InterviewMarwin Talsma

Friese schaatsamateur Talsma tart de profs: ‘Ik heb meer snelheid in mijn lijf gekregen’

De nationaal schaatskampioen op de 10 kilometer is de onbekende Friese amateur Marwin Talsma. Kan hij nu bij de NK allround nog een keer voor een daverende verrassing zorgen? ‘De prestaties liggen nu wat dichter bij elkaar.’

Jorrit Bergsma (voor) en Marwin Talsma op de 10 kilometer begin november.Beeld Klaas Jan van der Weij

Toen Marwin Talsma anderhalf jaar geleden geen emplooi vond bij een van de professionele schaatsploegen, deed hij zichzelf een belofte. ‘Ik kom terug en pak jullie allemaal nog wel een keer in.’ Hij deed het, twee weken geleden, op de NK afstanden. Als amateur tussen de goedbetaalde profs werd hij nationaal kampioen op de 10 kilometer.

Het was een meevaller dat hij überhaupt aan de NK afstanden mocht meedoen. En na zijn overwinning, na diskwalificatie van Jorrit Bergsma, wist de 22-jarige Talsma ook nog niet zeker of hij dit weekeinde deel zou kunnen nemen aan de NK allround. Amateurs mogen onder de huidige coronaregels immers officieel geen wedstrijden rijden. Hij moest er dispensatie voor krijgen bij het ministerie.

Onderscheid

Op het ijs is het niet altijd even goed te zien welke schaatser prof is en welke niet. Talsma’s tenue ziet er even flitsend uit als die van zijn concurrenten. Hij heeft met oud-marinier Siep Hoekstra een ervaren en erkende coach op de kruising staan. Maar zijn ploeg, Team Frysk, is naar de letter van de KNSB-reglementen niet meer dan een ‘schaatsvereniging’.

Het grootste verschil tussen Patrick Roest, Sven Kramer en Talsma is financieel. Hij krijgt niet betaald. Sterker nog, hij betaalt. Hij draagt jaarlijks contributie af aan zijn ploeg. Ondertussen probeert hij naast het schaatsen wat geld te verdienen op de jachthaven van zijn vader in Grou. ‘Maar dat is maar zo’n twee uurtjes op een dag.’ Het houdt niet over.

Salaris

Als eerstejaars senior kreeg hij in 2017 een plekje in de ploeg van coach Jillert Anema, een stayerscollectief bij uitstek. Het jaar ervoor was hij op het WK voor junioren als tweede geëindigd op de 5 kilometer, achter Chris Huizinga en voor Canadees Graeme Fish, nu regerend wereldkampioen en wereldrecordhouder op de 10 kilometer. Ondanks de profstatus van de Clafis-formatie kreeg hij er geen salaris.

Na een jaar bij Anema moest hij weg. Hij vond onderdak bij Talentned, waar hij ploeggenoot was van Ireen Wüst en Esmee Visser. Daar kreeg hij wel betaald, maar slechts één jaartje. Daarna schoof niemand hem een contract onder zijn neus. ‘Omdat ze niet op zoek waren naar iemand van mijn kaliber.’

Familie

Hij sloot zich vorig jaar aan bij Team Frysk, de ploeg waar ook zijn zusje Kim (19) en broertje Dyon (18) deel van uitmaken. En waar zijn moeder, Helma Regts, een van de trainers is. ‘Ja, we zijn een echte schaatsfamilie.’ Zijn grootvader, Geert Regts, werd in 1963 nationaal kampioen kortebaanschaatsen, rechtuit sprinten over een baan van 160 meter. De sprintvezels van zijn ‘pake’ heeft hij als echte stayer niet.

De coronamaatregelen hebben de amateurformatie harder geraakt dan de commerciële ploegen. De profs kunnen als altijd in Thialf terecht. Er zijn extra voorzorgsmaatregelen genomen, maar nauwelijks op het ijs. De Heerenveense ijsbaan is door NOCNSF aangewezen als topsportlocatie en dus draaien de grote ploegen als vanouds in treintjes hun rondes.

Geen treintjes

Talsma traint met zijn teamgenoten in Leeuwarden, waar ze enkel in kleine groepjes het ijs van de Elfstedenhal op mogen. Aanvankelijk gebeurde dat in duo’s, maar na de versoepeling van deze week weer in kwartetten. Zelfs in die groepjes geldt de anderhalvemeterregel. Geen treintjes dus.

Als deelnemer aan de NK kan Talsma individueel wel in Thialf terecht. Er is een speciaal trainingsuur in het leven geroepen voor schaatsers zoals hij. Zo kan hij wennen aan het wedstrijdijs.

Echt goed trainen is lastig in Thialf, want hij is de enige man uit zijn ploeg die zich voor de NK heeft geplaatst en dus de enige die er rijden mag. Daarom zoekt hij zijn teammaats op in Leeuwarden, ook al kan hij daar niet echt achter de rug van een ander kruipen. ‘Maar als je met zijn tweeën op anderhalve meter afstand van elkaar rijdt, kun je nog wel een beetje in de slipstream. Je hebt er altijd meer aan dan aan alleen rijden.’

Onverwacht voordeel

De coronacrisis heeft volgens Talsma ook een onverwacht voordeel opgeleverd voor niet-profs zoals hij. Omdat de reisbeperkingen alle ploegen treffen konden de commerciële teams niet, zoals ze gewend zijn, tijdens buitenlandse trainingskampen aan hun topvorm te schaven. ‘Jumbo-Visma heeft wat dat betreft nu een zelfde voorbereiding als wij. De prestaties liggen daardoor wat dichter bij elkaar.’

Het kan verklaren waarom de verschillen kleiner zijn, maar niet waarom Talsma zelf zoveel sneller is dan voorheen. Alle races die hij deze winter reed, zeven in totaal, mondden uit in een persoonlijk record. Hij schrijft zijn opvallende progressie toe aan het trainingsprogramma dat Hoekstra deze zomer schreef. Dat was anders dan anders. ‘Ik heb iets meer snelheid in mijn lijf gekregen.’

Hij zal het nodig hebben dit weekend. Op de NK afstanden reed hij een degelijke 1.500 en 5.000 meter, maar zijn 500 meter is magertjes. ‘Dat is echt overleven. Als je daar een seconde verliest op de snelle jongens, dan moet je twintig seconden harder rijden op de 10 kilometer. Dat is echt een probleem.’ Maar Talsma gaat ervoor dit weekend. Hij wil de beroepsschaatsers nog een keer verslaan. ‘Precies. Dat zou mooi zijn.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden