Habana valt op door scores en huidskleur

De Zuid-Afrikaanse rugbyer Bryan Habana scoorde al acht keer een try van vijf punten bij het wereldkampioenschap, een uitzonderlijk aantal....

Van onze verslaggever Kosse Stegman

Van de vijftien Zuid-Afrikaanse basisspelers die het zaterdagavond in de finale opnemen tegen Engeland, zijn er slechts twee zwart: Habana en Pietersen. De andere vier niet-blanke selectiespelers zitten op de reservebank. De kans is klein dat zij in actie komen.

Zeventien jaar geleden schafte Zuid-Afrika de apartheid af. Die revolutie is nog steeds niet doorgedrongen tot de van oorsprong blanke rugbysport. Van de selectie is 19 procent niet-blank. Dat percentage strookt niet met de Zuid-Afrikaanse bevolking: 78 procent is zwart, 12 procent gekleurd en 10 procent blank.

De regering wil dat terugzien op het veld. Bij het volgende WK moet driekwart van het team uit zwarten bestaan, is het voorstel, ongeacht de kwaliteit van de spelers.

‘Belachelijk’, vindt oud-international John Allan, die deze week in Nederland was voor een clinic. ‘Politici moeten van de sport afblijven. Wij maken onze eigen wetten. Als dit voorstel het haalt, volgt er vermoedelijk een boycot van de spelers en van het publiek. Dan is het gedaan met het rugby in Zuid-Afrika.’

Allan, geboren in Schotland, is oprichter en directeur van de South African Rugby Legends Association (SARLA). Een organisatie met als doel het stimuleren van amateurrugby.

Met verschillende projecten probeert SARLA veelal kansarme, zwarte jongeren bij de rugbysport te betrekken en te behouden. Via plaatselijke selectietoernooien kunnen talenten zich onderscheiden en uiteindelijk misschien een plaats veroveren in het nationale team, de Springbokken.

Het is een veel betere manier om de zwarten te laten integreren in de sport, vindt Allan. ‘Je moet kijken naar kwaliteit en niet naar huidskleur. De regering is bezig een omgekeerde apartheid door te voeren. Dat hebben we allemaal al een keer meegemaakt en dat willen we niet nog een keer.’

Hoe gevoelig de kwestie ligt in Zuid-Afrika illustreert international Jean de Villiers als hem wordt gevraagd naar het geringe aantal kleurlingen in de selectie. ‘Over dat onderwerp zeg ik liever niets. Ik ben een speler en mensen kunnen mijn woorden verkeerd opvatten.’

De Villiers raakte geblesseerd in het eerste WK-duel tegen Samoa en is om dezelfde reden als Allan in Nederland.

Toen Zuid-Afrika in 1995 in eigen land het wereldkampioenschap won, verbroederde de gemeenschap. Symbolisch was het moment waarop toenmalig president Nelson Mandela de wereldbeker overhandigde aan de (blanke) aanvoerder van het team François Pienaar.

Het was de eerste keer dat Zuid-Afrika mee mocht doen aan een WK. Bij de twee eerdere kampioenschappen was er nog een boycot van kracht vanwege het apartheidsregime.

Veel is er sinds dat jaar binnen de teamsamenstelling eigenlijk niet veranderd, al is de manager van de Springbokken zwart. Toch ziet Allan het positief in: ‘Over vier jaar bestaat 40 procent van het team uit zwarten. De mogelijkheden om tot de nationale selectie door te dringen worden beter, bijvoorbeeld door projecten van SARLA.

‘Maar hoger dan 50 zal het percentage nooit worden. De forwards zullen altijd blank blijven, want zij zijn van nature groot, breed en sterk. Zwarten zijn vooral snel. Moet je je voorstellen dat we nog een Habana vinden. Of beter: nog vijf. Dan zal Zuid-Afrika nooit meer een wereldkampioenschap verliezen.’

Jean de Villiers blijft zwijgen over het onderwerp. Wel waagt hij zich aan een voorspelling voor de finale: ‘29-9 voor ons. Engeland scoort geen try, Zuid-Afrika wel. Minimaal twee.’

Die zijn waarschijnlijk voor rekening van Habana.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden