Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.