InterviewLois Abbingh

Handbalster Lois Abbingh: ‘Dat tegen Korea alles lukte, had met de diepste motivatie te maken’

Lois Abbingh in actie tegen Zuid-Korea.Beeld BSR Agency

Vrijdagochtend, 09.30 uur, speelt Nederland op het WK in Japan in de halve finales tegen Rusland. Veel zal afhangen van Lois Abbingh, topschutter. Hoe trefzeker is haar arm?

Lois Abbingh is een Nederlandse handbalster met fraaie statistieken. Het hardste schot ter wereld, of de meeste goals van een toernooi dan wel het percentage benutte strafworpen. Abbingh komt in zulke rijtjes in de allerhoogste regionen voor. Maar wie haar vraagt naar de betekenis van de cijferreeks 56, 57, 58 krijgt een lang zwijgen te horen.

56 staat voor het aantal doelpunten dat zij bij het WK in Kumamoto in de eerste acht wedstrijden heeft gemaakt. ‘O, ja.’ Nu, je het zegt, daar had ze iets van meegekregen.

57 voor de goals gemaakt bij een WK, weliswaar voor junioren, maar toch. ‘O ja, negen jaar geleden, 2010, topscorer.’ Het was in de Dominicaanse Republiek. De Nederlandse handbalsters, deels de talenten die nu de nationale A-ploeg vormgeven, veroverden brons, de allereerste WK-medaille uit de tot dan weinig florissante Nederlandse handbalgeschiedenis.

Dan 58. Die weet Abbingh vrijwel direct. Het was haar doelpuntenproductie van het WK in Duitsland, twee jaar geleden. Het was voor haar een erg goed toernooi. Gekozen in het All Star Team, als beste linkeropbouwer van de wereld. Meisje uit Ten Boer, Oost-Groningen, met een onwaarschijnlijke pegel in de rechterarm. ‘Netjes toch. Eh, niet slecht.’

Ze is een echte Groningse, die slaan zichzelf niet op de borst. ‘Ja’, erkent ze, ‘het kan beter’. Dat laatste doet ze met een royale lach.

Lois Abbingh (27) beleeft haar vijfde WK, na 2011, ’13, ’15 en ’17, als een krankzinnig toernooi. Het EK vorig jaar, met een flink gehandicapte ploeg en het uitvallen van sterspeler Nycke Groot, werd het karaktertoernooi of het improvisatietoernooi genoemd.

Haar kwalificatie van Japan 2019: ‘Dit WK is een achtbaan voor ons. Je begint vol goede moed en na de eerste wedstrijd, de nederlaag tegen ­Slovenië, denk je: dit wordt helemaal niks. Vervolgens win je vier wedstrijden later van Noorwegen en denk je: we worden wereldkampioen. Daarna verlies je in de hoofdronde op rij van Duitsland en Denemarken en verwacht je niks meer. En nu staan we in de halve finale van datzelfde WK.’

Het halen van het finaleweekeinde, dat vrijdag begint met de halve finale tegen olympisch kampioen Rusland, is volgens Abbingh het gevolg van de kwaliteit van de Nederlandse ploeg om te pieken. ‘Als het écht moest, kwam er iets naar boven bij iedereen. Dat je denkt wauw, waar komt dit vandaan? We kunnen in dit soort wedstrijden, als woensdag tegen Zuid-Korea, iets in onszelf oproepen waarmee we de tegenstander heel erg bang ­maken.’

Haar scoringsdrift bij de 40-33 tegen de Koreanen was er een voorbeeld van. Abbingh maakte zes van de eerste negen goals. De eindproductie was elf treffers, haar negende 10plus­score in het oranje shirt. Ze is intussen op weg naar de 700 goals voor ­Nederland: 669 (in 150 interlands).

‘Dat tegen Korea vanaf het begin ­alles lukte, had met de diepste motivatie te maken. Zo dicht bij die halve finale zijn. Maar dan moesten we die wedstrijd niet verliezen en ook Noorwegen moest winnen van Duitsland. We hadden echt zoiets van: dit gaat ons niet gebeuren. Wat wij van onze kant moeten doen om die kans op de halve finale te halen, dat doen we. En dan wachten we af. Of ik in een flow was? Qua concentratie was dat zeker zo. Ik wilde het niet verpesten voor ons. We hebben er zoveel tijd en energie ingestoken.’

Lois Abbingh.Beeld BSR Agency

Ze was na haar achtste wedstrijd in twaalf dagen behoorlijk kapot. Bondscoach Manu Mayonnade gunt zijn topspeelsters steeds minder rust. De jonkies worden aan de kant gehouden. ‘Dit toernooi is killing. Vooral omdat we al drie keer twee ­dagen achtereen hebben moeten handballen. Dat voel je. Na zo’n wedstrijd is het alsof je een klein ongeluk hebt gehad. Alles is beurs en blauw. En doet pijn. Zo’n rustdag als donderdag komt dan geroepen, kun je weer wat herstellen.’

De halve finale van vrijdag wordt voor Abbingh een bijzondere wedstrijd. Ze speelt met Nederland tegen haar clubcoach, Ambros Martin, die naast Rostov ook Rusland leidt. In het Russische team spelen liefst acht speelsters van Rostov, vrouwen met wie zij in het clubseizoen lange reizen maakt.

Niets is dichtbij in het reusachtige Rusland. ‘We spelen gemiddeld drie tot vier wedstrijden per week. Doen meestal twee uitwedstrijden achter elkaar. Op dag 1 een tegenstander, dag rust en dan de tweede tegenstander in die regio. De laatste verre reis van Rostov? Nou, eerst naar Toljatti vliegen voor een wedstrijd tegen het sterke Lada, dan het vliegtuig in naar Denemarken, Champions League ­tegen Esbjerg, de club van Estavana Polman. Terug een tussenstop op Moskou voor een duel tegen CSKA. Een week thuis en dan weer hetzelfde schema, met een Pools bezoek in de Champions League.’

Abbingh kan het aan, sinds ze heeft leren luisteren naar haar lichaam. Twee kruisbandoperaties in haar jonge jaren heeft ze verteerd. Ze is nu op haar sterkst en heeft al veel beleefd.

In haar topdrie van interlands hoort een duel uit 2013 in Rostov, toen Nederland het onverslaanbaar geachte Rusland, de wereldkampioen van 2001, ’05, ’07 en ’09, in eigen huis versloeg, met twaalf treffers verschil.

Abbingh schoot zevenmaal raak. ‘Dat was toen de mooiste wedstrijd ooit. Maar er zijn daarna nog andere momenten gekomen die je als de ­beste ooit kunt omschrijven. Ik schrijf daar graag onze overwinning van ­vorige week op Noorwegen bij.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden