Interview Hans van Breukelen

Hans van Breukelen is terug na een burn-out: ‘Een doelloos leven past niet bij mij’

Hans van Breukelen (62) vertrok met een burn-out als technisch directeur van de KNVB. Hij is terug als uitdrager van de comeback, met een boek, lezingen en nieuw elan.

Hans van Breukelen van de KNVB tijdens de Oranje Fandag, mei 2017. Beeld ANP

Hans van Breukelen zat behoorlijk met ‘zichzelf in de knoop’, toen hij in augustus  2017 na een dienstverband van een jaar opstapte als technisch directeur van de KNVB. Hij was moegestreden, verdwaald in het labyrint van onopgeloste dossiers bij een bond op drift.

In een hotel in Zeist kijkt hij terug op ondergang en wederopstanding. ‘Ik vond het vooral vervelend voor de mensen bij de KNVB. Mede door mij kwam de KNVB in een negatief daglicht te staan. Op een gegeven moment was ik er dag en nacht mee bezig. Zo kon en wilde ik het niet meer.’

Van Breukelen was opgebrand. ‘Vijf, zes, zeven maanden had ik nergens zin in. Ik stapte ambitieus de KNVB binnen en wilde heel veel. Misschien te veel en te snel. Op een aantal aspecten doe je dan niet de juiste dingen. Ik zou het, terugkijkend, anders hebben gedaan en beter. Dat staat buiten kijf. Maar waarvan ikzelf de meeste pijn had, was dat ik niet de verbinding kon maken binnen de voetballerij, die nodig was en is om ons Nederlands voetbal op een hoger niveau te brengen. Dan word je op een dag wakker met het gevoel dat alles uit je vingers is geglipt.’

Van Breukelen won als topdoelman de Europa Cup I en het EK voor landenploegen, met PSV en het Nederlands elftal, allebei in 1988. De voormalige bestuurder en begenadigde spreker in het lezingencircuit, kwam brandend van ambitie naar Zeist, waar hoofdpijndossiers in stapels lagen opgetast: benodigde veranderingen in competitieopzet, kunstgras, zwalkende coaches, het spel van de nationale ploeg, een komen en gaan van directeuren, ruzie, achterklap en wantrouwen. Hij liep stuk.

DE VOLKSKRANT BURN-OUT GIDS

Hier verzamelen we de komende weken alle verhalen over burn-out en stress. Via deze besloten Facebook-groep  kunt u uw eigen verhaal delen.

Faalangst

‘Daarna, en dat was voor het eerst van mijn leven, ben ik gevlucht. Ik voelde faalangst. Ik ben altijd een veelgevraagd spreker geweest, maar dacht: zitten ze nog op mij te wachten? Ik was kritisch naar mezelf toe, voor het eerst met het gevoel in een zwart gat te zijn gevallen. Er was geen doel meer en een doelloos leven past niet bij mij. Altijd wil ik de lat hoog leggen.’ Met zelfspot: ‘Ook dat is niet echt handig als je doelman bent. Het zit in mijn karakter; het maximale eruit halen.’

Van Breukelen groeide ongewild tot symbool van wat misging in Zeist, terwijl zijn bedoelingen goed en zuiver waren. Opsommend: ‘Het was te ambitieus, te veel, te snel. Communicatie was niet goed. Foute keuzes.’ De media waren niet op zijn hand, cynisch als ze sowieso waren om alle ruzies binnen de KNVB en de magere prestaties van Oranje. ‘Ik weet dat het zo gaat in een publieke functie. Ik kon trouwens ook heel erg lachen om kritiek van bijvoorbeeld Johan Derksen, omdat ik wist dat die ging komen. Als dat dan precies gaat zoals je verwacht, is dat best grappig.’

Terugkijkend is hij ook trots op sommige ontwikkelingen. Hij verving bondscoach Arjan van der Laan bij de vrouwenploeg door Sarina Wiegman, die het elftal naar de Europese titel leidde. Veel dossiers waren veelomvattend. ‘Ik had kunnen zeggen: dat en dat moet zijn opgelost voordat ik begin. Dat deed ik niet. Dat was geen goede start van mezelf. Lang niet alles was slecht: vrouwenvoetbal, spelen op kleinere veldjes bij de jeugd. Mijn functie is tegenwoordig bovendien opgedeeld in meer functies. De KNVB heeft ingezien dat het een onmogelijke opdracht was voor één man. Maar ik wil geen excuses aandragen, want ik ben er met mijn volle verstand ingestapt en het liep niet zoals verwacht.

Comebackmethode

‘Het heeft me tijd gekost om de mislukking een plek te geven, te kijken wat ik nog wil en kan. Dat zie je vaker, dat mensen twijfels hebben na tegenslag, in de hoek blijven zitten en zichzelf koest houden.’ Golfen, op de kleinkinderen passen, hij had opties genoeg, doch opteerde voor een rentree in het werkzame leven. Met trainer/coach Benno Diederiks schreef hij een boek over de comebackmethode, als weerslag van het opnieuw uitvinden van zichzelf. 

‘Mijn vrouw, kinderen en vrienden merkten dat ik niet goed in mijn vel zat na het vertrek bij de KNVB. Man, op een gegeven moment had ik zo’n pijn in mijn lijf. We gingen in november naar Zuid-Afrika. Ik stapte uit het vliegtuig en kon bijna niet lopen.’ 

Duitsland, EK 1988. Jan Wouters en Hans van Breukelen vieren samen het behalen van de titel. Beeld Hollandse Hoogte / Michael Kooren

Massages, behandelingen door een manueel therapeut; niets hielp. De stress was in het lijf geslagen. Een fysiotherapeut in Zeist bracht hem langzaam terug. Van Breukelen hervond energie en schreef samen met Diederiks het praktijkboek Maak je comeback, waarin zijn ervaringen als voetballer zijn vermengd met een stappenplan voor een comeback en vragen aan lezers, die dwingen tot zelfreflectie. ‘Het is een herstelboek, voor mezelf en anderen. Het is ook een boek hoe je succesvol blijft of beter wordt. Het boek biedt perspectief en hoop.’

Van Breukelen herstelde meermaals in zijn leven: van het overlijden van zijn eerste vrouw, van zijn verbanning uit Oranje in 1987 door bondscoach Rinus Michels, van zijn falen als technisch directeur. ‘Gebeurtenissen die er ontzettend inhakten. Ieder mens gaat anders om met tegenslag, maar volgens mij zijn vorig jaar 123 duizend mensen omgevallen met een burn-out. Je hoeft ook niet ziek te zijn om beter te worden. Vaak veranderen we pas iets in het leven na een ongelooflijke draai om de oren.’

Zelfreflectie

Zelfreflectie is van wezenlijk belang in dat proces. Hij trekt een parallel met zijn loopbaan als doelman: ‘We werden in 1988 Europees kampioen. Twee jaar later bij het WK was het huilen met de pet op. De opstelling was hetzelfde, maar de instelling was anders. Iedereen wilde op zijn eigen manier wereldkampioen worden. Er was zoveel gedoe. Op het allerhoogste niveau heb je alle samengebalde energie nodig om een machtig team te vormen. Dan kun je praten over de coach en over de slechte voorbereiding, maar wat dacht je van eigen verantwoordelijkheid? Wij hebben als spelers niet de handen in elkaar kunnen slaan: zo gaan we het doen.’

Van Breukelen voelt de vreugde van zijn comeback, waarin hij met Diederiks weer lezingen, trainingen en sessies houdt en broedt op andere vormen van interactie, zoals bijvoorbeeld een comebackcafé met gasten uit verschillende sectoren. ‘Ik ken ook mensen die verdrietig blijven. Ze kunnen leven met de situatie en hun omgeving houdt daarmee rekening. Ze hebben niet de drang om iets nieuws te doen. Het nieuwe is onzekerheid, angst om te veranderen. Niks moet bij ons. Alles mag en kan, met twee poten op de grond. Wij richten ons vooral op nadenkers, degenen die iets van het leven willen maken. Met hun twijfels en kwetsbaarheid. We richten ons niet zo op de meninggevers, die iedereen de maat nemen en zich verheven voelen. Kwetsbaar durven zijn is een kwaliteit.’

Hij komt nog steeds bij FC Utrecht, waar hij doorbrak, en bij PSV, waar hij ook commissaris was. ‘Maar voetbalwedstrijden bepalen mijn agenda niet meer. Ik kom ’s avonds weleens tot de ontdekking dat er een wedstrijd is geweest.’ 

Nederlandse voetbal uit crisis

Gezien de prestaties van Oranje, Ajax en PSV lijkt het of het Nederlands voetbal uit de crisis is. Dat zal de toekomst uitwijzen. De hele, noodzakelijk geachte veranderagenda van het clubvoetbal is tot nog toe geen succes. ‘Iedereen erbij betrekken en met polderen tot een model komen, is typisch Nederlands. In de voetballerij is dat niet gelukt, omdat telkens vijfzesdemeerderheid nodig was. En omdat de KNVB een entiteit is, maar de ECV (Eredivisie CV, het verband van clubs, red.) ook. Wie maakt de dienst uit? Dat was bepalend bij alles wat ik trachtte aan te kaarten, zoals de verkleining van de competitie, de afschaffing van kunstgras, de verdeling van gelden. Nu zijn de drie topclubs eindelijk bereid tot een wat andere verdeling van gelden. Maar wie heeft de macht om de verandering door te voeren.

‘Je kunt jaren over de Nederlandse competitie praten, het gaat om de intensiteit van spelen. Die is in te veel wedstrijden te laag. We moeten veel meer wedstrijden onder echte druk spelen. Dat kan door terug te gaan naar zestien clubs, met een kampioenspoule. Ook onderin is dan veel meer strijd. Bij hogere intensiteit gaat het niveau omhoog. Eén van de directeuren zei over de inkrimping van de competitie: ‘Hans, in voorgaande jaren had ik voorgestemd, maar we zitten nu in een fase dat we kunnen degraderen.’ We moeten meer aan het algemeen belang leren denken.’

Ondanks het vroege vertrek noemt hij zijn periode bij de KNVB geen zwarte bladzijde. ‘Het was heel bijzonder.’ Hij schaterlacht. ‘En het is weer lekker rustig bij de bond. Het kan nu ook rustig zijn omdat het Nederlands elftal goed presteert. Dat is inherent aan sport, dat is het opportunisme. En dat heeft niets met eerlijkheid of oneerlijkheid te maken. Dat is een gegeven.’

Maak je comeback door Hans van Breukelen en Benno Diederiks. Prijs 20 euro. De opbrengst van het boek gaat naar de stichting Overleven met alvleesklierkanker van Casper van Eijck.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden