Vier vragen Bloeddoping in Oostenrijk

Het dopingschandaal in Oostenrijk maakt één ding duidelijk: de huidige aanpak is nog niet afschrikwekkend genoeg

In Oostenrijk is bloeddoping ontdekt waarbij tientallen sporters betrokken zijn. Een van de Oostenrijkse verdachten, Georg Preidler, was tot vorig jaar knecht van Tom Dumoulin. Wat is er precies aan de hand? Vier vragen.

Preidler, Dumoulin en Geschke op het erepodium van de Giro d'Italia in 2017. Beeld ANP

Waar draait het dopingschandaal in Oostenrijk om?

De WK noordse nummers in het Oostenrijkse Seefeld werden vorige week woensdag opgeschrikt door de arrestatie van vijf langlaufers en een aantal begeleiders. Daarbij werd de Oostenrijkse langlaufer Max Hauke op heterdaad betrapt: de foto met een naald in zijn arm en een zak bloed op zijn schoot, ging de hele wereld over.

De politie viel ook in Erfurt binnen bij de bekende Duitse sportarts Mark Schmidt. In een koelkast bij hem werden veertig bloedzakken, voorzien van codenamen, aangetroffen. Schmidt was al eens beschuldigd van betrokkenheid bij doping: wielrenner Bernhard Kohl wees zijn vroegere teamarts aan als degene die de dopingpraktijken bij de Gerolsteiner-wielerploeg overzag. Schmidt ontkende destijds alle aantijgingen.

De omvang van het Oostenrijkse dopingschandaal staat nog niet vast. Volgens de Duitse openbaar aanklager hebben justitie in Duitsland en Oostenrijk ‘een overweldigende hoeveelheid bewijs’ liggen tegen sporters en hun begeleiders. ‘We gaan ervan uit dat er zeker nog andere atleten geïdentificeerd zullen worden de komende weken, ook uit andere sporten’, voorspelde Dieter Csefan, hoofd van de Oostenrijkse federale politie. Bij de twee (Oostenrijkse) wielrenners Stefan Denifl en Georg Preidler is dit al gebeurd.

Wie is Preidler?

De 28-jarige Preidler heeft aan de politie verteld dat hij bloed bij zichzelf heeft laten afnemen. Dat is de eerste stap van een bloedtransfusie: de tweede is het weer inbrengen van het bloed, om in een wedstrijd beter te kunnen presteren. Beide handelingen gelden als een dopingovertreding, zegt directeur Herman Ram van de Dopingautoriteit. ‘Omdat er weinig andere intenties bestaan om je bloed af te tappen dan voor dopingdoeleinden.’

Preidler is in Nederland geen onbekende: hij maakte deel uit van de Sunweb-ploeg die in 2017 met Tom Dumoulin de Ronde van Italië won. Preidler beweert dat zijn successen, waaronder die in Italië, zonder doping tot stand zijn gekomen. Sunweb benadrukt dat de ploeg nooit afwijkende waarden bij hem heeft opgemerkt toen hij bij de ploeg onder contract stond. Zijn contract werd volgens de ploeg niet verlengd omdat hij zijn ‘sportieve afspraken niet altijd nakwam’.

Na vijf jaar Sunweb stapte Preidler vorig seizoen over naar het Franse FDJ. Die ploeg maakte maandag bekend dat de renner twee keer bloed heeft afgetapt aan het einde van 2018. FDJ heeft Preidler ontslagen. Oostenrijk heeft strenge dopingwetgeving, al acht Ram de kans groter dat Preidler en de anderen volgens de dopingregels van de sport worden bestraft. Ze riskeren jarenlange schorsingen.

Waarom bekent Preidler nu?

‘Ik kon niet meer leven met in mijn achterhoofd de wetenschap dat ik vals heb gespeeld’, zegt Preidler maandag tegen de Oostenrijkse krant Kleine Zeitung. Toch is zijn bekentenis niet geheel vrijwillig tot stand gekomen: Preidler geeft toe dat de arrestaties van de langlaufers hem richting de politie hebben gedreven. Ook Denifl (31) zou bij de politie hebben bekend. In 2017 won hij nog een zware bergetappe in de Ronde van Spanje.

In het dopingonderzoek valt, behalve Schmidt, nog een in Nederland bekende naam: Stefan Matschiner. De Oostenrijkse ex-atleet voorzag tijdens de grote wielerronden vier Rabobankrenners in het geniep van bloedzakken: Boogerd, Rasmussen, Mentsjov en Thomas Dekker. Matschiner, die een celstraf uitzat wegens de handel in doping, zegt tegen de Duitse ARD dat hij zijn dopingapparatuur ooit heeft overgedragen aan Schmidt. ‘Doe ermee wat je wilt’, zei Matschiner erbij.

Wat betekent dit voor het aanzien van de strijd tegen doping?

De bekentenissen en de beelden van de langlaufer met de naald in zijn arm maken duidelijk dat de aanpak van doping voor sommige sporters nog niet afschrikwekkend genoeg werkt. Het uitsluiten van dopinggebruik in de sport is hoe dan ook een illusie. Maar er was wel op gerekend dat het biologisch paspoort, dat een reeks bloedwaarden van een sporter screent op verdachte schommelingen, de sporters dichter op de huid zou zitten.

Voormalig Raborenner Michael Rasmussen, die zelf het gebruik van doping toegaf, stelde maandag de effectiviteit van het paspoort ter discussie. In een tweet openbaarde hij zijn bloedwaarden van tussen 2005 en 2007, jaren waarin hij volop aan de verboden middelen zat. ‘Ik durf te beweren dat deze niet zouden opvallen in het huidige systeem’, schrijft hij.

De gebeurtenissen in Oostenrijk tonen volgens Ram aan dat andere dopingmethoden nauwelijks meer realiseerbaar zijn voor sporters. ‘Bloeddoping wordt gezien als een minder riskante methode om doping te gebruiken. Epo is bijvoorbeeld als effectief middel niet meer bruikbaar, dat kan vrij goed worden opgespoord.’

Daardoor vervalt men volgens hem eerder in transfusies met eigen bloed. ‘Alleen zijn die weer erg afhankelijk van het moment dat je je bloed aftapt of inbrengt. Aftappen is bijvoorbeeld alleen zinvol als je bloed een hoog zuurstofgehalte heeft. Bij zulke handelingen heb je nadrukkelijk de hulp van een arts nodig.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden