INTERVIEWMAURITS HENDRIKS

Gaat Nederland met de kansrijkste afvaardiging ooit naar de Spelen?

Niemand wenst zich aan voorspellingen te wagen over de Nederlandse oogst bij de Olympische Spelen van Tokio deze zomer. Een dik half jaar voor het grootste sporttoernooi per olympiade houdt Maurits Hendriks, de technisch directeur van Olympisch comité NOCNSF, de kaarten tegen de borst.

Sifan Hassan wint goud op de 1.500 meter tijdens het WK Atletiek afgelopen jaar in Doha.Beeld Getty Images

Hij heeft, als chef de mission van voorgaande Spelen, zijn lessen geleerd. Hendriks zei bij vragen over doelstellingen op medaillegebied altijd ‘plus één’ ten opzichte van de vorige Olympische Spelen. Dat werd in Rio ‘min één’, van de 20 van Londen 2012 terug naar 19 medailles voor de Nederlandse ploeg in Brazilië.

De rol van chef de mission is voor Tokio 2020 aan oud-zwemkampioen Pieter van den Hoogenband en die is ook zo wijs om geen enkele voorspelling te doen. Maandag bij een persbijeenkomst op Nationaal Sportcentrum Papendal liet Van den Hoogenband de woordvoering volledig aan Hendriks die vooral sprak van de achtergronden van het Nederlandse sportsucces dat wereldwijd intussen met argusogen wordt gevolgd.

Hoe doen die Nederlanders dat? Hoe dringen zij zich tussen de beste elf, twaalf landen van de wereld? Hoe konden die lui uit dat dooiland zonder bergen en sneeuw al tweemaal de topvijf van de medaillespiegel van de Winterspelen halen? Nederland, met een topsportbudget van intussen 65 miljoen euro voor 66 programma’s, geldt met Noorwegen en Nieuw-Zeeland als de wonderlijke witte raven van de sportwereld. Klein maar o zo succesvol.

Epke Zonderland in actie op het WK turnen.Beeld BSR Agency

Hendriks kwam op de site van zijn eigen organisatie in een ‘hoe staan we ervoor?’ nog even met de glanzende getallen van TeamNL zoals de samenvoeging van al die sporters en sportteams tegenwoordig door het leven gaan. In 2019 won Nederland 119 gouden medailles  op EK’s en WK’s. Een wereldtitel motorcross voor de nationale ploeg van Jeffrey Herlings (behaald in Assen) telt daarin ook mee, evenals de succesvolle parazwemmers, om een idee te geven.

In totaal werden vorig jaar door Nederlandse sportlieden 289 podiumplaatsen (top-3) veroverd. Het is een onvoorstelbaar getal dat overigens leidt tot zekere inflatie van succes. Wie geen kampioen wordt, telt niet tot nauwelijks mee. Dat is een haast Amerikaanse gedachte.

Op de site van NOCNSF was topsportregisseur Hendriks nog iets meer toegespitst met zijn rijtje cijfers. Hij repte van de grote proeven in het voorolympische jaar met olympisch perspectief. ‘Als je kijkt naar de laatste wereldkampioenschappen in de olympische sporten, tikken we de veertig podiumplaatsen wel aan. Als we dat als graadmeter nemen en de kwalificaties goed doorlopen, gaan we met de meest kansrijke afvaardiging ooit naar Tokio.’

Het record van Sydney 2000 zal op de korrel worden genomen. Hendriks, als winnende hockeycoach, en Van den Hoogenband als tweemaal zegevierende zwemmer (100 en 200 meter vrije slag) waren daarbij betrokken. Het resultaat was toen 25 medailles, waarvan twaalf gouden exemplaren.

Hendriks maakte met zijn sheets ook duidelijk dat successen in de preolympische jaren niet alles zeggen over het uiteindelijke resultaat in het jaar dat werkelijk telt, het olympische jaar. Hij sprak van een Britse metafoor, ‘alle honken zijn bezet richting de Spelen.’ Hendriks: ‘Dit geldt ook absoluut voor ons. Alleen moeten de sporters nog wel binnen worden geslagen. De laatste klap is nog nodig. (..) Wat er in 2019 is gebeurd, zegt daardoor niet direct iets over de medailles.’

In 2015 bijvoorbeeld werden in de olympische zomersporten 37 WK-medailles gewonnen. Een jaar later waren daar er 19 van de hoger ingeschaalde olympische soort van over. Tien keer werd in Rio een ‘houten medaille’ gewonnen, ofwel eindigde de Nederlander op de vierde plaats. Ook in 2019 kwam de Nederlandse olympische ploeg aan 37 medaillesuccessen. Toch wordt uitgegaan van een hoger succes.

Anna van der Breggen wint in 2019 de Waalse Pijl.Beeld BELGA

De enige topsportchef die zich daar deze week over uitsprak van Thorwald Veneberg van de wielrenunie KNWU. Zijn uiterst kansrijke ploeg, vier jaar geleden goed voor zes plakken, gaat er zeven of meer halen. Dat is de doelstelling op twee wielen, iets van een kwart tot eenderde van de Nederlandse oogst.

Een andere indicator van toekomstig succes is wat NOCNSF ‘de top-8 plekken’ noemt. Dat gaat om sporters en sportploegen die de sprong naar het podium in Tokio kunnen maken. ‘Potentie’ heet dat in het jargon van Hendriks. In 2011 waren dat er 48, met als uitkomst 20 medailles in Londen. In 2015 was dat beloftevolle getal 74. Het werden er 19. Nu, na 2019, is de stand 85.

Het enige getal dat NOCNSF deze week wel wenste te voorspellen was dat van de omvang van de Nederlandse ploeg. Flat 7 van het olympisch dorp van Tokio gaat tussen de 260 en 350 Nederlandse sporters herbergen. Het oude record is van Rio: 242.

Medaillegok

Een ingewijde als Maurits Hendriks noemt de voorspellingen van het databureau Gracenote (voorheen Infostrada) ‘lariekoek’, goed om bij de vrijdagmiddagborrel door te nemen en de wijsneus uit te hangen. Immers resultaten uit het verleden bieden geen garantie voor de toekomst. Toch gooit meestervoorspeller Simon Gleave er elke keer weer zijn met behaalde resultaten onderbouwde rijtjes uit, met voor Nederland de laatste jaren enorme getallen. 

Vorig jaar werd Nederland voor Tokio 2020 op 34 medailles (13 goud, 7 zilver en 14 brons) geprognosticeerd. Dat was de zevende plaats in het landenklassement. Nu een half jaar later is Nederland opgeschoven naar 41 plakken (16 goud, 9 zilver en 16 brons), met 24 stuks voor de vrouwen en 17 voor de mannensectie van de nationale ploeg. Nederland bezet daarmee de zesde plaats in het virtuele medailleklassement. Het aantal gouden medailles is daarbij leidend. Slechts in totaalaantallen moet het Groot-Brittannië voorlaten. Dan is Nederland zevende.

TOP-7 medailleklassement (PER 24/1/2020):

1. Ver. Staten                 47 – 36 – 34 = 117

2. China                         43 – 21 – 23 = 87

3. Japan                        30 – 24 – 11 = 65

4. Rusland                     25 – 19 – 22 = 66

5. Australië                   17 – 16 – 11 = 44

6. Nederland                16 - 9 – 16 = 41

7. G-Brittannië             13 – 12 – 17 = 42

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden