Gerritsen demonstreert koelbloedigheid

Stilstaan bij de start, het lijkt zo eenvoudig. Maar voor Annette Gerritsen bleek dat bij de NK sprint het moeilijkste facet van schaatsen....

Van onze verslaggever Mark van Driel

Duizenden malen heeft de 23-jarige sprintster al plaatsgenomen achter de rode lijn, die op het beton onder de ijsvloer is geschilderd. In wedstrijden en in trainingen, in ijskoude hallen en hallen met een aangename kamertemperatuur. Ze kan de procedure wel dromen. Drie tellen stilstaan, dan exploderen. Snel starten is haar specialiteit.

Maar in ijshal Kardinge ging Gerritsen de fout in. Ze reduceerde haar NK tot de start. Nog voor ze een meter had geschaatst, was de torenhoge favoriete voor de titel al uitgeschakeld. Bij de eerste 500 meter ging ze tweemaal in de fout. Ze bewoog bij de eerste poging, ze vertrok te snel bij de tweede. ‘De NK is niet mijn toernooi’, concludeerde ze. Vorig jaar kwam Gerritsen ten val op de 1000 meter.

De nummer drie van het WK sprint, vorig jaar, moest lijdzaam toezien hoe minder hoog aangeslagen sprintsters streden om de vacante titel. Tienvoudig nationaal kampioene Marianne Timmer moest vanwege een liesblessure afzeggen.

Haar ploeggenote Margot Boer bleek over vier afstanden de snelste en regelmatigste. Ze won een afstand (500 meter) en bleef Natasja Bruintjes in het eindklassement ruim voor. Beide schaatssters zullen bij de WK sprint, over twee weken in Moskou, worden vergezeld door de nummer drie van de NK, Laurine van Riessen.

Ook Gerritsen mag naar de WK. Ze herstelde zich van haar valse start en maakt zelfverzekerd gebruik van de uitzonderingspositie die ze verkreeg op grond van haar sterke voorseizoen. Ze moest met haar snelste 500 en 1000 meter eindigen bij de beste zes. Ze was de op een na snelste in het fictieve klassementje, dat ook werd gewonnen door Margot Boer.

Vooral met haar tweede 500 meter maakte Gerritsen indruk. Ze moest een foutloze race rijden en deed dat ook. Ze flitste in 39,05 naar een baanrecord. Ze was bijna 0,4 seconde sneller dan de zeven jaar oude toptijd van ex-sprintster Andrea Nuyt. Boer was in haar beide ritten op de 500 meter bijna een halve seconde langzamer dan haar ploeggenote.

Achter de startstreep voor de tweede 500 meter voelde Gerritsen zich kalm, zei ze. Ze had de start een paar maal extra geoefend. Haar trainer Orie had met luchtige grapjes geprobeerd haar zenuwen te verdrijven en benadrukt dat ze al duizenden malen zonder problemen was vertrokken. ‘Jac maakt altijd grapjes’, zei de sprintster die roerloos op het startschot wachtte.

Ze telde niet met de starter mee, ze dacht niet aan het mislopen van het WK. ‘Ik was vastberaden. Gewoon stilstaan. Het schot is wegwezen. Meer niet.’ Haar misser van zaterdag weet ze aan een combinatie van spanning en het wat trage inzakken van haar tegenstander. Daardoor moest ze relatief lang wachten op het schot. ‘Het was een incident’, zei ze.

Met haar koelbloedigheid wist Gerritsen te voorkomen dat de rol van de Nederlandse vrouwen bij de WK sprint al bij voorbaat kleiner zou zijn dan de afgelopen jaren. Zij is nu de enige deelneemster die al eens een medaille heeft gewonnen. Ze werd ook al eens zesde en zevende.

Ireen Wüst, die twee jaar geleden nog zilver won en vorig jaar zesde werd, kwam niet in de buurt van kwalificatie. De Nederlandse kampioene allround droomde afgelopen week stilletjes van de sprinttitel, zo bekende ze na een mislukte eerste dag. Ziekte ontnam haar alle kracht. Na de eerste dag stond ze negende. De tweede dag besloot ze te laten schieten.

Hoewel Margot Boer twee jaar geleden zesde werd bij de WK sprint, zullen alle ogen zijn gericht op Gerritsen. Zij kan zich wellicht staande houden tussen de regerend kampioene Jenny Wolf, oud-kampioene Anni Friesinger en enkele Canadese en Chinese vrouwen.

Aan haar start zal dat niet liggen, denkt Gerritsen. Daarin heeft ze het volste vertrouwen, ondanks de diskwalificatie van zaterdag. De komende twee weken zal de nadruk liggen op het verbreden van haar schaatsslag, vooral op de 1000 meter. Door bredere slagen te maken, zal ze minder energie verspillen. Daardoor behoudt ze langer een hoge snelheid.

‘Smal rijden is een bekende fout van mij’, zei Gerritsen, die als gevolg van die verkeerde techniek op haar enige 1000 meter als zesde eindigde. Ze moest meer dan anderhalve seconde toegeven op de snelste tijd van het weekeinde: de 1.19,17 van Marrit Leenstra. Vanwege haar valse start op de eerste 500 mocht ze op de tweede 1000 meter niet in actie komen.

Gerritsen: ‘Het is niet realistisch om te zeggen: ik rij straks bij het WK eventjes bij de podiumplaatsen. Maar als de vier afstanden goed gaan, hoop ik hoog te eindigen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden