Gewapend met een arm goed voor 66,7 kilometer per uur

De waterpolosters spelen vandaag in de halve finale tegen Spanje, een zware hindernis op weg naar de Europese titel. Veel zal afhangen van de kracht van Lieke Klaassen. 'Ik gooi wel een lekker balletje.'

Lieke Klaassen (rechts) zorgt ervoor dat haar tegenstander niet aan een pass toekomt Beeld epa

'Wij willen in Gouda achter de bar staan.' De uitspraak van Lieke Klaassen is ambitieuzer dan ze klinkt. 'Achter de bar' is synoniem voor 'geplaatst voor de Spelen'. Om naar Rio te mogen moet Lieke Klaassen (24) vrijdagavond in Belgrado Europees kampioen worden. In dat geval zijn de Nederlandse waterpolosters zeker van een ticket en is deelname aan het olympisch kwalificatietoernooi eind maart in Gouda overbodig.

Mocht Nederland in Belgrado al de beslissende slag slaan, dan heeft dat veel te maken met de inbreng van Klaassen. Zij is de reuzin met het enorme schot. 'Ik gooi wel een lekker balletje.'

Dankzij haar trefzekerheid werd ze drie jaar geleden topscorer van het WK-toernooi in Barcelona. 'De tegenstanders hebben goed gekeken en hun tactiek daarop afgestemd. Zoals nu in Belgrado Maud Megens een hogere pressing krijgt, omdat zij op het WK van Kazan opviel. Maar weet je wat echt telt: wij hebben elf speelsters die alle elf een bal erin kunnen gooien.'

Klaassen staat in Belgrado na zes wedstrijden op zestien goals. Het gaat haar niet om haar productie. 'Die topscorerprijs van drie jaar geleden in Barcelona hadden ze gerust van mij mogen afpakken, als wij daar maar op het erepodium hadden gestaan. Ik heb het echt liever zoals het nu gaat. Dat het hele team op gang is en dat we met zijn allen goed spelen. En dat Maud er een paar goals ingooit. Prima hoor.'

Jij gooit hard?

'Ja, ik heb een hard schot.'

Wordt dat wel eens gemeten?

'Op het WK in Barcelona hadden ze snelheidsmeters. De cijfers staan ergens op internet. Toen had ik het hardste schot van dat toernooi. Van de vrouwen dan.'

De snelheid van haar schoten is berekend op 66,7 kilometer per uur, volgens de statistieken uit de voorronde 0,4 km/u. langzamer dan de Australische Ashleigh Southern. De natte bal wordt op kracht geworpen. 'Ik doe heel veel krachttraining met mijn armen. Ik kan met bankdrukken (liggend op een bank een halter opdrukken, red.) bijna meer gewicht aan dan met squatten (door de knieën buigen en uitveren met halter in de nek, red.).'

Haar armen zijn sterker dan haar benen, zegt de vrouw van 1.83 lang en 95 kilo zwaar. Haar schoudergordel is imposant. 'Ik werk nu eenmaal meer met de arm. Ik kan heel gemakkelijk gooien vanuit de onderarm. Ik hoef niet met mijn hele lichaam mee te draaien om het schot vaart te geven. Dat heeft met de kracht van mijn arm te maken. ik heb daarvoor niet de swing van het lichaam nodig.'

Strafworpen neemt ze met maximale kracht. 'Dan ga ik klaarliggen en gebruik ik de hele beweging. Ook van het lichaam, zodat de bal nog net iets harder gaat. Maar de keeper krijgt ook meer tijd. Daarom schiet ik in de wedstrijd vaker vanuit de arm dan vanuit het lichaam.'


Met haar 95 kilo, 5 minder dan de befaamde Italiaanse midvoor Elisa Casanova, zou Lieke Klaassen de meest spitse aanvalsplek kunnen innemen. 'Ik kan daar prima liggen, ja. Maar ik heb geen explosieve handelingssnelheid. Ik kan niet snel draaien. Daarvoor ben ik iets te lomp en te log.


'Ik kwam bij het Nederlands team onder de Italiaanse bondscoach Maugeri. Ik was bij mijn club midvoor. Op clubniveau kon ik dat wel aan. Ik ben nu eenmaal veel sterker dan Nederlandse tegenstanders. Ik kan best wel een beetje duwen. Maar op wereldniveau is dat wel wat anders. Ik kon dat niet handelen. Daarom ben ik naar de midachter-positie gegaan. En we hadden ook te weinig midachters in de ploeg.'

De kracht van haar schot was al bekend. 'Maar ik kom nu meer in de positie om die uit te oefenen. Arno (bondscoach Havenga, red.) zegt ook: schiet maar als je een kans hebt. Vroeger aarzelde ik wel. Dacht ik: neem jij dat schot maar. Of als ik het eerste schot miste, dacht ik: misschien moet ik maar niet meer schieten in deze wedstrijd. Daar ben ik wel overheen. Als een bal er lekker in gaat in de eerste periode, is dat geen garantie voor de volgende drie perioden. En andersom ook niet. Ik merk dat ik wedstrijden die ik niet goed begin, prima kan afsluiten.'

Haar eigen rol is bijzaak. 'Als we maar winnen. Het is wel zo dat als ik zelf kut speel, dat ik dan een ander gevoel heb bij zo'n overwinning. Maar winnen en naar de volgende ronde, dan hoor je mij niet klagen.'


Waterpolosters verpletteren Duitsland: 19-2

De Nederlandse waterpolosters hebben woensdag de halve finales bereikt op het Europees kampioenschap in Belgrado. De nationale ploeg was oppermachtig tegen Duitsland. De wedstrijd eindigde bij 19-2 (8-0, 3-1, 5-0, 3-1). Topschutter was Nomi Stomphorst met vijf doelpunten.

De andere doelpunten kwamen op naam van Yasemin Smit (3), Dagmar Genee, Amarens Genee, Sabrina van der Sloot, Lieke Klaassen (allen 2), Vivian Sevenich, Isabella van Toorn en Marloes Nijhuis.

In de strijd om een plaats in de finale treft Nederland donderdag Spanje, dat woensdag ook al met grote cijfers afrekende met Rusland, 12-8. De Zuid-Europese ploeg geldt als een zware tegenstander. Nederland verloor van de Spaanse vrouwen de vorige EK-finale en ook wisten de Nederlandse vrouwen in december twee oefenduels in de VS niet te winnen van Spanje. 'Spanje heeft altijd een goede ploeg, die we vaak tegenkomen. Je merkte dat Spanje een aantal makkelijkere wedstrijden achter de rug heeft, ze moesten dus nog wat inkomen. Maar de ploeg zal er echt wel staan', zei Yasemin Smit bij waterpolo.nl. ANP

Yasemin Smit Beeld anp
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden