Interview

‘Het allerliefste wat ik nu wil is voor het hoogst haalbare gaan in de tijdrit op de Spelen’

In een hotelzaaltje in Vught vertelt Tom Dumoulin (30) aan de Nederlandse pers waarom hij vier maanden geleden stopte met wielrennen. En waarom hij nu weer terugkeert.

Tijdrijder Tom Dumoulin gaat zich voorbereiden op de Spelen. Beeld Jumbo Visma
Tijdrijder Tom Dumoulin gaat zich voorbereiden op de Spelen.Beeld Jumbo Visma

‘Half april was ik te gast bij de Amstel Gold Race. Dat speciale sfeertje van zo’n profkoers, daar ben ik toch wel van gaan houden. Ik merkte voor het eerst sinds ik eind januari was gestopt, dat ik het profwielrennen nog steeds een hele gave wereld vind. Toen begon het te kriebelen. Ik had daarvoor wel wat gefietst, maar niet met een trainingsplan ofzo.

Een paar dagen na de ‘Amstel’ had ik zo’n ‘hoe gaat het met je’-gesprek met Richard (Plugge, directeur van Dumoulins ploeg Jumbo-Visma, red.). Ik vertelde dat ik de tijdrit van de Olympische Spelen al vijf jaar als droom in mijn achterhoofd heb. Ook Koos Moerenhout (bondscoach olympische selectie, red.) belde met ‘hoe gaat het?’ Hij zei dat de deur voor mij openstaat en dat hij mij absoluut geen druk wilde opleggen. Maar ergens de komende weken, zei hij, moet je wel een knoop doorhakken, want ik moet de selectie vaststellen. Dat was een trigger voor mij om serieus na te denken over een terugkeer in het profwielrennen. Ik heb begin mei de keuze gemaakt: ik ga er gewoon voor. Als het niet lukt, dan is dat maar zo, dan heb ik het in ieder geval geprobeerd.

Ik besloot vier maanden geleden voor onbepaalde tijd te stoppen. Ik was mezelf de afgelopen jaren sluipenderwijs… ‘kwijtgeraakt’ is een wat groot woord. Maar ik wist niet meer: wat vind ik nou mooi om te doen? Er is zoveel gebeurd dat ik nog geen plekje heb kunnen geven. Het leven van een topsporter gaat volle kracht vooruit. Je komt van de middelbare school en daarna ademt je leven alleen nog maar topsport. Terwijl die periode van je 18de tot je 25ste een tijd is waarin je jezelf leert te ontdekken. Daar slaan veel topsporters stappen over, misschien ik ook, ongemerkt.

Beter mens

Ik was voordat ik de Giro won in 2017 een veel beter mens dan daarna. Ik stond ergens voor, ik wist wat ik wilde en hoe ik dat moest communiceren naar anderen. Ik was veel leuker om mee samen te werken. Ik sprak me duidelijk uit en ondanks dat dat veel wrijving opleverde, kwam daar ook veel warmte bij vrij. De afgelopen jaren was er weinig wrijving en weinig warmte.

Dat ik door het winnen van de Ronde van Italië een hele grote, belangrijke wielrenner ben geworden, vond ik moeilijk. Alle partijen, ploeg, sponsoren, fans, journalisten hebben het heel goed met mij voor gehad en daarom wilde ik het voor hen ook graag allemaal goed doen. Maar dan ga je met alle winden meewaaien, waardoor ik niet meer mezelf was, waardoor het moeilijker werd met mij samen te werken. Op iemand die met alle winden meewaait kun je moeilijk bouwen.

Dat begon zo te wringen dat ik fysiek slecht werd, vermoeid en nog weinig lol had op de fiets. Om erachter te komen waar dat vandaan kwam ben ik gestopt en dat heeft me heel goed gedaan. Ik heb eigenlijk een fantastische tijd gehad: heel veel uitgerust, gewandeld met de hond, klusjes gedaan in huis, de tuin omgespit. En veel gepraat met vrienden en bekenden. Gewoon praten, niet per se met een doel om tot een oplossing te komen.

Liefde voor de fiets

In de eerste maand van de vier was de liefde voor de fiets volledig weg. Ik had er een hekel aan gekregen en keek ook niet naar wielrennen op tv. Sluipenderwijs kreeg ik daarna toch wel meer zin om te gaan fietsen. Ik begon het steeds leuker te vinden, het ging langzaam beter, ik werd steeds beter. Als je twee uur fietst, kun je twee uur heel rustig fietsen, maar ik vond het leuk om twee uur heel hard te gaan fietsen. Dan gaat het lekker - harder en harder - en kom je thuis en denk je: dit is fantastisch. Ik heb veel op de mountainbike gezeten en op mijn tijdritfiets. Dat is gewoon één van mijn fietsen, niet dat ik daar met een speciaal doel op ga zitten.

Ik heb wel wat geleerd de afgelopen maanden. Bijvoorbeeld de vraag ‘wat heb je geleerd?’ te beantwoorden met: dat houd ik liever voor mezelf. In het verleden ging ik zo’n vraag uitvoerig beantwoorden en liet ik me diep in mijn ziel kijken. Dan las ik dat terug en dacht ik: jezus, wat heeft de buitenwereld er in godsnaam mee te maken hoe ik privé in het leven sta?

Als het om wielrennen gaat, heb ik geleerd dat ik fietsen nog steeds heel erg leuk vind. Ik vroeg me af: wat zou ik doen als ik geen profwielrenner meer ben? Dan zou ik nog altijd veel met de fiets bezig willen zijn. In het vak blijven in plaats van een of andere studie gaan doen.

Lol in het fietsen

Ik heb me ook afgevraagd of ik nog wel ronderenner wil zijn. Ik weet ook: een deel van mijn lol in het fietsen is wedstrijden winnen of dat proberen. Ik zeg daarom niet: ik wil geen grote ronde meer doen. Ik vind het heel mooi om mezelf uit te dagen met de training, maar dat is ook om zo goed door te worden dat ik weer om prijzen kan meestrijden. Er gaan moeilijke tijden komen, maar het belangrijkste is dat ik te allen tijde de liefde voor de fiets blijf houden.

Het allerliefste wat ik nu wil is me voorbereiden op de Spelen en daar voor het hoogst haalbare gaan in de tijdrit. Ik denk dat ik nog altijd het talent, de benen, de wilskracht en de mentale weerbaarheid heb om in Tokio heel goed te presteren. En ik weet dat ik dat ook nog heel leuk vind.

Zilver of brons zou fantastisch zijn. Word ik achtste, omdat het niveau nog iets te hoog is om met een beperkte voorbereiding van drie maanden met de besten mee te doen, dan is het ook goed. Maar als ik in goeden doen ben, dan ben ik nog altijd een tijdrijder van wereldniveau, daar ben ik van overtuigd.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden