Hockey Jaap Stockmann

Hockeydoelman Jaap Stockmann neemt afscheid na het winnen van de Finale van de Euro Hockey League

Stockmann viert de overwinning op Kampong. Beeld ANP

Natuurlijk had hij wel eens gedroomd over zijn laatste wedstrijd. Toegezongen worden door een schare fans, grote beker in zijn handen, op de schouders bij zijn ploeggenoten. Ja, zoiets leek Jaap Stockmann, doelman van Bloemendaal, wel wat. Maar ja, wie was zo’n afscheid nou gegund?

Afgelopen winter maakte Stockmann, in 2014 uitgeroepen tot beste doelman van de wereld, bekend dat hij zou stoppen. Een topsportleven combineren met een maatschappelijke carrière, dat ging nog net. Maar toen duidelijk werd dat hij eind juli vader ging worden, was de knoop snel doorgehakt: dit seizoen zou zijn laatste worden onder de lat bij Bloemendaal.

Met zijn ploeg staat hij zondagmiddag in de finale van de Euro Hockey League, de Europacup voor hockeyteams, dit jaar georganiseerd op eigen terrein, aan de rand van duinen. Tegenstander is Kampong. Het is voor Bloemendaal de laatste kans om een mislukt seizoen, waarin het al vroeg in de play-offs werd uitgeschakeld voor de landstitel, goed te maken.

Op de tribune zingen de onvermoeibare fans van de thuisclub ‘Japie, Japie, deze is voor jou’. De zon straalt en de lucht kleurt oranje van het vuurwerk. Bloemendaal komt achter, Stockmann vreest voor een nachtkaars-scenario. Maar dan, in het tweede gedeelte van de wedstrijd, loopt zijn ploeg steeds verder uit. Het wordt 8-2, de cup is binnen.

Nadat hij is bedolven onder zijn teamgenoten, is Stockmann sprakeloos. ‘Ongelofelijk dit’, stamelt hij. Het afscheid is nog mooier dan hij zich vooraf had kunnen bedenken.

Stockmann begon met keepen ‘omdat ik wilde staan, daar waar het spel het interessantste is en de verantwoordelijkheid voor het resultaat het grootst.’ Zaterdagavond, met de voetjes op de bank, zag hij nog hoe Liverpool-doelman Karius twee maal blunderde. Zo kwetsbaar is een doelman dus.

Gelukkig blijft hem een dag later zo’n optreden bespaard. Sterker nog, Stockmann noteert een paar indrukwekkende reddingen. Na afloop haalt hij zijn schouders op. ‘Je weet dat je in zo’n finale niet veel te doen krijgt. Maar wat je doet, moet je dan goed doen. Daar sta ik voor.’

Stockmann en Fuchs na de finale. Beeld ANP

Trainen met een judoka

Altijd is hij op zoek geweest naar manieren om beter te worden. Hij trainde met judoka Elco van der Geest om zijn voetenwerk te verbeteren en stond op het trainingsveld van AZ om zich te meten met collega Esteban.

‘Die training ging eigenlijk best oké’, herinnert hij zich, ‘ook al stompte ik de meeste ballen weg. Als hockeykeeper hoef je een bal nooit te vangen. En het doel in voetbal is groter, dus het gebeurde een paar keer dat ik ballen liet gaan waarvan ik dacht dat ik die hoek had afgeschermd. Aan de andere kant is hockey een sneller spelletje, met een kleinere bal. De spelers stonden te kijken van mijn reactievermogen.’

Katachtige reflexen, tactisch sterk, zo stond Stockmann bekend. Enige smet op zijn carrière: een te lege prijzenkast. Met Oranje won hij alleen een Europese titel, geen wereldkampioenschap of Olympische Spelen. Stockmann aarzelt. ‘Een prijzenkast is nooit vol genoeg voor een topsporter, tenzij je Roger Federer heet. Je verliest in je carrière nu eenmaal meer dan dat je wint. Het is de kunst om die successen te koesteren.’

Liever HIL dan Oranje

In 2016 bedankte hij voor Oranje. Hij had geen zin om mee te draaien in het door bondscoach Max Caldas bedachte roulatiesysteem. ‘Anderen zouden misschien braaf hebben gedaan wat de bondscoach hen opdroeg, maar zo zit ik niet in elkaar. Ik heb altijd mijn hart gevolgd, ook in deze kwestie. Nooit spijt van gehad.’

Vraag hem niet naar een hoogtepunt. Daarvoor is zijn loopbaan te veelomvattend geweest, met vijf kampioenschappen, 140 interlands voor Oranje en drie deelnames aan de Olympische Spelen. ‘Misschien India’, zegt hij. ‘Dat heeft me als mens verrijkt.’

Stockmann was een van de spelers die meedeed aan de Hockey India League (HIL), een lucratief toernooi in de winterstop, waar spelers per opbod werden gekocht. ‘Ik heb gespeeld met Indiërs, wier familie onder een golfplaat leefden. Met hockey konden ze voor jaren hun familie onderhouden. Dat zorgde voor een hele andere beleving van sport.’

Ook leerde hij er dingen los te laten. ‘Ben je wel eens in India geweest? Het is het meest chaotische land dat ik ken. Zo wordt er ook gespeeld. In het begin keek ik er nog van op dat de linksachter op rechtsbuiten speelde. Dan begon ik te roepen en te schreeuwen dat ze moesten terugkomen. Op een gegeven moment leer je dat het vanzelf wel goed komt.’

Komende week vertrekt hij voor een korte vakantie naar Italië. Daarna wordt het luiers verschonen, een nieuwe periode in zijn leven. Grijnzend: ‘Eens kijken hoe dat nou bevalt, een vrij weekend.’ En daarna? Geen idee nog. ‘Een ding is zeker: het komende jaar raak ik geen hockeystick aan. ’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.