INTERVIEW

Het sobere bestaan van een beginnende proftennisser

De wereldtoppers in de tennissport strijken miljoenen op, de meerderheid sprokkelt voor een fooi zijn ATP-punten bij elkaar. De inkomensongelijkheid wordt alleen maar groter. Toch gelooft Sebastiaan Bonapart in zijn droom.

Rafael Nadal (links) en Roger Federer slaan een balletje op een 'aquatische' tennisbaan in de Perzische Golf ter promotie van de Qatar Open in de hoofdstad Doha, januari 2011.Beeld AP

Zijn foto van een hotelkamer in Kazachstan, waarin een waslijn is gespannen om de kleding te drogen, illustreert het sobere bestaan van een beginnende proftennisser. Sebastiaan Bonapart behoort tot de vele gelukzoekers en armoedzaaiers in de kelder van de ATP Tour.

Met 9 ATP-punten eindigde de 20-jarige Bonapart zijn debuutseizoen in 2014 als nummer 1.067 van de wereldranglijst. Ook zijn 17-jarige broer Casper - al Nederlands kampioen tot 16 jaar - hoopt de sprong naar het profcircuit te maken.

Hun ouders financieren die missie zoveel mogelijk. 'Het gaat niet vanzelf', zegt Sebastiaan Bonapart, die evenals zijn broer traint op de tennisacademie van coach Tjerk Bogtstra en diens compagnon Tom Kempers in Doorn. 'Mijn ouders rijden in een kleine auto, we gaan nooit met vakantie en verhuizen binnenkort naar een kleiner huis. Nieuwe schoenen kopen we zelden. Anders is het niet op te brengen.'

Het besparen op reizen naar het buitenland begint al bij het boeken van de tickets. Bonapart vloog van Schiphol naar Kazachstan voor het kleinste proftoernooi, een Future met een prijzengeld van 10 duizend dollar. Maar de reis ging eerst per trein naar Brussel. 'Heel omslachtig, maar vanaf Brussel was het ticket 150 euro goedkoper. Daarmee verdiende ik weer een ticket voor mijn volgende trip naar Marokko.'

Na een binnenlandse vlucht vanaf Almaty kwamen de Nederlandse tennissers aan in de speelstad Shimkent. Bonapart: 'Dat vliegveld leek wel een huiskamer. Toen we een agent vroegen waar het toilet was, wees hij naar een gat in de grond. Het hotel viel mee. Voor iets meer dan 60 dollar konden we met zijn tweeën een kamer delen, recht tegenover het tennispark.

'De kwaliteit van de banen was veel minder dan we in Nederland gewend zijn. Na afloop van de partijen gingen enkele bejaarden met een schoffeltje het gravel egaliseren.'

Zuinig leven was het devies in Kazachstan. Bonapart: 'Kleding wassen kostte in het hotel in Shimkent 1,50 euro per shirt. Dat tikt aan met 20 shirtjes en broekjes voor een week. Van dat geld kun je weer een dag je hotel betalen.

Sebastiaan Bonapart

Waslijn

'Mijn kamergenoot had wat zeepjes van huis meegenomen en zo deden we onze eigen was. Voor 2 euro kochten we 30 meter waslijn. Die knipten we in stukken en hingen we op in de kamer om de kleding te drogen. Hadden we weer 30 euro verdiend.

'Het lijkt niks, maar tel al die kleine bedragen op en ik kan een extra trip maken. Zelfs op het eten konden we besparen. De meeste jongens aten voor 10 euro in een restaurant. Op de tennisclub had je voor 2 euro en 60 cent een paar kippenpoten, Kazachstaanse linzen en een bord pasta.

'Ze komen na drie toernooien je neus uit. Maar als je tien keer op de club dineert, heb je weer 75 euro minder uitgegeven. En dat scheelt op een reis van drie weken.'

Van het prijzengeld in de Futures kan Bonapart niet leven. 'De tweede ronde van het hoofdtoernooi in Kazachstan leverde me 160 dollar op en daar ging 20 procent belasting vanaf.

'Op het derde toernooi kreeg ik voor mijn plaats in de halve finales 500 dollar. Ik hield na drie weken omgerekend 400 euro over. In Kazachstan verdiende ik wel 7 punten voor de wereldranglijst. Voor mij was die reis meer dan geslaagd.'

De hotelkamer van Sebastiaan Bonapart in Kazachstan.

Vechtpartij

In Casablanca ging alles mis. Bonapart en en zijn twee collega's ontsnapten eerst aan een vechtpartij op de taxistandplaats en liepen voor het toernooi een voedselvergiftiging op. 'Ik ben vijf dagen non-stop van het toilet naar mijn bed gelopen', vertelt Bonapart. 'We zijn nog naar de club gegaan. Maar al in de bus moesten we overgeven. Ik heb nog even naast de tennisbaan geslapen. Maar ik kon geen stap verzetten en gaf mijn partij na enkele games op. Bij een apotheek kregen we stapels pillen mee, waarna we uit voorzorg de dopinglijst hebben gecheckt.

'Op die medicijnen stonden alleen Arabische teksten, terwijl ze in landen als Marokko toch al te gemakkelijk antibiotica voorschrijven. We besloten geen kuur te volgen en met paracetamol te herstellen. In het tweede toernooi wist ik me net niet te plaatsen voor het hoofdtoernooi. Dan ben je twee weken verder, heb je nul punten verdiend en heeft die trip met welgeteld 80 dollar aan prijzengeld alleen maar geld gekost.'

De grootste overwinning heeft Sebastiaan Bonapart al behaald op zichzelf. 'Als ventje van 12 jaar was ik de nummer 35 van Nederland. De bondstrainers zeiden dat ik hooguit de beste speler van Zeist zou worden. Op dat moment verging mijn wereld.

'Maar de toptien van mijn lichting is allang gestopt met tennis. Die jongens staan nu in de kroeg. Ze begrijpen niet waarom ik in Shimkent en Casablanca vrijwillig door de stront ga om mijn droom te realiseren.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden