Het nieuwe krachthonk op de PSV Academy.

Reportage Jeugdcomplex PSV

Het nieuwe jeugdcomplex van PSV is een voetbalparadijs

Het nieuwe krachthonk op de PSV Academy. Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Donderdag opende PSV de deuren van een nieuw jeugdcomplex: kosten 10 miljoen euro. Uit noodzaak. Opleiden blijft de levenslijn van het Nederlandse voetbal.

Cabaretier Theo Maassen, aangesproken als de mogelijk bekendste supporter van PSV (‘goh, wat leg je de druk weer hoog’), draagt een T-shirt met een foto van de legendarische strafschop van Panenka in 1976 tegen de Duitsers. Als prominent Eindhovenaar is hij te gast bij de opening van de nieuwe jeugdacademie van PSV. Ook hij staat versteld van de pracht en praal van het opleidingspaleis tot profvoetballer. ‘Daaraan zal het niet meer liggen.’

Wel legt hij een verband met soberheid en relatieve armoede waaruit veel topsport ontspruit, al is dat ook een graag geschetst, wat clichématig verhaal. ‘Ik hoop dat al die pracht de honger naar succes aanwakkert, want daar gaat het uiteindelijk om. Ik ben aanhanger van de Amerikaanse sportcultuur. Wie het niet haalt, valt onverbiddelijk af, zonder vangnet.’ Met de hem kenmerkende lach: ‘Wij in Nederland zijn toch watjes. Maar alles is top hier. Schitterend.’

Na nog een kwinkslag sluit hij weer aan bij de rondleiding: ‘Nu moet alleen Jeroen Zoet nog een paar kilo afvallen.’ Zoet is ook opgeleid door PSV. Hij is doelman van het eerste elftal en traint ­pakweg tweehonderd meter verderop, op de velden van het eerste elftal, die ­samen met de nieuwe PSV Academy de PSV Campus De Herdgang vormen.  Een sportclub is nooit af, maar qua accommodatie is het donderdag even tijd voor champagne bij de academie. In de uren voor de vreselijke opvoering van PSV 1 ­tegen Haugesund, glorieert de school van de toekomst.

Trots dwarrelt neer op het loof van de bossen aan de Oirschotsedijk. Euforie is voelbaar. Voor 10 miljoen euro is vertimmerd aan de PSV Academy, die aanhaakt bij de innovatieve regio. De slimste regio van de wereld, volgens menigeen. Brainport, met de High Tech Campus. Liggend in de natuur en dicht bij stad en stadion. De mogelijkheden tot uitwisseling van kennis op elk gebied zijn vrijwel onbeperkt.

De Mexicaanse spelers van PSV spreken weleens over ‘el paradiso’. Zoveel rust als het complex uitstraalt. Het geluid van fluitende vogels en getrap tegen ­ballen duelleert met elkaar. Het veld waar Jong PSV voetbalt is hybride, zoals dat heet, met 60 procent natuurgras en 40 procent kunstgras. De zon valt zo over het gras dat het bijna onnatuurlijk glimt, alsof het spriet voor spriet is gepoetst. Het decor is bijna onwerkelijk.

Ernest Faber, hoofd opleiding van PSV, voert het woord bij de opening van de PSV Academy. Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

In die entourage lopen vooral jongens rond in alle kleuren van de hedendaagse maatschappij, gestoken in het oranje van de trainingskledij van dit seizoen. Ze bevolken de kleedkamers en het krachthonk. Krachtzaal eigenlijk, en gymzaal, waar ook andere sport wordt bedreven, om andere spieren te leren gebruiken. Op de muur staan de bewegingen ­beschreven voor een brede motorische ontwikkeling. Balanceren en vallen. Springen en landen. Stoeien en vechten.

Bij de ingang hangt een plaquette voor de vrijwilligers, ‘de ongekroonde koningen van het voetbal’. PSV benadrukt ook hier het familiaire karakter, het gevoel van welkom zijn. Spreuken op de muren, in het Nederlands en soms in het Engels. ‘Hard werken verslaat talent als talent niet hard werkt.’ Een perszaal waar jongens en meisjes les krijgen, ook door de opkomst van social media.

Nee, PSV wil geen monddode voetballers, geen Noord-Koreaanse eenheidsworst, maar verstandige voetballers die de weg weten in de door media beheers­te beeldcultuur. Er is een gezonde keuken, een foodapp, alles is af. Hoofd opleiding Ernest Faber draait de appels in de manden op de hoeken van de tafels zo dat de steeltjes allemaal omhoog steken.

De ster

Ibrahim Afellay (33) lacht. Het is zo mooi hier. Nee, een ‘mindroom’ had je niet in zijn jonge jaren. Alles in opleidingsland is geëvolueerd. Hij zit in de kleedkamer van Jong PSV tijdens de rondleiding. Op de kastjes boven de stoeltjes staan geen namen en rugnummers. Er zijn geen vaste plaatsen. Dat is bewust zo gedaan. De hoogste jeugdelftallen mogen geen vast en vertrouwd honk zijn. Hier moet een voetballer zo kort mogelijk willen acteren, met de ambitie om door te stromen naar het eerste elftal. Dynamiek staat centraal.

Afellay herinnert zich de dagelijkse treinrit van Utrecht naar Eindhoven, een jaar of twintig geleden. Soms liep hij van het station naar de Herdgang. ‘Een heel eind.’ Alles is beter nu. ‘Dit is echt de crème de la crème. Het ontbreekt hier echt aan niets. Vroeger was er soms niet eens stromend water uit de douches. Dan ging ik in mijn voetbalkleren weer naar huis. Deze kleedkamer is echt Champions League. Maar uiteindelijk gaat het om de prestatie. Dat blijft hetzelfde.’

Hij is het symbool van de jongensdroom. Opgeleid door PSV, als meervoudig landskampioen vertrokken naar de misschien mooiste club van allemaal, Barcelona, om daar de Champions League te winnen in 2011.

Nu is hij terug, al heeft hij bij vorige clubs mede door blessures niet veel gespeeld en wacht hij geduldig op de dag van zijn rentree in het eerste elftal. Trainer Mark van Bommel benoemde hem zelfs tot aanvoerder. Een datum plakt de oud-international niet op zijn rentree, om het publiek en vooral zichzelf niet teleur te stellen. Maar hij passt en trapt nog als de beste, weten ze intern bij PSV.

Zijn techniek is ongeëvenaard als de oude straatvoetballer die hij is, het voorbeeld voor menigeen voor wie de droom nog gestalte krijgt. Hij verricht derhalve de officiële opening, met aanvoerder Jeslynn Kuipers van PSV Vrouwen, want de club doet ook serieus aan vrouwenvoetbal, en een ventje met de prachtige voetbalnaam Tommy Toet. Hij antwoordt op de vraag wat hij hier het mooist vindt: ‘De velden.’

Aanvoerder Ibrahim Afellay en directeur Toon Gerbrands in een kleedkamer. Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

De opleider

Ernest Faber leidt rond. Ja, vroeger was de opleiding sober en nu bijna overdadig. Of dat slecht is voor de honger, zoals Theo Maassen suggereert? Tijd verglijdt. Clubs evolueren, sport ook, net als jeugd. Jeugd weet alles, althans veel. De tijd van zomaar een opdracht geven aan een jonge sportman is voorbij. Faber: ‘De ­wereld is totaal veranderd. Je kunt geen onzin vertellen. Ze checken alles. Je komt niet weg met een verhaaltje.’

Zijn zoon, voetballer bij buurclub FC Eindhoven, scheurde een knieband en ging op zoek naar filmpjes over operatie en revalidatie. ‘Die hoef je niets wijs te maken. Onze opleiding is holistisch.’ Hij bedoelt: een vervlochten geheel waarin alle aspecten van het mensdom centraal staan en met elkaar te maken hebben, in elkaar grijpen.

Hij praat over de zeven pijlers van de opleiding: technisch, tactisch, fysiek, mentaal, leefstijl, medisch, teamontwikkeling. Faber debuteerde in het eerste elftal in 1992, in de strijd om de toenmalige Super Cup tegen Feyenoord, nadat hij sinds zijn 12de lid was van PSV. PSV was destijds een koopclub. Het was best moeilijk voor ­eigen jongens om door te breken. ‘De voldoening was zo groot, toen ik het eerste had bereikt.’

Nu is hij hoofd opleidingen, in een ­totaal andere tijd. Met de mobiele telefoon heeft iedereen een zakcomputer bij zich, die soms afleidt van de hoofdzaak, maar ook een voortdurende bron van kennis is. Iedereen is een klik van de schijnbare oplossing verwijderd, van de waarheid.

Vandaar de steeds hogere eisen, ook door concurrentie van andere voetbalscholen: Ajax, AZ, Feyenoord, Vitesse, FC Utrecht. De opleiding is bedoeld als universiteit. Een dagopleiding in voetbalontwikkeling. Elke dag trainen, elke dag zijn trainers beschikbaar. Er zijn ­studie- en slaapzalen. En de jeugd gaat ook buiten de academie naar school, want PSV wil dat niemand het contact met de echte wereld verliest omdat hij vrijwel voortdurend in het voetbalparadijs vertoeft.

Noodzaak

Opleiden is de heilige bron van het ­Nederlandse voetbal, de aanvoerlijn ook naar de eredivisie, die weer een leerschool is voor het buitenland. En het buitenland komt hier. De Brit Mason Mount bijvoorbeeld voetbalde woensdag met Chelsea om de Super Cup tegen Liverpool. Hij speelde twee jaar geleden een seizoen bij Vitesse. Alexander Zintsjenko is geregeld basisspeler bij Manchester City. Hij voetbalde een seizoen bij PSV.

Engeland leidt bijna niet meer op, stelt Toon Gerbrands, de algemeen directeur. Althans, de opleiding is een serieuze zaak, maar het eerste elftal wordt gewoon gekocht, want de stap van de jeugd naar de hoofdmacht is simpelweg te groot. De jongens uit menig Britse opleiding doen derhalve ervaring op in redelijk sterke competities als die van Nederland.

Gerbrands, man van metaforen, leent even een anekdote van collega Rummenigge, de baas van Bayern München. Die zei zoiets als: ‘Voetbal is als een flatgebouw. Bayern zit op de zeventiende verdieping. Wij van PSV ongeveer op de ­dertiende verdieping. Daartussen zit geen lift. Je moet klimmen. Van 13 naar 14, naar 15, 16 en 17. Als het onderweg fout gaat, sodemieter je naar beneden.’ Wat hij wil zeggen: Bayern koopt voetballers voor het eerste elftal, want uitzonderingen daargelaten is de zeventiende verdieping te hoog gegrepen voor scholieren van de voetbalopleiding.

Bij PSV kan het nog. Naar de dertiende verdieping klimmen, is te doen. Het moet mogelijk blijven te leveren aan het eerste elftal, of als dat uiteindelijk niet lukt, naar andere clubs uit het betaald voetbal. Het huidige eerste elftal is het ­levende bewijs: Afellay dus, Zoet, Gakpo, Hendrix, Sadilek, Lammers, Malen, ­Rosario en Bergwijn, al waren die een tijd van Ajax. Ihattaren, niet te vergeten. En tenslotte Tommy Toet en al die anderen, leerlingen op de universiteit van het voetbal.

Lees meer over PSV:

PSV komt in slotfase met de schrik vrij tegen Noren, en plaatst zich voor de play-offs van de Europa League.

PSV wil over vier jaar structureel tot de 32 beste clubs van Europa behoren.

Sportief is het te verdedigen, commercieel ook, maar de supporters van PSV hebben zondag stil protest gevoerd tegen het sinds dit seizoen ingevoerde aanvangstijdstip van eredivisiewedstrijden op zondagavond 20.00 uur

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden