Nieuws

Hoe komt het dat het kleine prinsdom Wales zo’n gevreesde rugbynatie is?

Menig traan zal zaterdagavond zijn weggepinkt in Welshe huiskamers, menig Cachu hwch (Shit!) hebben geklonken. De Grand Slam was binnen handbereik voor het rugbyteam van Wales, toen de Fransen in de extra tijd de winnende treffer maakten: 32-30.

Fransman Brice Dulin scoort de winnende try in de ontmoeting tussen Wales en Frankrijk in het Six Nations-toernooi. Beeld AFP
Fransman Brice Dulin scoort de winnende try in de ontmoeting tussen Wales en Frankrijk in het Six Nations-toernooi.Beeld AFP

Het tragische verlies in het Parijse Prinsenpark neemt niet weg dat het kleine prinsdom nog steeds favoriet is om de Six Nations te winnen. Dat zal de zesde keer in 16 jaar zijn, waarmee Wales succesvoller is dan de Ieren, Fransen en Engelsen. Waarom komt dat rugbysucces vandaan?

Het Millennium Stadium van Cardiff is een paar keer per jaar het decor van een van de ontroerendste fenomenen in de sportwereld, wanneer de spelers van Wales samen met 74.000 landgenoten het volkslied zingen, Land of my fathers. ‘Het oude land van mijn vaders is mijn dierbaar’, zo begint het in eigen taal. ‘Een land van dichters en zangers, fameuze beroemdheden. Zijn dappere strijders, verstokte patriotten. Voor de vrijheid verloren ze hun bloed. Land, Land, ik ben trouw aan mijn land.’ Het laat zelfs de tegenstanders niet onberoerd.

Het zingen, voor een rugbywedstrijd, van deze emotionele ode gaat terug naar een van de belangrijkste momenten uit de cultuurgeschiedenis van Wales: de rugbyzege op de All Blacks in 1905, de ook toen al almachtige rugbyploeg van Nieuw-Zeeland. De beslissing om Land of my Fathers te zingen was een reactie op de Haka, het intimiderende begroetingsritueel van de mannen in zwart. Op het Cardiff Arms Park won Wales met 3-0, de eerste van de slechts drie overwinningen op de All Blacks. De laatste was in 1953.

Op wereldkampioenschappen en in wedstrijden tegen de supermachten op het zuidelijke halfrond heeft Wales nooit een grote indruk gemaakt, maar op de Britse eilanden is het al sinds het einde van de 19de eeuw de ultieme rugbynatie. De import ervan uit Engeland is wonderlijk. Het gaat hier immers om een Engelse kostschoolsport die met passie omarmd zou worden door de Welshe arbeidersklasse, met name de gespierde mijn- en staalwerkers in het zuiden.

Spoorwagonnetjes

Er zijn tal van verhalen over de relatie tussen rugby en de mijnbouw. Neem de club in het mijnwerkersdorp Blaengarw. De kolen gingen van de mijn rechtstreeks in spoorwagonnetjes en de treinrails liep naast het veld. Geregeld belandde een bal tijdens het spel in een wagonnetje en werd afgevoerd. Al die kolen gingen naar Port Talbot om verscheept te worden. De club had op de ballen het volgende geschreven: Please return to Blaengarw RFC. In Port Talbot werden ze er bij het laden meestal uitgevist en teruggestuurd naar Blaengarw.

In de jaren zeventig won Wales liefst zeven keer de Five Nations. De grote Welshe rugbyheld uit die gloriedagen was Gareth Edwards, die in 1973 de afmaker was van een van de mooiste try’s die ooit is gemaakt, een aanval waar zeven spelers van de Barbarians (een team van Britse spelers) op magnifieke wijze de All Blacks passeerden. Deze scrum-half vormde een uniek duo met Barry John. Toen de twee elkaar voor het eerst op het veld zagen, zei John ‘You throw it, I'll catch it’, woorden die een eigen leven gingen leiden in deze rugbynatie.

Hoewel het voetbal dankzij de sterspeler Gareth Bale en successen van Swansea City de laatste tijd aan populariteit heeft gewonnen, blijft rugby de nationale sport. Gewonnen wedstrijden tegen de grote Engelse broer voelen als nationale feestdagen, zeker nu het Welshe nationalisme weer groeiende is. Dat de steenkoolmijnen al jaren dicht zijn, doet daar niets aan af. Onder leiding van de ‘vriendelijke reus’ Alun Wynn Jones (35) is Wales de afgelopen vijftien jaar uitgegroeid tot het sterkste team bij de zeslandentoernooien.

Verjongingskuur

Na een dramatisch verlopen 2020 (Wales eindigde op de vijfde plek bij de Six Nations) is de natie als een boomerang teruggekomen. Manager Wayne Pivac, net als zijn voorganger Warren Gatland afkomstig uit Nieuw-Zeeland, heeft met succes een verjongingskuur doorgevoerd. Eind februari werd Engeland met 40-24 weggespeeld in een verlaten Millennium Stadium. Met plezier zagen de Welsh de in hun ogen arrogante titelhouder en finalist van het afgelopen WK ook verliezen van Ierland en Schotland.

De hoop was dat Wales voor de vijfde keer deze eeuw het Zeslandentoenooi met vijf overwinningen, ofwel een Grand Slam, zou afsluiten. Les Bleus, echter, waren net iets te sterk in een van de vermakelijkste rugbywedstrijden van de afgelopen jaren.

Frankrijk moet de inhaalwedstrijd komende vrijdag tegen Schotland met dikke cijfers winnen, en daarbij minimaal vier try’s maken, om de titel te veroveren. Wales rekent op de steun van hun Keltische broeders, met wie ze een historische afkeer van Engeland delen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden