Column Willem Vissers

Het zou mooi zijn als we vaker in de zogenoemde vijand een vriend leren zien

Op de Citadel van Amman stierf het Hebreeuwse Hallelujah uit de song Everyday life van Coldplay weg, exact op het moment dat de zon zakte achter de horizon. En meteen na zonsondergang klonk de oproep tot islamitisch gebed. De verbinding was perfect, de regie tot de minuut uitgekiend.

Met een liveoptreden in Jordanië presenteerde de band Coldplay nieuwe muziek, een wonderlijke samensmelting van pop, jazz, soul, folk, wereldmuziek, kerk en moskee. Teksten over wereldproblematiek, over verlangen naar verbinding vooral.

Ik kan bijna niet aangeven hoeveel ik genoot van het feeërieke concert, live via YouTube. Daar kon de sport niet overheen dit weekeinde. Ik bleef derhalve hangen aan de bizarre uitspraak van Marco van Basten. Hij zei Sieg Heil in een uitzending van Fox Sports, na een interview van Hans Kraay met de Duitse trainer van Heracles, Frank Wormuth. Analist Van Basten reageerde op het steenkolenduits van Kraay. Hij riep het gewoon, olijk, met Amsterdams accent.

De voormalige topvoetballer was niet in beeld. De microfoon stond open. Het was een foute grap, en dat uitgerekend in de week dat het voetbal een minuut niet voetbalde om de opgelaaide strijd tegen racisme kracht bij te zetten.

Van Basten, een flapuit soms, heeft vaker iets per ongeluk in een registrerende microfoon geroepen. Hij stamt uit een tijdperk waarin foute grappen konden, althans, waarin velen ze maakten, zeker als je onder elkaar was. Als ik met terugwerkende kracht straf kreeg voor al mijn foute grappen, zat ik opgesloten in de diepste kerker.

Is Van Basten dan meteen een racist of een sympathisant van de nazi’s? Hou toch op. Het is alleen een gevoelige tijd in de maatschappij, en dus in de sport. De ene groep zegt dat racisme in Nederland een kwestie is van incidenten. Anderen denken dat het overal woekert onder de oppervlakte, ook in de sport, in volkssport voetbal met name, en af en toe lelijk naar boven schiet. Alles is aanleiding tot polemiek, mede door de snelheid van nieuws. Op alles en iedereen is commentaar. 

Ik zit bijna vijftig jaar op voetbal, maar ik heb weinig tot niets meegemaakt op dat front. Jaja, ik ben een witman, dan ben je geen slachtoffer van racisme. Maar toch: bijna altijd fijne wedstrijden, met gezellig samenzijn. Dit seizoen hadden we wel een akkefietje met het team van mijn jongste zoon. De bondsscheidsrechter stuurde de donkere coach van de tegenpartij achter de afrastering vanwege commentaar, waarop een van de toeschouwers naar de scheidsrechter riep: ‘Racist’. De scheidsrechter staakte de wedstrijd.

Ik vroeg of we samen een kopje koffie konden drinken en dan verder, maar de situatie was te heet voor koffie en dus spelen we binnenkort nog een half uurtje. Het zou mooi zijn als we vaker koffie dronken samen. Of tot tien telden. Dat we echt verbinden, zoals Oranje dat probeert te doen, zoals dat op duizenden voetbalvelden gebeurt. Dat we in de zogenoemde vijand een vriend leren zien.

Op de Citadel van Amman zong Coldplay: How in the world am I going to see, you as my brother, not my enemy?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden