Getafe, veel meer dan een uit de hand gelopen grap

De koploper in de Spaanse voetbalcompetitie is niet Real Madrid of Barcelona, maar een club zonder volle prijzenkast: Getafe. Maar dat zou weleens kunnen veranderen dit seizoen....

Wat hebben Bayern München, Juventus, Chelsea en Getafe met elkaar gemeen? Ze zijn de trotse lijstaanvoerders in de grootste vier voetbalcompetities van Europa. Maar Die Bayern, The Blues en La Vecchia Signora hebben een imposant verleden, Los Azulones beschikken niet eens over een prijzenkast.

Waarom zouden ze die ook moeten hebben? De Spaanse club heeft geen bekers, geen landstitels, zelfs geen indrukwekkende historie om mee te pronken. Wat de vereniging wel heeft? Zestienduizend hondstrouwe supporters die van de ene verbazing in de andere vallen.

Wie begin dit seizoen had gezegd dat Getafe na acht speelronden bovenaan zou staan in de Primera División was niet alleen weggehoond uit het Alfonso Pérez-stadion – vernoemd naar de enige Spaanse international die de stad heeft voortgebracht. Hij zou ook in Getafe zelf, bekend als de bakermat van de Spaanse luchtvaart, zijn weggelachen.

Natuurlijk, dromen kunnen ze in deze industriestad twaalf kilometer ten zuiden van Madrid. Voor velen van de 180 duizend arbeiders en immigranten is dat ook het enige dat ze hebben. Maar realistisch zijn ze ook. En de realiteit is dat Getafe feitelijk een uit de hand gelopen grap is.

Ruim twintig jaar geleden zette een aantal fans van het grote Real Madrid een voetbalclubje op. Omdat ze gek waren op het spelletje. Omdat ze de acties van hun Koninklijke helden in het Bernabeu-stadion op het voetbalveld wilden imiteren.

Het gevolg: promoties, degradaties en een bijna-faillissement in april 2002. Tot Getafe vorig jaar dankzij een sensationele overwinning in Tenerife – vijf goals van spits Sergio Pachón – een plek op het hoogste niveau veroverde.

Het eerste seizoen in de zogeheten Liga de las Estrellas (Competitie van de Sterren) eindigde Getafe verdienstelijk op de dertiende plaats. Dat leidde al tot een opperbeste stemming in het knusse stadion dat eigenlijk was bestemd als een podium voor popidolen en rocksterren.

Ga maar na: voorzitter Angel Torres van Getafe is eigenlijk socio nummer 33.133 van Real Madrid. De technisch directeur is een plaatselijke journalist. En de penningmeester is twaalf uur per dag bezig om de rekeningen van de club weer kloppend te maken. Vooral nu de begroting van 3,4 miljoen euro naar 12 miljoen euro is verhoogd.

Bij Real Madrid betalen ze daar het salaris van David Beckham van. Maar bij Getafe moet de gehele club een seizoen lang van dit bedrag draaien.

Toch trokken Los Azulones (De Blauwachtigen) deze zomer twaalf nieuwe spelers aan. Onder hen Getafes duurste aankoop aller tijden: voor 800 duizend euro werd de 24-jarige Spaanse spits Daniel Güiza bij Murcia losgeweekt.

Maar voorzitter Torres en zijn penningmeester maakten zich geen zorgen. De verkoop van elf spelers leverde een veelvoud hiervan op. En de andere versterkingen – jonge talenten en gerijpte routiniers – worden gehuurd en geleend van andere clubs.

Bovendien ging – en gaat – de meeste aandacht bij Getafe uit naar de trainer: Bernd Schuster, de Duitse oud-international die als enige speler voor de grote drie in Spanje (Real Madrid, Atletico Madrid en Barcelona) uitkwam.

Zijn komst in juni moest de leegte opvullen die het vertrek van trainer Quique Sanchez Flores naar Valencia had achtergelaten. Al werd de komst van de voormalige stijlvolle middenvelder eerst niet door iedereen uitbundig begroet.

Een deel van de aanhang zag liever ex-Real ster Michel als coach komen. Maar die gaf na lang twijfelen de voorkeur aan een andere Madrileense club: Rayo Vallecano. Saillant detail: vorige week schakelde Getafe Michels ploeg uit in het Spaanse bekertoernooi.

De voornaamste reden voor de aanvankelijke reserves in Getafe gold echter het eigenzinnige karakter van de 45-jarige Duitser. Dat heeft vaak een schaduw geworpen over zijn verder knappe prestaties. Berucht is zijn vroegtijdige vertrek in 1986 bij de verloren Europa Cup 1-finale in Sevilla. Terwijl zijn ploeggenoten van Barcelona zich voor de strafschoppenserie tegen Steaua Boekarest opmaakten, zat een boze Schuster – hij was gewisseld – al bij zijn vrouw op de hotelkamer.

Een vroegtijdig vertrek karakteriseerde tot nu toe ook zijn trainerscarrière. Bij bescheiden clubs als Xerez, het Oekraïnse Sjachtar Donjetsk en Levante werd Schuster ondanks successen de laan uitgestuurd na ruzies met de preses.

Bij Getafe bezweren voorzitter Torres en Schuster wekelijks dat ze gek op elkaar zijn. En ook de spelers en de fans laten geen kans onbenut de aanvallende filosofie van hun trainer te bewieroken.

Bovendien is Schuster geen trainer die ingewikkeld doet voor een schoolbord. Zijn besprekingen? Acht minuten, maximaal.

Bij de Spaanse lijstaanvoerder Getafe wensen ze voorlopig geen andere aanpak.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden