Het geluk is met Haagse Piet

De begerige en de zuinige. De luie, de wetenschappelijke, de doordouwer. De sluwe, de leuner, de gokker. De belerende, de gelukkige, de pechvogel, de argeloze....

Voor fanatieke robberaars was er tijdens de tiende Scheveningse Bridgeweek elke middag emplooi. Terwijl bij wedstrijdbridge het functioneren van een partnership de doorslag geeft, zijn in de robber individuele kwaliteiten beslissend. Je wisselt voortdurend van partner en het resultaat hangt af van een correcte taxatie van het type bridger dat tegenover je plaatsneemt. Je hebt hem of haar al als tegenstander aan het werk gezien. Een woeste doorbieder of een speler met voorkeur voor een bedaarde conservatieve aanpak? Daarop stem je je eigen tactiek af.

De geldfactor speelt daarbij geen onbelangrijke rol. In tegenstelling tot de reguliere toernooien, waar je een inschrijfgeld betaalt dat uiteindelijk - soms aangedikt door een sponsor - onder de prijswinnaars wordt verdeeld, telt bij robberbridge het 'boter bij de vis'. Elk spel kun je direct in klinkende munt uitrekenen. Zeker, bridge speel je om de tegenpartij te slim af te zijn en te verslaan en een overwinning streelt het ego. Maar ook elke bridger strijkt liever een paar bankbiljetten op dan dat hij zelf zijn beurs moet omkeren.

Bij robberbridge wordt elk spel aan tafel geschud, geboden en gespeeld en verdwijnt vervolgens in de vergetelheid. Dit in tegenstelling tot een viertallenwedstrijd, twee tafels, waar het resultaat tot stand komt door twee scores te vergelijken of een parentoernooi waar hetzelfde spel soms honderden keren wordt gespeeld.

De geluksfactor: Tegen veel honneurs kan ook de sterkste speler van de wereld niet op. Ook bij robberbridge is goed spel winnend; je kunt echter de rest van de tafel de hielen laten zien door regelmatig en op de juiste tijdstippen de beste kaarten te krijgen.

De underdog, een enthousiaste maar technisch beperkte speler, had de middag van zijn leven en haalde formidabel uit tegen de oud-wereldkampioen, die er niet of nauwelijks in slaagde zijn ergernis over zoveel onrecht te verbergen en vrouwe fortuna hartgrondig verwenste.

Een bijzonder verschijnsel bij een robberpartij is de kibitzer. Hij tikt nooit in om mee te spelen maar leunt heen en weer, kijkt in meerdere handen en heeft na afloop altijd, snel en dikwijls misprijzend, de perfecte analyse klaar van het hele spel. In diagram 1 ging de leider lichtelijk in de fout, heel eenvoudig was het niet.

Zie diagram 1

west noord oost zuid

-- -- -- 1SA

pas 2* pas 2*

pas 3SA pas pas

pas -- -- --

De uitkomst *V, waarmee west de eerste slag mocht maken. Oost gooide een ontmoedigende *2 (laag=af). West wist dat zuid ruiten heer had maar zag niets in een switch: *B voor *H in zuid.

De leider keek zorgeloos naar het spel, zeventwintig punten in de gecombineerde handen, het maken van negen slagen kon geen probleem zijn. Vier slagen in schoppen, *AH, *H en *A: samen acht. Hij incasseerde vier schoppenslagen, oost en west een klaveren weg en uit zuid *10.

De leider ging verder met *10, *B en het aas, gevolgd door *H. Het plan van zuid was met de harten drie-twee verdeeld een derde hartenronde te spelen. Heeft oost nog een ruiten dan zit die kleur vier-drie en speelt oost klaveren dan neemt zuid direct *A en maakt met twee vrije harten zelfs een overslag. Met de harten vier-een maakte oost *V, nam natuurlijk niet *7 mee (*2 van zuid is dan de negende slag) maar speelde direct klaveren zodat zuid toch op de verliezende snit op *H was aangewezen en west na *H twee ruiten opraapte voor één down.

Een meerkeuze-menu voor het afspel: a) De leider kan kiezen voor de snit op *H in de hoop dat de ruiten vier-vier verdeeld zitten bij oost-west. b) De leider kan ook, met verregaande helderziendheid, *AH in de dummy als entree gebruiken voor de dubbele snit op *VB. Dubieus en tegen de kansberekening. c) De in de praktijk gevolgde speelwijze was niet verkeerd. Zuid maakte alleen een ernstige fout.

Op het moment dat hij de vierde schoppen incasseerde, was het beter uit zuid een harten af te gooien. Na *AH kan de leider met de harten drie-twee een harten afstaan aan oost en de dertiende harten is de negende slag. Ziet de leider echter, zoals het geval was, dat de harten vier-een zitten, dan heeft hij de kostbare *10 over om west mee in te gooien. Deze kan twee ruitenslagen opnemen maar moet dan van *H afspelen.

En west kon dit verijdelen door na *V, ipv *B, ook *A te spelen en dan ruiten voor de heer. En de leider wint op zijn beurt altijd door de eerste slag direct met *H te nemen en de ingooi te verwezenljken.

Een score van 650 wordt bij robberbridge afgerond naar boven, naar 700, terwijl 620 omlaag, naar 600, gaat. De leider in diagram 2 wenste het onderste uit de kan.

Zie diagram 2

west noord oost zuid

-- -- -- 1*

pas 2* pas 3*

pas 4* pas pas

pas -- -- --

West kwam uit met *V voor het aas van zuid die overstak naar *A en ruiten naar *V speelde. West nam en was er als de kippen bij om een tweede keer troef te spelen. De leider nam *9, speelde *A en een derde ruitenronde voor *10 in west die met troef na het lot van 4* bezegelde.

'Met *H goed maak ik een overslag en als de ruiten drie-drie zitten ga ik ook niet down', was het sippe commentaar van zuid. Hij zag daarbij in zijn begeerte over het hoofd dat met *A en ruiten na tien slagen zijn verzekerd middels een ruitenintroever in de dummy.

Kon west na het daisypicking van zuid met 3* de dodelijke troefuitkomst bedenken?

Een onbekommerd biedverloop leidde in diagram 3 tot een superscherp klein slem.

Zie diagram 3

west noord oost zuid

-- -- -- 1SA

pas 2* pas 3*

pas 4SA pas 5*

pas 6* pas pas

pas -- -- --

Veteraan Piet Borst, international bij het EK-1977 in Elsinore, bekeek de dummy met de nodige scepsis. Met zijn overbekende Haagse tongval kondigde hij opgewekt een mogelijke redding aan.

West kwam uit met *10 voor het aas in noord. Twee keer troef en *H, gevolgd door schoppen naar *B. De eerste hindernis overwonnen. Ook *A meegenomen, en ruiten naar *B in de dummy, een tweede succes. Nog steeds was de leider niet thuis, er moest nog altijd een klein wonder geschieden. Bijna alle voorbereidende werkzaamheden waren af. Na *B, speelde Haagse Piet ook *A en ging met *B van slag. Oost maakte een klaverenslag en moest daarna in de dubbele renonce spelen, getroefd in zuid, de ruitenverliezer weg uit de dummy. Een fraaie mengelmoes van geluk en vaardigheid.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden