AnalyseRacisme in het voetbal

Het is genoeg! Voetballers zullen onvermoeibaar vechten tegen racisme

In het kielzog van het mondiale protest tegen racisme verheft de voetbalwereld zijn stem. ‘We pikken het niet langer.’ Dankzij de kracht van de sociale media zal het verzet niet snel verstommen.

Georginio Wijnaldum en Frenkie de Jong vieren de 1-0 tegen Estland. Beeld BSR Agency

Op de foto draagt Denzel Dumfries een mondkapje. Hij is onherkenbaar als rechtsachter van PSV. Onder het beeld van de demonstratie in Rotterdam staat een verklaring met als kop: ‘Trotse zwarte man’.

In de tekst: ‘Ik ben een man die zich een weg omhoog heeft gevochten, die tal van racistische uitingen heeft overwonnen en daarmee nog dagelijks wordt geconfronteerd.’ Tegen het einde van zijn betoog, in kapitalen: ‘HET IS GENOEG.’ Alles in het Engels, de wereldtaal van het huidige protest tegen de dood door politiegeweld van de Amerikaan George Floyd. Mondiaal protest als markering van de tijd, de sport haakt massaal in.

Instagram, vaak de etalage van ijdelheid en rijkdom, is een virtuele, eindeloze demonstratie. Sporters zien de kentering, ze zeggen dat het genoeg is. ‘We gaan dit niet langer accepteren’, zei Memphis Depay vorige week in het tv-programma Beau.

De spelers van het Nederlands elftal vieren het doelpunt van Wijnaldum tegen Frankrijk in de Nations League. Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Etnische minderheden zijn op het veld vertegenwoordigd met velen. Talent liegt nooit. Voetballers durven zich massaal uit te spreken buiten de stadions, zonder angst dat hun loopbaan in het slop raakt. Ze zijn soms van de tweede of derde generatie in een land. Ze zijn welgesteld en vol vertrouwen. Waarom zouden ze minder recht hebben dan anderen? Stadsmensen wonen bovendien in een zeldzaam gemengde samenleving, met wortels uit alle landen, met talloze dwarsverbanden in vriendschap.

Brian Tevreden

Ze gebruiken vooral hun sociale media, waarop ze hun boodschap precies kunnen brengen wanneer en hoe ze dat willen. Allemaal tegelijk, vorig weekeinde: I am A BLACK MAN, met een statement. Wijnaldum, Stengs, Dumfries, basketballers, anderen.

Brian Tevreden, voormalig voetballer van onder meer Volendam, Emmen en Dordrecht, en voorheen technisch directeur bij Reading en directeur bij Roeselaere, is onlangs begonnen met een managementbureau. Hij wil jonge spelers op elk vlak begeleiden, ook in hun strijd tegen racisme. Recentelijk sprak hij een bedroefde moeder naar aanleiding van een wedstrijd van haar 15-jarige zoon, aanvaller in de jeugd van een club uit het betaald voetbal. Haar jongen scoorde twee keer. De beledigingen van de tribune, nota bene van ouders van medespelers, waren vreselijk. ‘Shaka Zulu’, riepen ze spottend. Ze voelde de afgunst. Ook de jongen was ontdaan. Zijn zelfvertrouwen was ondermijnd.

Tevreden was anders vroeger. Hij sloeg soms om zich heen bij beledigingen, of hij schopte iemand overhoop op het veld. ‘Mij werd geregeld geadviseerd me niet uit te spreken. Dan hoorde ik: niet zeuren. Gewoon harder werken. Maar de stem verheffen is nodig. Ik word er alleen agressiever van, naarmate de jaren vorderen. Het is gewoon helemaal klaar. Het interesseert me ook niets meer welke gevolgen mijn woorden hebben voor het verdere verloop van mijn carrière. Dan doe ik het maar voor volgende generaties. De spelers van nu hebben een platform. Ze zijn niet meer alleen. Ze staan naast en achter elkaar en ze pikken het niet meer. De planeet is niet van blank of wit. De planeet is van ons allemaal en het bloed van iedereen is rood.’

Hij kan duizend voorbeelden noemen van racisme. Hij parkeerde zijn Engelse, luxueuze auto eens in Amsterdam, omdat zijn vrouw snel iets moest ophalen. ‘Er kwamen twee agenten aangefietst. Het raampje stond open en ik hoorde ze zeggen dat die auto alleen van een crimineel kon zijn. Ik riep ze na: hé mannen, ik spreek gewoon Nederlands, wat heeft dit te betekenen?’ Hij heeft meegemaakt dat hij meermaals op één dag is aangehouden met zijn auto, het verhaal dat zoveel gekleurde spelers kunnen vertellen.

Ruud Gullit

Colin Kaepernick, de American footballspeler die in 2016 weigerde in de houding te staan voor het volkslied als protest tegen politiegeweld tegen zwarten, krijgt steeds meer navolging. Voormalig topspeler Ruud Gullit spoorde deze week bij Sky Sports de Britse premier Boris Johnson aan om kopstukken met invloed in de witte gemeenschap te stimuleren zich uit te spreken.

Aan de telefoon voegt Gullit toe: ‘Als ik het zeg, wordt het door velen toch als het verhaal van een gefrustreerde zwarte uitgelegd. Premier Rutte heeft onlangs toegegeven dat racisme systematisch voorkomt in Nederland. Het werd ook een keer tijd. Het moet klaar zijn. Blank en zwart protesteren nu al samen in de straten. Dat is een goed teken. Hoewel vreedzaam protest de problemen nooit heeft opgelost, want racisme bestaat nog steeds. Misschien is het tijd voor revolutie, hopelijk zonder geweld.’

Clarence Seedorf laat via zijn agent weten best te willen nadenken over een interview, maar hij vindt vooral dat de (witte) verslaggever zelf moet onderzoeken hoe fout en oneerlijk de maatschappij in elkaar steekt en dan  dient op te schrijven wat hij vindt.

Dat is een veelgehoord geluid. John Olivieira, voorzitter van Football Against Racism Europe (FARE): ‘Het zou goed zijn als ook witte spelers zich massaal uitspreken tegen racisme. Ik ben blij dat de gevoelde pijn nu bespreekbaar is. Dat is echt nodig, want iedere voetballer van Marokkaanse afkomst of van kleur, krijgt met racisme te maken. Je moet wit zijn om dat allemaal aan je voorbij te laten gaan.’

Olivieira: ‘Een generatie is opgestaan die durft te zeggen: dit is niet oké. Sporthelden ook. Raheem Sterling, Romelu Lukaku in België. Nike jaagt zelfs president Trump tegen zich in het harnas.’ FARE registreert wantoestanden en brengt rapporten uit. Olivieira ziet tijden veranderen. ‘Vroeger waren spelers bang voor gevolgen voor hun carrière. Ze dachten: hallo, welke consequenties zullen mijn uitspraken hebben? Ze voelen het kantelpunt, ook in Nederland. De bejegening van Mendes Moreira, een half jaar geleden in Den Bosch, heeft ongelooflijk veel impact gehad. Het was rechtstreeks op de televisie, zijn ontreddering was duidelijk in beeld.’

Ook Jacco van Sterkenburg, Universitair Hoofddocent aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam en gespecialiseerd in het opsporen van raciale ongelijkheid in de sport, ontwaart standvastigheid. ‘De sfeer verandert. Er is een voortdurende stroom van aandacht. Jarenlang was praten over racisme in de publiciteit een trend die na incidenten telkens wegebde, terwijl het racisme zelf natuurlijk niet was verdwenen. Het was voor spelers moeilijk praten over zogenaamde grapjes van de witte trainer in de kleedkamer, zeker als hij de enige speler van een minderheid was. Anderen lachten om die grappen. Dan was het lastig in opstand te komen.’

Van Sterkenburg waarschuwt ook: ‘De echte kentering is pas daar als de cultuur binnen clubs verandert. Dat leidinggevenden niet automatisch zeggen: ja, bepaalde mensen hebben de kwaliteiten niet voor een functie. Dat proces verloopt langzaam. En het is veel beter als spelers dat op de agenda zetten dan wanneer een onderzoeker als ik dat doet.’

Stanley Menzo

Voormalig doelman Stanley Menzo, momenteel trainer in Beijing, was in de sport een van de belangrijkste slachtoffers van racisme. Ook hij ziet de kentering: ‘Het is een goede zaak dat mensen met aanzien zich nu verzetten. Status is belangrijk om een statement te maken. Als je geen status hebt, word je vaak voor gek verklaard of uitgelachen. Maar de vraag blijft wat er met die statements uiteindelijk wordt gedaan.’

Menzo blijft daarom kritisch. Hij heeft te veel negatieve ervaringen opgedaan. ‘Na een incident leefde de discussie meestal op, maar altijd sijpelde de aandacht weg. Terwijl het racisme bleef. Het is van belang deze ondubbelzinnige signalen op te pakken. Wie gaat de processen controleren en evalueren? Dat gaat niet van de een op de andere dag.’

Als voormalig doelman van Ajax ziet Menzo oude wonden weer opengereten, nu hij met een journalist zijn biografie schrijft. ‘Alles komt weer omhoog nu. Racisme heeft ontzettend veel invloed op me gehad als persoon. Het heeft diep op me ingehakt. De beledigingen, de oerwoudgeluiden, de bananen op het veld. Ik ben vaak gaan twijfelen aan mezelf.’

Vrijwel iedereen grijpt de tijdgeest, hoewel hier en daar twijfels bestaan over de methoden en de gevolgen. Trainer Henk Fraser van Sparta, met Surinaamse wortels, mijdt het onderwerp meestal. ‘Ik ben blij met het momentum, maar alleen als het tegen elke vorm van racisme gericht is. Racisme van wit naar zwart, van zwart naar wit, racisme tegen homo’s of Joden, discriminatie van vrouwen. Alles. Ik ben alleen voor de huidige protesten zolang elke vorm van racisme wordt veroordeeld, op een vreedzame manier.’

Dat is ook de beschouwing van voormalig verdediger Mohammed Allach, in het verleden altijd beschikbaar voor commentaar op sociale ontwikkelingen. Welbespraakt, goede loopbaan, eerst als voetballer, daarna in het management, onder meer bij Vitesse en de KNVB, nu terug bij RKC, waar hij deze week tekende als technisch directeur. Hij heeft zich een tijdlang afzijdig gehouden. ‘Ik wilde niet meer het geweten zijn, ook om mezelf te beschermen.’

Die tijd is voorbij, ook omdat hij voelt dat de situatie verandert. Waarom zou hij zwijgen? Zeker sinds Geert Wilders op tv praatte over ‘minder Marokkanen’, is zijn schroom verdwenen. ‘Mijn oudste dochter was in paniek. Mijn jongste begon te huilen. Ze zei: papa, jij moet weg. Sindsdien haal ik de handrem er weer af. Ik heb altijd geweigerd in de slachtofferrol te kruipen, al heb ik veel naar mijn hoofd geslingerd gekregen, van alle kanten. In woord en gebaar. Ik ben door moslims uitgescholden toen ik in Israël ging werken. Ik heb vrouwen gezien die hun handtasje weg draaiden als ik in de buurt was. Ik ben alleen voorstander van totale gelijkwaardigheid, want het gesprek over racisme mag geen eenrichtingsdiscussie worden.’

Het is erg wit aan de top

Terwijl etnische minderheden op het veld de laatste jaren tegen de 40 procent van de selecties vullen in grote voetballanden, en ook in de eredivisie, is hun aanwezigheid in de trainersstaf of aan de bestuurstafel nog steeds marginaal. Nog geen 5 procent.

International van Engeland Raheem Sterling, deze week: ‘Er zijn ongeveer 500 spelers in de Premier League. Eenderde van hen is zwart, maar we hebben vrijwel geen vertegenwoordiging in de hiërarchie van het voetbal, in de trainersstaf van clubs.’

De Nederlander Brian Tevreden, voormalig technisch directeur bij Reading: ‘Ze zijn er gewoon niet, ook omdat ze geen kansen krijgen. We waren vaak met zijn drieën, van alle profclubs. Michael Emenalo bij Chelsea, Les Ferdinand van Queens Park Rangers en ik.’ Tevreden werd bij een uitwedstrijd eens aangesproken, omdat hij zogenaamd de verkeerde ruimte binnenging. ‘Ze dachten: een zwarte man kan nooit tot de directie behoren. Dat is toch schandalig.’

Jacco van Sterkenburg, Universitair Hoofddocent aan de Erasmus Universiteit, werkte mee aan het in 2014 verschenen FARE (Football Against Racism in Europe)-rapport The Glass Ceiling in European Football, een onderzoek naar de rol van vrouwen en etnische minderheden in grotere competities. De uitkomsten waren ‘bijna pervers’, luidde de conclusie, met minimale percentages in trainersstaf en achter de bestuurstafel. Meestal aanzienlijk minder dan 5 procent. ‘Een verlies van talent.’

In 2016 specificeerde Van Sterkenburg het onderzoek naar Nederland. ‘De situatie is nog niet echt veranderd’, zegt hij, al zijn in de eredivisie komend seizoen twee mannen met Marokkaanse wortels doorgedrongen tot de top. Mohammed Hamdi is algemeen directeur van ADO, Mohammed Allach tekende deze week als technisch directeur bij RKC.

Gedragswetenschapper Marjorie Esajas, die al jaren onderzoek doet naar racisme en discriminatie in het voetbal, herinnert zich ‘heel veel witte mannen’ bij de presentatie in februari van het KNVB-rapport Ons voetbal is van iedereen, met als ondertitel ‘Samen zetten we racisme en discriminatie buitenspel’. Esajas: ‘Er zijn nog steeds zoveel negatieve stereotyperingen.’ Ze noemt ook Johan Cruijff, die in 2011 bij een ruzie tegen medecommissaris Edgar Davids zei dat die alleen in de rvc zat ‘omdat hij donker was’. Cruijff en Davids spraken de zaak uit, maar Davids was lange tijd gegriefd.

Natuurlijk hebben minderheden ook topfuncties bekleed. Een paar voorbeelden: Frank Rijkaard was bondscoach. Met Henk ten Cate won hij de Champions League met Barcelona. Clarence Seedorf was trainer van onder meer AC Milan, Ruud Gullit bij Feyenoord en Newcastle. Patrick Kluivert is hoofd opleiding bij Barcelona. Maar van een afspiegeling van de samenleving is geen sprake. Esajas. ‘Clubs en bonden zijn vaak gesloten mechanismen.’

Lang was er de ‘angst om jezelf te laten horen’, nu maken voetballers massaal een vuist

Voor de tweede maal in korte tijd laat de Nederlandse voetbalwereld weten dat ze korte metten wil maken met racisme. ‘Sporters moeten het voortouw nemen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden