Hoe een coach waterbuffel wordt

De directeur van een klein bedrijf dat handelt in software om voetbalwedstrijden te analyseren, dacht al aan een doorbraak. De bondscoach van een groot voetballand had besloten zijn software te gebruiken. En binnenkort zou de directeur van het kleine bedrijf mogen vermelden dat hij samenwerkte met de beroemde coach.

Maar de coach van het grote voetballand kwam in de problemen doordat hij een paar wedstrijden verloor. En grote voetballanden hebben de neiging in paniek te raken als ze een paar wedstrijden verliezen, omdat ze geen klein voetballand willen worden.

En dus e-mailde de coach de directeur dat hij niet meer met hem kon samenwerken.

Waarom? ‘Hij vreesde dat de kranten zich tegen hem zouden keren’, zegt de directeur. ‘Dat hij als een excentriekeling gezien zou worden. Dat kon hem zijn baan kosten.’

Hij keek er sip bij, de directeur, die beklemtoonde dat hij dit allemaal niet mocht vertellen, en het leek even alsof hij ging huilen.

Indirect zat de massa de directeur dwars. De bondsbestuurders steunen hun innovatieve coach, maar ze weten dat als de kritiek in de media aanzwelt, er een dynamiek kan ontstaan die een invloed op zichzelf wordt. Slimme bestuurders en coaches proberen zo’n discussie te vermijden.

Hoe? Door conventioneel over te komen – of in elk geval niet onconventioneel.

En dus niet af te wijken van de breed gedragen opvattingen over voetbal zoals we die kennen uit de voetbalpraatprogramma’s. Sinds voetbal massavermaak is geworden, heeft bijna iedereen een mening over voetbal – wat goed voetbal is, wie een goede trainer is, wat wel en wat niet hóórt. Die mening is niet altijd eensluidend – al weten bijvoorbeeld Ajaxfans vrij goed wat wel en niet des Ajax is – maar discussies volgen vrijwel altijd voorspelbare patronen, voorzien van pasklare opvattingen die als argumenten dienen: de aloude voetbalwijsheden.

Gevaar


Afwijken van deze canon is niet zonder gevaar. Zoals Elias Canetti schrijft in Massa en macht: ‘De massa heeft een dodelijke haat tegen alles wat buiten haar staat.’

Dick Advocaat weet ervan. Op het EK in 2004 wisselde hij in de wedstrijd tegen Tsjechië bij een 2-1-voorsprong aanvaller Arjen Robben voor middenvelder Paul Bosvelt. Of dat van invloed was op de 3-2-nederlaag is de vraag, maar de massa vond dat Advocaat had gezondigd tegen de Nederlandse voetbalwet dat aanvallen de beste verdediging is. De golf van verontwaardiging die volgde op ‘De Wissel’ leidde ertoe dat Advocaat – een zeer succesvolle coach – na het EK ontslag nam.

De massa in een massasport weerstaan, is zo moeilijk dat coaches het zelden doen. Maar het kan lonend zijn, zoals blijkt uit het verhaal van de honkbalcoach Billy Beane. Eind jaren negentig was zijn ploeg, de Oakland A’s, financieel in de problemen gekomen. Wie geen geld heeft, moet slim zijn, en dus ging Beane op zoek naar nieuwe werkwijzen.

In zijn zoektocht stuitte hij op publicaties over honkbal uit de jaren zeventig, die destijds waren afgedaan als geraaskal. Beane zag er wat in, liet jonge statistici herberekeningen uitvoeren, en ontdekte dat allerlei oude honkbalwaarheden niet klopten.

Daarop besloot Beane niet meer te luisteren naar de verkondigers van die ‘waarheden’. Binnen de club leidde dat tot conflicten. De oud-honkballers die er nog als scout werkten, hadden een hekel aan die bebrilde doctorandussen met hun laptops. Brillen, academische titels en laptops waren immers niet des honkbals.

De overige clubs negeerden het experiment in Oakland goeddeels, zelfs toen de A’s meer wedstrijden wonnen dan de grote New York Yankees. Totdat het boek van Michael Lewis over Beane verscheen, Moneyball. De halve honkbalwereld – coaches, journalisten, tv-analisten – viel over Beane heen. Hij zondigde tegen heilige honkbalwetten! Maar de verontwaardiging kon Beane niet meer deren, want hij boekte goede resultaten.

Juist door uit de massa te stappen, maakte Billy Beane het verschil. Wat tot de vraag leidt: waarom deden de andere ploegen dat niet?

In The Wisdom of Crowds geeft James Surowiecki hiervoor een verklaring. In zijn boek betoogt hij dat de massa, mits samengesteld uit onafhankelijke individuen, slim is. Vandaar dat het vaak een goed idee is om de massa te imiteren – dat is het principe achter bijvoorbeeld de eetwebsite Iens.nl. Maar zodra de meerderheid de imitatiestrategie volgt, is de massa niet meer slim, maar een clubje dat elkaar nadoet zonder zelf te denken.

Dat is precies wat er in het honkbal gebeurde – coaches volgden de bestaande honkbalkennis, zonder zelf te zoeken naar nieuwe ideeën.

Waarom ze dat niet deden? Ten eerste omdat mensen zoeken naar zogeheten sociaal bewijs: ‘Als niemand anders statistische methoden gebruikt, zal het wel niet werken.’ Ten tweede was de keuze voor conventionele strategieën een veilige keuze. Immers, als je als honkbalcoach faalt, is het voor iedereen zichtbaar. En dus is de prikkel om volgens conventionele methoden te werk te gaan groot, want dan doe je het in elk geval niet fout.

‘Net zoals waterbuffels samenscholen als er een leeuw aankomt, vinden coaches, vermogenbeheerders en directeuren de veiligheid van de massa aanlokkelijk’, schrijft Surowiecki.

Eindeloos


Ook het voetbal staat bol van zulke veilige, conventionele kennis: Je moet van afstand schieten als het veld nat is; een bestuurder moet een voetbalachtergrond hebben; keepers zijn geen goede trainers; dit elftal mist een ervaren speler. De lijst is eindeloos.

De Duitse sportwetenschapper Roland Loy besloot deze ‘waarheden’ te onderzoeken aan de hand van drieduizend wedstrijden. Zeven jaar later was hij klaar. Wat bleek? Weinig waarheden waren waar.

Waarom ze dan toch blijven bestaan? ‘Wie zulke uitspraken jarenlang, week in week uit, heeft gehoord, komt waarschijnlijk helemaal niet meer op het idee dat zulke subjectieve theorieën volslagen onzin zouden kunnen zijn’, schrijft Loy in Das Lexikon der Fussballirrtümer (‘De encyclopedie van voetbalmisvattingen’).

Waarschijnlijk zijn er coaches die twijfelen aan de voetbalconventies. Toch doen ze er verstandig aan er niet te veel van af te wijken, zegt de Schotse econoom Bill Gerrard. ‘Ook als je competent bent, is de kans dat je wedstrijden verliest groot, want geluk speelt een grote rol in het voetbal. Maar voor verlies bestaat weinig begrip, en daarom worden coaches zo snel ontslagen.’

Vandaar dat het verstandig is om niet al te vernieuwend te zijn, zegt Gerrard. ‘Als je de aloude methoden hanteert, kun je zeggen dat je pech had. Als je iets ongebruikelijks doet, kun je als idioot worden gezien, en nooit meer aan het werk komen.’

Kortom: het is zeer rationeel je te gedragen als een waterbuffel.

Het verklaart de houding van de bondscoach van het zeer grote voetballand tegenover de directeur van het zeer kleine softwarebedrijf. Hij wist dat er een verband zou worden gelegd tussen de tegenvallende resultaten en zijn innovatieve werkwijze. ‘Terwijl hij tegen mij zei dat nederlagen eerder aan een tekort aan innovatie zouden liggen’, zegt de directeur. Vandaar ook dat de coach de software stiekem bleef gebruiken.

Hoe nu te ontsnappen aan deze vicieuze cirkel? Billy Beane heeft tips. Bijvoorbeeld: maak van armoede je voordeel. ‘Het is een voordeel’, zegt hij, ‘omdat niemand het je dan kwalijk kan nemen als je experimenteert.’

Een andere tip: profiteer van je status als ex-prof. Beane: ‘Als ex-prof ben je geloofwaardig voor het establishment. Dat geeft ruimte om te vernieuwen.’ Als Billy Beane iets voorstelde, was het minder snel te ridiculiseren.

Een slimme voetbalclub stelt dus een ruimdenkende oud-voetballer aan met een conservatief uiterlijk. Vervolgens bezigt die op persconferenties uitsluitend clichés. Ondertussen vernieuwt hij stilletjes, en hoopt hij op een beetje geluk – zoals zelfs de briljante vernieuwer Louis van Gaal zegt nodig te hebben.

Dus wanhoop niet, als de trainer van je favoriete club weer eens de gruwelijkste clichés uitslaat. Hoewel het niet waarschijnlijk is, kan hij zomaar een genie in vermomming zijn.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden