Het Nederlands voetbal is toe aan een nieuw begin

Het Nederlands voetbal hunkert naar een andere filosofie. Misschien is het beter om soms te vergeten dat Nederland een groot voetballand is.

Het leek onmiskenbaar een afscheid van de oude generatie, Robin van Persie raakte geblesseerd tijdens zijn invalbeurt tegen Frankrijk en ontbreekt tegen Bulgarije. Beeld Guus Dubbelman

Johan Cruijff is dood. Louis van Gaal is gestopt. Twee van de belangrijkste vormgevers van het Nederlandse voetbal zijn van het podium verdwenen. Misschien is dat een signaal, of anders het ideale moment om opnieuw te beginnen. Een aanzet tot nieuw denken, nieuw doen, nieuwe spelers, nieuwe velden van welriekend gras, tot een nieuwe supportersclub Oranje aan toe, met een bestuur dat geen feestjes bouwt van de contributie van de leden.

Het verleden meenemen naar de toekomst, als een boek vol pracht en wijsheden, en niet als blok aan het voetbalbeen. Oud-international Jérôme Rothen van Frankrijk zei na de 4-0 tegen Oranje dat het pijn doet om spelers van wie 'we' zo hebben genoten, te zien lijden.

Arjen Robben, Robin van Persie en Wesley Sneijder hebben het land ongekend plezier geschonken. De solo's van Robben over een half veld, met de snelheid van de TGV, waren onweerstaanbaar. De duikkopbal van Van Persie tegen Spanje in 2014, die de totale ommekeer inleidde tegen de wereldkampioen, is honderden keren nagedaan, maar nooit zo mooi als in de originele versie. De sprint van Sneijder naar het oog van de camera, na zijn treffer met het hoofd tegen Brazilië in 2010, liet de lach doorbreken op het gezicht van een trots voetbalvolk.

Maar dat is geweest. Hun beste tijd ligt ver achter hen. Dat mag. Ze zijn 33 en 34 jaar. Vooral het feit dat Nederland ze blijkbaar niet kan missen, is treurig. Het is alsof een kind blijft wandelen aan de hand van opa. Opa wil niet meer. Hij is moe en snakt naar zijn leunstoel. Maar het kleinkind dreint, het is tevreden met de strompelpas, want opa weet de weg en hij vertelt zo mooi over vroeger. Het kind moet zelfstandig worden.

Tekst gaat verder onder de foto.

Het Nederlands elftal voorafgaand aan de interland tegen Moldavië in 2003, met op de onderste rij onder anderen Wesley Sneijder en Rafael van der Vaart. Beeld anp

Overvleugeld door iedereen

De moderne Nederlandse voetballer is overvleugeld door Spanjaarden, Italianen, Duitsers, Fransmannen. Door wie niet eigenlijk? Nog even, en kleintjes bestaan weer: Nederland. De Nederlandse voetballer is niet eens modern. Hij kan goed schieten of goed rennen, hij is sterk of hij is snel. Hij is een lekkere pingelaar. Bijna nooit is hij het allemaal tegelijk en juist dat wordt gevraagd in het moderne voetbal.

De Fransen zijn straatvoetballers die het gras hebben opgezocht als tapijt voor hun dromen. Ze kunnen drie topelftallen opstellen. Vier. Nederland niet eentje. Bondscoach Didier Deschamps van Frankrijk trachtte de pijn te verzachten door te stellen dat een wedstrijd een momentopname is. 'We hebben Nederland diep teruggedrongen in de verdediging. Verdedigen doen ze niet graag.'

Collega Dick Advocaat oordeelde dat Oranje was overklast, maar wonderbaarlijk genoeg nog in de race is voor het WK in Rusland. We konden over het systeem praten, maar dat had niet zoveel uitgemaakt. Over de oorzaak van het immense kwaliteitsverschil kon hij niets zeggen. Het bleef bij gemeenplaatsen als: 'Frankrijk is een tig keer zo groot land.'

Het was juist de klasse dat een land als Nederland af en toe meedeed met de wereldtop, dankzij unieke voetballers. Nederland deed het vaak zelfs beter, zij het dat het totaalvoetbal van vroeger is ingeruild voor de wat angstige variant van overlevingsvoetbal, met de weg breed of achteruit als snel gekozen noodoplossing. De bondscoaches Bert van Marwijk en Louis van Gaal speelden op de laatste WK's al in op de afkalvende kwaliteit en presteerden boven verwachting met zilver en brons. Die oprispingen, op toernooien waar het niet tegenzat, verdoezelden de werkelijkheid. Die werkelijkheid is: weinig creativiteit, geen allrounders, geen aanvallend toptalent. Als dan eens een creatieveling ontluikt, zoals Hakim Ziyech, drijven de bondscoaches hem in de armen van het land van zijn tweede paspoort, Marokko.

Bestuurlijke chaos

Het verschil met de wereldtop groeit onnatuurlijk snel. De bestuurlijke chaos bij de KNVB met zijn warrige personeelsbeleid speelt een rolletje, maar het belangrijkste is het welzijn op het veld: waar blijft de nieuwe lichting internationale topvoetballers?

In de jaren tachtig miste Oranje zelfs drie toernooien op rij, maar je zag ze wel al: Gullit, Rijkaard, Van Basten, Vanenburg. Het aanbod is er ook nu, hoewel schraler, zeker in offensieve zin.

De zogenoemde Grote Vier waren jarenlang bepalend. De een, Rafael van der Vaart, was donderdag analist bij de NOS. Hij is bijna voetballer-af. Sneijder werd tijdens de rust gewisseld. Hij heeft zijn record, met 132 interlands.

Sneijder kan als ouderwetse '10' de strijd niet meer aan. Beeld Guus Dubbelman

Sneijder kan in grote wedstrijden de onverbiddelijke strijd op het middenveld niet meer aan. Het kostte zijn management moeite hem onder te brengen na het vertrek bij Galatasaray. Dat lukte uiteindelijk, bij Nice. Bijna niemand speelt nog met een tien, een spelmaker die alleen spelmaker is. Dat zegt alles.

Robben is nog best goed, maar in het tactische korset van Oranje was hij verbannen naar de rechterflank en rende hij achter een back aan. Hij had speerpunt van de aanval moeten zijn. Van Persie keerde terug na bijna twee jaar. Vrijdag verdween hij weer. Knieblessure.

Bert van Marwijk benoemde Ibrahim Afellay rond 2011 tot vijfde lid van de Grote Vier. De Grote Vijf dus. Afellay is nagenoeg verdwenen. Contract bij Barcelona, knieband gescheurd, kwakkelen, terug bij kleinere clubs. Kevin Strootman en Georginio Wijnaldum hadden zes en zeven kunnen zijn, maar waar ze bij hun club behoorlijk presteren als dienaars, zijn ze geen leiders op het middenveld van Nederland.

Kevin Strootman, hier in duel met Paul Pogba, ontving de rode kaart in het duel met Frankrijk. Beeld anp

De vraag is: waar komen topvoetballers vandaan? Uit golven van voorzienigheid of uit weloverwogen beleid? Voormalig topspits Marco van Basten is ervan overtuigd dat talent puur is aangeboren. Het is zaak dat te ontwikkelen. Aan de andere kant van het spectrum staat de schrijver van het plan Cruijff bij de revolutie bij Ajax, Ruben Jongkind. Hij denkt dat opleiders pakweg 40 procent in de hand hebben.

Volgens het plan voetbalt de jonge jeugd onder meer in kleinere ruimtes, met meer balcontacten, een idee dat de KNVB vanaf dit seizoen overneemt. Andere aspecten: meer trainen, ook individueel, beter eten, meer aandacht voor atletisch vermogen, meer weerstand, voetbal op verschillende ondergronden, enzovoorts. Het gogme van de straat, het atletisch vermogen, de basistechniek, het is goeddeels verdwenen uit de polder.

Betaalde hobby

Zeker is dat Nederland aan de bak moet. In alle sectoren, op alle gebieden. Bij FC Utrecht heeft trainer Erik ten Hag het besef laten indalen dat profvoetballer geen betaalde hobby is maar een baan. Een vak. Het reveil is nodig vanaf de jongste jeugd. Werken aan basisvaardigheid, aan alles. Het is geen toeval dat overal private voetbalscholen ontstaan.

En dan is daar het grote geld, dat de ruif met talent uit Nederland verleidt. Spelers vertrekken jong naar de potten met goud. Dat is onoverkomelijk. Alleen: velen worden niet bepaald beter, en vermoedelijk ook niet gelukkiger. Alleen rijker. Van Ginkel, Depay, Rekik, Clasie, Hoedt, Berghuis, Elia, Diks, Janssen, Afellay, Luuk de Jong, Siem de Jong, Büttner, Castaignos, Drenthe en ga zo eindeloos door; voor een heel regiment kwam de stap te vroeg of pakte die verkeerd uit.

Advocaat kon nauwelijks een elftal met ritme op de been brengen, door alle gedoe met transfers. Hij had voor de zomer gevraagd of iedereen topfit wilde verschijnen. Dat bleek een illusie. Potentieel international Virgil van Dijk speelt niet bij Southampton vanwege een conflict, terwijl zijn droomtransfer naar Liverpool afketste.

Vincent Janssen in duel met Layvin Kurzawa (links) en Thomas Lemar (rechts) van Frankrijk. Beeld anp

Zeker: die twintig miljoen van Tottenham voor Vincent Janssen, gestort in de kas van AZ, was niet te versmaden. Natuurlijk greep de spits dat miljoenensalaris, maar zie hem wegkwijnen op de bank in Londen. Was menig speler langer in Nederland gebleven, dan was de eredivisie sterker en was het simpeler in te stromen bij het nationale elftal.

De troost voor een gewonde voetbalnatie: Nederland kan zondag van Bulgarije winnen en wie weet, grijpt Oranje het minuscule kansje om alsnog het WK te halen. Zo niet, dan volgt weer een nieuwe start, onder weer een nieuwe bondscoach. Intussen blijft Nederland een mooi voetballand, met oneindig veel velden en clubs. En vandaag begint het amateurvoetbal weer met bekerwedstrijden. Heerlijk.

Drie zeges en WK is nog haalbaar

Drie keer winnen en dan is Nederland misschien tweede in de WK-kwalificatiegroep, met een play-off als bonus. Dat zal lastig genoeg zijn voor een elftal dat in de hele kwalificatiereeks drie keer won in zeven duels: twee keer van Luxemburg en eenmaal van Wit-Rusland. Het voordeel is dat Bulgarije en Zweden, de twee rivalen voor de tweede plaats, naar Nederland komen.

De tweede plaats bereiken is ook lastig vanwege het doelsaldo. Zweden heeft een voordelig saldo van 7, Nederland van 3. Zweden, met 3 punten meer bovendien, speelt zondag in Wit-Rusland, daarna thuis tegen Luxemburg en tenslotte in Nederland.

Mocht Oranje alsnog tweede worden, dan moet het hopen dat het bij de beste acht nummers twee van negen Europese groepen zit. De slechtste valt af. Het is wel zeker dat Nederland ergens onderaan het lijstje zal bungelen, maar misschien is het net genoeg. Bij het opmaken van de stand met de nummers twee vallen de resultaten tegen de nummer zes in de groep weg.

De eventuele tegenstander in de play-off is van behoorlijk kaliber. De indeling is op grond van de wereldranglijst. De beste vier loten tegen de slechtste vier. Nederland is gezakt naar de 36ste plaats op de wereldranglijst en behoort vermoedelijk tot de kaste van minderen.

Zondag om 18.00 uur in de Arena is Bulgarije tegenstander. Oranje verloor eind maart met 2-0 in Sofia, in een van de slechtste interlands in de moderne historie. De dag na de wedstrijd ontsloeg de KNVB bondscoach Danny Blind. Bulgarije was donderdag goed voor Oranje door met 3-2 van Zweden te winnen. Het eerste doelpunt was van Manolev, voorheen als PSV'er een van de meest verguisde spelers in de eredivisie, door de sketches van René van der Gijp in Voetbal Inside.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden