Hoe Ferrari aan zijn bevoorrechte status kwam

'Ferrari won al races toen Red Bull nog niet eens een blikje was'

Ferrari is het enige team dat elk jaar miljoenen krijgt, ongeacht het aantal gewonnen races of behaalde punten. Ferrari is Formule 1 en niet omgekeerd. Zondag is de GP van Italië op Monza. Op bedevaart naar de erfenis van Enzo Ferrari.

Kimi Raikkonen van Scuderia Ferrari. Foto epa

Begin dit jaar werd aan 150 duizend F1-kijkers in een enquête gevraagd wat hun favoriete team was. 50 duizend fans wilden slechts één team toejuichen: niet het Red Bull van Max Verstappen, maar Ferrari. Met afstand het succesvolste, rijkste en populairste team uit de geschiedenis van de Formule 1.

Diezelfde aantrekkingskracht heeft het team op de beste technici, coureurs en monteurs: allemaal delen ze de fascinatie voor de allure van het Ferrari-rood. Zo ook de tienduizenden tifosi die zondag zullen juichen voor het team op het Italiaanse circuit van Monza.

Zelfs de Formule 1-directie beseft dat Ferrari een status aparte heeft. Het is het enige team dat elk jaar tientallen miljoenen van de organisatie krijgt, ongeacht het aantal gewonnen races of behaalde punten. Ferrari krijgt betaald puur omdat het Ferrari is.

Daarmee staat Ferrari ook model voor de ongelijkheid in de Formule 1 en dat wil het Amerikaanse mediabedrijf Liberty Media, sinds begin dit jaar eigenaar van de Formule 1, graag veranderen. Is Ferrari inderdaad groter dan de Formule 1, vragen zij zich af, of is het juist andersom? Een reis door het hart van Ferrari-land.

Een inkijkje in het imperium van de Formule 1

Met Max Verstappen is een Nederlander uitgegroeid tot een wereldster in de Formule 1, een mondiale miljardenindustrie. Maar in wat voor sport is Verstappen eigenlijk succesvol? De Volkskrant bezocht dit seizoen de races in Engeland, Italië, Maleisië, Japan en Amerika om de verschillende gezichten van de raceklasse door te lichten. Lees op onze Formule 1-pagina over het verleden, heden en de toekomst van Verstappens wereld.

Modena, de bakermat

Op de Modenese begraafplaats Cimitero di San Cataldo wordt één tombe altijd in de gaten gehouden door de politie: de familietombe van de Ferrari's. Het bouwwerk is niet te missen vanwege de metershoge grijze, Romeinse zuilen aan weerszijden van een smalle deur waarboven in grote letters staat geschreven: Ferrari.

De tombe was in maart nog in het nieuws toen 34 criminelen werden opgepakt, die het plan hadden opgevat de resten van oprichter Enzo Ferrari (1898-1988) te roven in ruil voor losgeld. Dat er driehonderd agenten op de zaak werden gezet, zei genoeg. Van Ferrari blijf je af.

'Voor dit deel van Italië is Ferrari een symbool van vooruitgang en van onze mogelijkheden als volk', zegt Terenzio Gianesini (39), voorzitter van een van de twee Ferrariclubs in Modena. Het automerk is zo populair in de stad dat een fanclub niet genoeg bleek. 'Je kunt onze liefde voor Ferrari misschien wel het best evergelijken met een geloof. Je wordt er mee geboren en je neemt het mee tot aan de dag dat je sterft.'

Ferrari in cijfers

944 Grote prijzen reed het Formule 1-team. De renstal ontbrak nooit op de F1-kalender sinds de introductie van de klasse in 1950.

15 wereldkampioenen leverde het team af. Op dit moment gaat Ferrari-coureur Sebastian Vettel aan de leiding in de WK-stand.

228 races won Ferrari sinds de renstal zich in 1950 inschreef voor de strijd om de wereldtitel.

En inderdaad: wat Maradona voor Napels is, is Ferrari voor Enzo's geboortestad Modena. Het is te zien aan de talloze rode petjes, shirtjes en vlaggetjes die zijn vastgespijkerd aan de muren van vrijwel alle cafés en restaurants in de stad. Overal is het logo met het steigerende paard te vinden, het embleem dat Ferrari 'leende' van de beroemde Italiaanse WOI-piloot Francesco Baracca.

Het is vooral te zien in het in 2012 geopende Museo Casa Enzo Ferrari. Op de plek waar zijn vader een metaalbedrijf had, is het ouderlijk huis van Ferrari zo gedetailleerd mogelijk herbouwd. 'Voor Enzo hier geboren werd, was dit een gebied waar je alleen boer kon worden', zegt Gianesini. 'Net zoals je vader voor je en je zoon na je. Maar dankzij Ferrari konden we hier opeens als ingenieurs werken en onderdeel worden van het grootste merk ter wereld.' Ferrari pompte volgens hem een ongekend zelfvertrouwen in het hart van het naoorlogse Italië.

Een monteur werkt aan een Ferrari in de fabriek in Maranello. Dankzij de fabrikant is het boerendorp sinds 1947 veranderd in een stad voor ingenieurs en technici. Een industrieel centrum vol zelfvertrouwen in het hart van het naoorlogse Italië. Foto getty

'Ferrari is het gezicht van de ontwikkeling', zegt Gianesini. 'We waren een volk van boeren, nu zijn we een volk van geavanceerde industrie. Mensen met oog voor schoonheid en design. Een volk met smaak. Een volk met de beste auto's ter wereld.'

Dus is er voor iemand uit Modena geen grotere eer dan werken voor Ferrari, zegt Jonathan Giacobazzi, de hoogste pr-baas bij de autofabrikant. Sinds hij als kind de Ferrari's door de straten van Modena voelde brullen, had hij maar een wens: het werk doen wat hij nu doet. Giacobazzi: 'Ferrari zit in het bloed bij de mensen uit Modena. Toch is dat vooral de stad van de man Enzo Ferrari. Wie zijn auto's wil begrijpen, en wie de Formule 1 zoekt, moet naar Maranello.'

Maranello, het bedevaartsoord

Het Maranello waarover de Ferrari-directeur praat, is zo'n typisch Italiaans voorstadje met lage, fletse huizen in pastelkleuren afgewisseld met barretjes waar ze droge croissants verkopen. Toch is Maranello anders en wel omdat Enzo Ferrari hier in 1947 zijn autofabriek begon nadat een eerste vestiging in Modena tijdens de Tweede Wereldoorlog door geallieerde bombardementen was verwoest.

Voor Maranello (plusminus 15 duizend inwoners) bleek dat een zegen. Jaarlijks komen er 350 duizend toeristen op bezoek. Of beter: op bedevaart. Tien minuten rijden in een Ferrari F430 Spider? De tifosi tikken de 130 euro met droge ogen af.

De rode auto's rijden in colonne over de Via Abetone Inferiore, de tweebaansweg die loopt tussen de reguliere Ferrari-fabriek en het complex van het F1-team, waar elk jaar rond de 50 duizend sollicitaties binnenkomen.

Enzo Ferrari maakte er geen geheim van dat racen wat hem betreft het ultieme doel was van een automerk. Daarom schreef hij zich in 1950 direct in voor de allereerste Formule 1-race en heeft zijn Ferrari, als enige team in de Formule 1, de raceklasse nooit verlaten. De F1 was voor hem de prestigestrijd voor een technicus, door hemzelf samengevat in zijn bekendste uitspraak: 'Aerodynamica is voor mensen die geen motoren kunnen bouwen'.

Toen hij in 1951 voor het eerst een zijn oude werkgever Alfa Romeo versloeg, moest hij huilen. De loyaliteit aan de Formule 1 heeft Ferrari een bevoorrechte positie opgeleverd. Onder de voormalige F1-baas Bernie Ecclestone bedongen de Italianen zelfs een financieel privilege, de zogeheten 'Ferrari-betaling'. Dat betekent dat het team dit jaar 57 miljoen euro ontvangt, ongeacht de successen op het circuit.

Vreemd? Nee, vindt Armando Laschi, voorzitter van Scuderia Ferrari Club Enzo Ferrari. 'Wij krijgen meer geld dan anderen, want wij betekenen ook meer voor de Formule 1', zegt hij. 'Wij zijn een symbool.' Of in de woorden van pr-directeur Jonathan Giacobazzi: 'Ferrari won al races toen Red Bull nog niet eens een blikje was.'

Laschi maakt samen met zijn consigliere Guido Barbolini graag tijd vrij om in de Red Planet Café, schuin tegenover de ingang van de Ferrari-fabriek, te praten over hun gedeelde liefde. Barbolini heeft drie koffietafelboeken over Ferrari meegenomen. Eentje is zorgvuldig omwikkeld met plastic want gesigneerd door Franco Gozzi, de man die decennia de rechterhand was van Enzo Ferrari. 'Kijk', wijst hij tot driemaal toe. 'Gozzi.'

Onbeschaamd verdedigen zij de bijzondere positie van Ferrari in de F1. Dat heeft niets met arrogantie te maken, zeggen ze. Het is trots. En die trots gaat boven alles.

Behalve als het over Monza gaat; het circuit dat het vaakst op de kalender stond in de F1 (slechts één keer niet, in 1980), maar waar Ferrari al zeven jaren niet meer wist te winnen, ondanks alle privileges. En erkennen dat Ferrari niet langer de beste is, is hetzelfde als toegeven dat ook de Italianen zelf - met hun eeuwenoude geschiedenis van keizers en kunstenaars - de beste tijd achter zich hebben.

Monza, het werkterrein

Het is donderdagmiddag op het circuit van Monza en de traditionele handtekeningensessie in de pitstraat is halverwege. De race begint pas over vier dagen, maar nu al dringen duizenden mannen, vrouwen en kinderen elkaar tegen de dranghekken om een glimp op te vangen van hun helden. Nergens is de sessie zo hectisch als op Monza. Of specifieker: nergens is de sessie zo hectisch als voor de garage van Ferrari op Monza.

Marshalls blazen hun longen leeg op fluitjes om de fans tot rust te manen. Het helpt niet. Sebastian Vettel laat zich zien. Hij is de huidige WK-leider en misschien wel de volgende Ferrari-wereldkampioen in het jaar dat het team zijn zeventigste verjaardag viert.

Vettel, die vier keer wereldkampioen werd bij Red Bull, vindt dat de renstal iets magisch heeft. Wat dat precies is? De Duitser stelt meteen een wedervraag: 'Heb je zelf weleens in een Ferrari gezeten of gereden? Nee? Dat is namelijk het antwoord op je vraag. Het is het gevoel als je in een Ferrari zit. Ik weet het niet precies, maar dat gevoel is in geen enkele andere auto te evenaren.'

Eigenlijk heeft alleen de Nederlandse coureur Max Verstappen op Monza niets van doen met al die Ferrari-verering. En nee, hij hoeft ook niet zo nodig in een Ferrari te rijden. 'Ik wil de snelste auto. Of hij nou grijs, roze, geel of blauw is.' De nieuwe eigenaren van de Formule 1 zouden het liefst hebben dat meer coureurs er zo over zouden denken.

Volgens hen staat het Ferrari-sentiment de toekomst van de koningsklasse in de weg. In januari, direct na de overname, liet Liberty Media-baas Greg Maffei weten een eerlijke inkomstenverdeling na te streven, waarbij het financiële privilege van Ferrari als negatief voorbeeld werd genoemd.

Die kijk op de Formule 1 kan Claire Williams bekoren. Zij is de teambaas van een van de succesvolste F1-teams aller tijden, Williams, dat de laatste jaren echter de boot dreigt te missen. 'Twintig jaar geleden had Williams 250 mensen in dienst en toen wonnen we wereldkampioenschappen. Nu hebben we 800 man aan personeel en we hebben moeite vijfde te worden op de constructeursranglijst.'

Het familiegraf van de Ferrari's op de begraafplaaats Cimitero di San Cataldo in Modena. Foto ap

Volgens Williams komt dat door de inkomensongelijkheid. Zij vindt het essentieel dat er snel een vorm van kostenregulering komt, bijvoorbeeld in de vorm van budgetlimieten en een eerlijkere verdeling van prijzengelden. Het is een van de heetste hangijzers in de Formule 1. Toen het thema in 2009 voor het laatst werd aangesneden, dreigde Ferrari meteen uit de F1 te stappen. Het plan verdween van tafel.

'Ik geloof niet dat welk team dan ook de sport mag gijzelen', zegt Williams. 'Geen team mag zich groter voelen dan de sport. Maar helaas. Nee, niet helaas, realistisch gezien zijn er teams die de F1 nodig heeft. Zoals Ferrari. Het zou verschrikkelijk zijn als zij uit de sport zouden stappen.'

Of in de woorden van Ferrari-directeur Jonathan Giacobazzi. 'Ferrari zonder de Formule 1 is nog altijd Ferrari. F1 zonder Ferrari is ondenkbaar. Ik houd van de F1, dat doe ik al van kinds af aan, maar zonder Ferrari zou ik er niet eens naar kijken.'

Lees verder:

Verstappen probeert positief te blijven, 'maar het wordt steeds lastiger'
Zondag start Max Verstappen in de GP van Italië, een week na het debacle van Spa. 'Ik moet positief blijven.'

De beker gaat vaak niet naar de beste coureur
De Formule 1 is geen eerlijke krachtmeting tussen coureurs. Geld, auto, team: het vertroebelt de prestatie. De invloed van Max Verstappen? Zo'n 14 procent (+).

Wees geduldig, Verstappen. Red Bull is zo slecht niet
Max Verstappen is ongelukkig. Zijn Red Bull is traag en onbetrouwbaar. Tijd om te verkassen, roepen de fans. Niet doen, menen insiders. Hij wordt elke race een betere Formule 1-coureur (+).

Meer over