Tourcolumn Peter Winnen

Hebben de renners dan geen kaarsje gebrand in Lourdes?

Het is zover. ‘De dag die je wist dat zou komen is eindelijk hier.’ In Lourdes heeft de meute zich in gang getrokken. Vanavond weten we of Tom Dumoulin aan de tourzege mag blijven denken. Tot aan het begin van de rechtstreekse televisieuitzending behelp ik me met de liveblog van de NOS. Ik lees dat de jagers op dagwinst meteen verbeten strijden voor een plaats in de juiste ontsnapping. Het vertrouwde stramien dus.

Wat ik mistte, in zowel mijn papieren als digitale kranten, waren foto’s van devote wielrenners die een kaarsje gingen branden in het heiligdom van Onze-Lieve-Vrouw van Lourdes. Voordien hoefde het peloton maar in de buurt neer te strijken of een aantal coureurs greep hun kans. Meestal waren het Spaans- en Italiaanstaligen die wel een steuntje in de rug kunnen gebruiken op psychisch dan wel fysiek vlak. Het historische verbond van de wielersport met de Moederkerk lijkt me sowieso verdwenen.

Ik herinner me een iconische foto uit mijn jeugd. De onaantastbare Merckx zit voor de start van etappe in een prachtige kathedraal, in zijn gele truitje. De blik is geloken, de handen zijn gevouwen. De veelvraat die ook wel de paus van België werd genoemd buigt het hoofd voor iets dat nóg groter is. Zouden ze nog bestaan, wielrenners die hun talent als een gave Gods beschouwen? Het zou interessant zijn dat uit te zoeken. Ik zie weleens een kruisje bengelen om de hals van deze of gene, maar ik heb stellig de indruk dat het geloof in marginal gains sterker is.

Merckx heeft trouwens ooit zijn racefiets geschonken aan de paus. Dat lijkt dan weer op religieuze omkoperij.

Nog iets over Lourdes, het bedevaartsoord. Ergens in de jaren tachtig had het de tourorganisatie behaagd de ploeg Panasonic onder te brengen in een hotel in het centrum. De kamers waren klein, steriel en benauwd. Linoleum op de vloer in een kleur die een mens alle hoop ontneemt. Stapels extra dekens op schappen, hulpbeugels en een zitje in de douche. kortom, een kamer waar elk moment pleegzuster bloedwijn op de deur kon kloppen.

Door het venster zag ik ze voorbij strompelen, de kreupelen op krukken, waarschijnlijk op weg naar de grot met het geneeskrachtige water waaruit ze ongetwijfeld zonder hulpmiddelen tevoorschijn dachten te komen. Anderen werden voortgeduwd in een rolstoel, in bedden op wieltjes zelfs. Ja, toen heb ik het heilzame van Lourdes leren kennen: de Tour is helemaal geen slijtageslag.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.