Goudgele haarring is weer een bokskroon

Maanden wachtte Raymond Joval op een tegenstander. Zondag trof hij de Argentijn Francisco Abtonio Mora in Schermerhorn. Joval won en kan zich opmaken voor een serie vervolgpartijen....

'Het doet pijn, au au au.' Met een dichtgemetseld oog en een bloedende wond in de kaak weet Raymond Joval nog net iets te roepen in de microfoon van de omroeper. De gouden riem gaat na zijn triomf de lucht in. De Amsterdamse bokser heeft pijn, maar pijn is de prijs die hij graag wil betalen voor behoud van zijn wereldtitel. 'That's boxing.'

Een paar hechtingen zijn nodig, denkt de ringarts. 'Het is een kleine wond in de mond, niets ernstigs.' Het gaat volledig langs Joval heen. Hij wrikt wat aan zijn kaak, spuugt donkerrood bloed in een vuilnisbak. Uitgezakt zit hij op een houten schoolstoel. Zijn witte broek wordt steeds roder. Iedereen wil hem spreken, bijna niemand die hij hoort. 'Hij deed mij pijn', mompelt hij. 'Dat moest ophouden.'

De aanrichter van alle leed is de Argentijn Francisco Abtonio Mora (28). Maar hij hield op, na veertien ronden boksen. En ook Mora kwam niet ongeschonden uit de strijd. Belangrijker dan alle letsel: Joval wint zijn dertigste professionele bokspartij op punten. Hij is en blijft de IBO-wereldkampioen in het middengewicht.

'Hopkins = Next!!' Op een langgerekte Surinaamse vlag voorspelt de aanhang het volgende slachtoffer van Joval: de Brit Hopkins, de nummer één van de wereld. Maar zover is het nog niet. De Nederlandse vlag ligt om Joval's schouders. Hij wint het gevecht op punten, maar hij lijkt meer aangeslagen te zijn dan zijn opponent. Of hij wel gerekend had op zulke tegenstand, vraagt iemand. 'Natuurlijk wel', pruttelt de kampioen. 'Het is altijd hard bij Joval.'

Eindelijk staat Joval weer eens in de ring. In mei 2002 bokste hij zijn laatste partij. De 34-jarige Amsterdammer was maandenlang een bokskampioen zonder arena. In augustus zit hij zelfs zonder manager, zonder promotor en zonder sponsor. Zijn toestand wordt deplorabel. Joval gaat hardlopen - Van Dam tot Dam-loop en de halve marathon van Amsterdam -, fietst om het IJsselmeer met een tentje op zijn rug. Het hoofd moet leeg, het lichaam heeft prikkels nodig. Hij heeft genoeg van de gevechten buiten de ring.

Zijn bond, de IBO, stuurt in november de gevreesde fax: geen boksduel, geen kampioensriem. Joval moet zo snel mogelijk een uitdager zoeken, anders moet hij zijn titel inleveren. In een haast radeloze smeekbede tijdens de NK-boksen voor amateurs eind vorig jaar, vraagt Joval of de boksfans hem niet willen vergeten.

En zowaar, het tij keert voor Joval. Aad Veerman is de IBO-kampioen niet vergeten, en ontfermt zich over hem. De Rotterdamse bokspromotor organiseert een titelgevecht. Maar het lijkt toch weer mis te gaan. De beoogde tegenstander uit Zuid-Afrika, Ruben Groenewald, verliest zijn laatste partij en is reglementair ongeschikt als uitdager van Joval. Rotterdam valt af als locatie.

Het wordt uiteindelijk Schermerhorn, sporthal De Myse, achter de kerk. Tegenstander: Mora, een gedrongen Argentijn met 'een goede kin' om te incasseren. De door Joval zo geliefde Engelse aforismen kunnen weer uit de kast: 'It's do or die. It's only one way and that's my way.' De bijbel van evangelist 'Hallelujah' Joval ligt weer in zijn sporttas. Zijn goudgeverfde haarring moet weer een kroon worden, een aureool van triomf. Joval is er weer klaar voor.

Toch, in Schermerhorn voorzien sommigen een foute afloop: 'hij heeft geen ritme' en 'hij heeft geen laatste stoot'. Nordin Ben-Salah uit Purmerend, tegen wie Joval in maart een prestigeduel bokst in Ahoy, is commentator voor Radio Noord-Holland. 'Oe, die zat goed', zegt 'Fighting' Nordin na een voltreffer in de zij van Joval. 'Daar heeft hij nog wel even last van hoor.'

Conditioneel blijkt de Nederlander echter niet ijzersterk. Het tempo blijft hoog, technisch laten beide boksers steekjes vallen. Beiden wankelen nu en dan, maar niemand blijft liggen. Zweet en bloed sproeien door de ring. Laatste bel, Joval wint nipt. Het is zwaar geweest na meer dan zes maanden zonder partij. 'Dat was nog het moeilijkste', benadrukt de uitgeputte wereldkampioen de nadelen van zijn lange afwezigheid in de boksring.

Een begeleider drukt ijs op zijn dichtgeslagen oog. Een handdoek gaat opnieuw over het opgezwollen gezicht. Niet stoten maar vragen geselen nu de kampioen. Een diepe zucht, maar geen antwoord. Hij staat op zonder iets te zeggen en loopt naar zijn kleedkamer. Trainer Eric van den Berg neemt het over. 'Hij was de eerste die moest slaan. Die Mora stond niet voor niets in de ring.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden