Friezen leren vreemde varianten van het kaatsen kennen

Kaatsen is een wereldsport en dat willen de Friezen weten. Op de PC, het jaarlijkse hoogtepunt op de kaatsagenda in Franeker, luisteren vandaag officiële delegaties uit België, Frankrijk, Spanje, Italië, Argentinië en Mexico het honderdjarig bestaan van de Koninklijke Nederlandse Kaatsbond (KNKB) op....

WIO JOUSTRA

Van onze verslaggever

Wio Joustra

FRANEKER

De 'kleifriezen' kruipen uit hun schulp. Elfstedentocht, skûtsjesilen en wedstrijden van SC Heerenveen mogen dan massa-evenementen zijn geworden, het kaatswereldje is altijd een 'eiland op zichzelf' gebleven. En dat moet anders, vinden de kaatsbobo's. Vrijdag wordt in de oude academiestad een nieuwe pelotebaan geopend, met een twaalf meter hoge en zestien meter brede muur, een 'fronton' genaamd.

Het on-Friese bouwwerk moet de Friezen vertrouwd maken met de Baskische en Belgische varianten van het aloude kaatsspel. Voor de openingshandeling is Wouter Huijbregtsen gestrikt. Zeker niet alleen omdat het NOC deze internationale kaatsfaciliteit mede heeft gesponsord, maar ook omdat de Friezen stilletjes hopen op het kaatsen als Olympische sport in de toekomst. Vanaf donderdag strijden in Franeker en Oosterlittens, het enige Friese dorp dat al een pelotebaan heeft, vijf Europese landen om de eer in de spelsoort 'Llargues'.

Kaatsen is ook een levende sport. Althans in een kleine uithoek van het land, op de Friese klei. Daar trekt de relatief simpele Friese variant van deze oersport meer actieve beoefenaars en telt het meer wedstrijden dan ooit tevoren. Waarom kaatsen, eens in heel Nederland beoefend, nu juist in Friesland is blijven bestaan als volkssport, is een raadsel. Het zal te maken hebben met de hang naar eigenheid dat Friezen kaatskoningen voortbrengen en geen Wimbledon-winnaars.

Ondanks alle euforie rond het eeuwfeest van de KNKB, verkeert de top van het Friese kaatsen in een crisis. De volledig in ere herstelde mythologische figuren uit de Griekse oudheid zullen vandaag, tijdens de 144ste PC, vanaf een van de tribunes langs de arena op het Sjûkelân ietwat meewarig neerzien op het peloton van 48 uitverkorenen.

Dat heeft zelden zo openlijk en bitter geruzied over de samenstelling van de parturen. Bovendien ziet het zijn heldendaden in de dorpen van het Friese terpenland door steeds minder aficionado's gadegeslagen. Een sterke generatie kaatsers neemt afscheid en met het moeizaam doorbrekende en schuchtere jonge talent weet het grote publiek zich nog nauwelijks te identificeren.

Een ander probleem is dat succesvolle kaatsers op steeds jongere leeftijd de kaatswant aan de wilgen hangen. Symbool voor deze generatie staat de Franeker Erik Seerden. Slechts 25 jaar jong en alles gewonnen wat er in deze sport te winnen valt - de PC zelfs drie keer -, kan Seerden niet langer de motivatie opbrengen om gedurende bijna vijf maanden elke zaterdag en zondag zijn kunstjes te vertonen voor een handjevol toeschouwers en voor een beloning van maximaal zes- tot achtduizend gulden per seizoen.

'Het moet anders', vindt Tunno Schurer (34), de succesvolste PC-kaatser van de jaren tachtig en negentig. Hij won het Wimbledon van de kaatssport liefst vijf keer en werd drie keer tot koning uitgeroepen. Schurer kaatst vandaag zijn laatste topwedstrijd. Hij vindt dat het peloton van toppers moet worden gereduceerd tot 24 (acht parturen) en dat het aantal wedstrijden moet worden verminderd. 'Dan neemt de spanning toe en wordt het kaatsen boeiender voor het publiek.'

Driemalig PC-winnaar Rinse Bleeker (29) maakt het seizoen nog wel af, maar geeft daarna prioriteit aan zijn loopbaan als sportinstructeur. Hij is, zoals de meeste topkaatsers, voorstander van partuursponsoring. Nu sponsort de Friesland Bank de KNKB voor een ton per jaar, geld dat volgens een bepaalde verdeelsleutel over alle activiteiten van de bond wordt verdeeld. In ruil daarvoor prijkt op de shirts van de kaatsers het logo van de regionale bank. 'Dat monopolie moet worden doorbroken', aldus Bleeker. 'Partuur-sponsoring zorgt voor een hoger niveau en voor minder problemen met het stellen van de parturen.'

Zelfs Sake Porte (29), de beste perkspeler van de laatste jaren die vandaag samen met Johan Okkinga en Pieter Tienstra de titel verdedigt, luidt de noodklok. 'Ik plak er nog wel een seizoen aan vast, maar het wordt steeds moeilijker om de motivatie op te brengen. Je gaat nooit op vakantie, je hebt nauwelijks tijd voor andere dingen. En waar doe je het voor? Puur voor de eer en de glorie, zoals het al eeuwen gaat. De bond zou ervaren kaatsers, die toch belangrijk zijn voor de uitstraling van de sport, in maatschappelijk opzicht meer moeten bieden. Als ze kaatsers echt aan zich wil verplichten, dan zou de KNKB kunnen helpen bij het vinden van een baan. Daarmee verdien je toch je brood.'

Zo ver is scheidend KNKB-voorzitter Johannes Westra nog niet. Wel valt er wat hem betreft te praten over een beperking van het aantal parturen en het aantal wedstrijden. 'Dat moet terug naar zo'n dertig per seizoen. Qua organisatie en entourage moeten die partijen een andere status en aanzien krijgen', aldus deze oud-kaatskoning. 'Ook over een andere opzet van het premiestelsel valt te praten. Maar het kan nooit zo zijn dat het algemeen belang van de kaatssport ondergeschikt wordt gemaakt aan het individuele belang van de topkaatsers.'

De loting voor de PC van vandaag is gunstig. Niets staat een droomfinale tussen het favoriete partuur van Porte en dat van de troonpretendenten Simon Minnesma, André Kuipers en Thomas van der Meer in de weg. Behalve dan de mysterieuze krachten in de sport, die outsiders ook bij het kaatsen vleugels kunnen geven.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden