Analyse

Geen vuiltje aan de lucht voor keuzeheren van schaatselite

De samenstelling van de schaatsploeg voor de WK afstanden bezorgde de bond geen kopzorgen. Dat zal voor de Winterspelen niet anders zijn.

Kjeld Nuis, Sven Kramer en Patrick Roest. Beeld anp
Kjeld Nuis, Sven Kramer en Patrick Roest.Beeld anp

Als de schaatsploeg voor de Olympische Winterspelen van Pyeongchang 2018 net zo simpel kan worden samengesteld als die voor de WK afstanden in Pyeongchang volgende maand, dan zal dat voor de schaatsbestuurders een pak van hun hart zijn. Grote dilemma's ontbraken bij de selectiewedstrijd van afgelopen week, de NK afstanden.

Mochten die hoofdbrekens aan het eind van dit jaar, bij het Olympisch Kwalificatie Toernooi, zich wel voordoen, dan heeft de selectiecommissie langebaan per sekse drie aanwijsplekken in handen; 30 procent van de beschikbare twintig deelnemersplaatsen (tweemaal tien) voor het olympische schaatstoernooi. Daarmee kan zelfs een zieke topper, op tijd afgemeld, boven aan de selectievolgorde worden geplaatst.

Met de huidige gang van zaken, als de voorbije week getoond in het vernieuwde Thialf, lijkt er weinig schokkends ophanden. Schaatsers weten dat zij hun eerste topvorm moeten tonen op dit scharniermoment van de winter. Wie eind december niet goed is, kan het voor de rest van het seizoen vergeten. Dat besef is er door de jaren heen steeds in gehamerd. De WK afstanden zijn bovendien sinds twee jaar ingekwartierd in hetzelfde tijdsgewricht als de Olympische Winterspelen: half februari.

Marrit Leenstra, Jorien ter Mors en Ireen Wüst. Beeld anp
Marrit Leenstra, Jorien ter Mors en Ireen Wüst.Beeld anp

De WK-ploeg van Nederland is, in het vooralsnog weinig veranderende landschap van schaatsen, gebouwd rond de olympische titelverdedigers Sven Kramer, Jorrit Bergsma, Ireen Wüst en Jorien ter Mors. Van de olympische kampioenen van 2014 is Stefan Groothuis (1.000 meter) gestopt en lijkt Michel Mulder (500) het spoor bijster. Een bijna-kampioen van 2014, mijlspecialist Koen Verweij, is na een verrommelde winter (2015-2016) op de weg terug, maar hij zal in het ijsstadje van het Koreaanse district Pyeongchang, Gangneung, in februari op de reservebank zitten.

De WK-ploeg zou een blauwdruk van de olympische 2018-afvaardiging moeten zijn. Bij de vrouwen lijkt dat, met een oog naar de toekomst, een ABC'tje te worden. Ireen Wüst en Jorien ter Mors gaan bij de Koreaanse test voor het olympische toernooi alvast vier afstanden rijden, drie persoonlijke plus de ploegachtervolging. Met de Friezinnen Marrit Leenstra en Antoinette de Jong is het hart van de ploeg compleet. De stayers Carien Kleibeuker en Yvonne Nauta sluiten daarbij aan.

Na dat zestal zal Irene Schouten, de wereldkampioen mass-start (minimarathon over zestien ronden) van 2015, eerste keuze zijn. Teamgenoot Kleibeuker, ook actief bij Clafis onder coach Jillert Anema, zal haar rechterhand worden in die nieuwe tak van het olympische schaatsen. Met de 500-rijdsters Van den Brandt en Das wordt het getal van tien in een denkbeeldige olympische opstelling niet eens gehaald.

Daidai Ntab en Kai Verbij. Beeld anp
Daidai Ntab en Kai Verbij.Beeld anp

Bij de mannen zijn er ook twee schaatsers die in Pyeongchang 2017 (en 2018) vier plaatsen innemen. Sven Kramer en Jorrit Bergsma rijden drie persoonlijke nummers. Beiden staan genoteerd voor de ploegachtervolging. Daarbij komen de specialisten Kjeld Nuis, Patrick Roest, Douwe de Vries, Kai Verbij, Dai Dai Ntab, Ronald Mulder en Jan Smeekens. Er wordt normaliter een plaats vrijgehouden voor de sterkste Nederlandse man op de mass-start. Dat is nog steeds vicewereldkampioen Arjen Stroetinga die met Jorrit Bergsma een soortgelijk koppel vormt als Schouten-Kleinbeuker bij de vrouwen.

In die opstelling zou er voor een sterke rijder als Jan Blokhuijsen geen plaats zijn. Blokhuijsen is een sterke kracht in de ploegachtervolging. In die discipline heeft Nederland royaal uitzicht op het olympische goud dat in 2014 door het drietal Kramer, Blokhuijsen en Verweij werd veroverd. Het sterker maken van dat trio zal een hogere prioriteit kennen dan een derde man op de sprint.

Het kan Jan Smeekens, zilverenmedaillewinnaar in Sotsji, zomaar zijn olympische startplek gaan kosten. Het is het privilege dat de selectiecommissie heeft bedongen. Haar recht om drie 'aanwijsschaatsers' te benoemen stoelt op principe 1 van de olympische plaatsingsprocedure: 'Kans op winnen van gouden medailles zo groot mogelijk maken.'

Het schaatslandschap overziend lijkt bij de mannen de opvolging van grote namen, voor na de Winterspelen van volgend jaar, op handen. Bij de vrouwen is er minder aandrang.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden