Enfant terrible Leonardo terug op Nederlandse velden: blij met Fiat Punto van de club

Een kruising van Garrincha met Cruijff werd hij genoemd. Enfant terrible Leonardo heeft de verwachtingen nimmer ingelost. Hij is terug op de Nederlandse velden, bij FC Eindhoven. 'Ik wil nog iets laten zien.'

Leonardo uit zijn woede en frustratie richting een medespeler na een mislukte passBeeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Leonardo Vitor Santiago rekt zich uit in het Rotterdamse grand café Dudok. 'Poeh, ik ben moe, man.' Zijn lievelingshorloge is gestolen, zegt hij. 'Echt balen, ja, maar ja, zo is het leven. Je wint en je verliest. Ik maak me niet meer zo druk.'

Later deze zondag vervolgen zijn beide ex-clubs Feyenoord en Ajax hun titelrace. In het rood en wit leek de aanvaller, die op zijn twaalfde vanuit Brazilië naar Nederland kwam, op weg naar de wereldtop.

Ajax speelt om de hoek, bij Excelsior. Maar Leonardo (net 34) gaat niet kijken. Ook niet op tv naar Feyenoord. 'Waarom? Ajax is geweest. Feyenoord is geweest. Rotterdam is er druk mee, maar ik concentreer me op mijzelf. En op de nieuwe club. Dat verdient FC Eindhoven.'

Twee dagen eerder, op vrijdagavond in Spakenburg, zit Leonardo in de hoek van de dug-out van Sportpark De Westmaat, een ijsmuts op zijn hoofd. Jong FC Utrecht werkt op dit amateurcomplex zijn thuiswedstrijden af. Leonardo kijkt uit op een kunstgrasveld met daarachter een veredelde fietsenstalling. In de linkerhoek staan vijftien meegereisde FC Eindhoven-supporters. Ze zingen: 'Leeeeoooo, Lee-eee-eee-ooo.'

Zeventien jaar geleden, tijdens zijn eerste optredens in de Kuip, zongen 50duizend Feyenoordsupporters hetzelfde lied. De 17-jarige Braziliaan gold als het grootste talent ooit van de club en maakte die faam direct waar. In een veel te groot shirt snelde hij langs veel grotere tegenstanders. Hij gaf een assist achter zijn standbeen, hij schoot met zijn zwakke rechterbeen in de kruising, maar het waren vooral zijn dribbels met de bal aan een touwtje en de zwier in zijn heupen die indruk maakten.

Loftuitingen te over, toen. 'Prachtig pingelmannetje.' 'Een kruising van Garrincha met Cruijff.' 'De nieuwe Romario.' 'Gaat het Braziliaanse elftal snel halen.'

In de clinch

Het contrast met zijn huidige status is groot. Als Eindhoven na 25 minuten met 2-0 achterkomt moet Leonardo van Eindhoven-trainer Ricardo Moniz gaan warmlopen. Hij sjokt, rekt wat en kijkt vooral naar de wedstrijd. Na rust komt hij erin. Al na een minuut is er een verbale woordenwisseling met Moniz.

Moniz: 'Leo dieper gaan staan!'

Leonardo: 'Nee, nee, nee, ik moet de bal hebben!'

Ook dat doet denken aan vroeger tijden. Vaak lag hij in de clinch met trainers en medespelers.

Drie minuten later geeft hij de bal mee aan medespeler Rai Vloet. Die schiet de 2-1 binnen. Flarden van oude klasse zijn zichtbaar. De versnelling met de bal aan zijn voet heeft hij nog, maar hij moet er vijf minuten van bijkomen. 'Ik kan beter, dit is pas mijn eerste officiële wedstrijd in tien maanden. Het wordt niet meer zoals vroeger', zegt hij na afloop.

Leonardo dribbelt de bal, een Jong FC Utrecht-speler maakt jacht op hem, ditmaal wint de kleine BraziliaanBeeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Het is een wonder dat Leonardo nog speelt. Knie- en enkelgewrichten zijn meermaals geopereerd. Het verstoorde zijn opmars bij Feyenoord en Ajax. Die laatste club nam hem over van NAC. Later belandde hij weer bij NAC en werd hij een karikatuur van het hartveroverende pingelmannetje. Hij had mentale problemen. 'Ik ben klaar met Nederland en Nederland is klaar met mij. Wegwezen', zei hij destijds.

Trainer Moniz, met wie hij in de Feyenoordjeugd al klikte, haalde hem in 2011 naar het Oostenrijkse Red Bull Salzburg. Met die club won hij de dubbel. Later volgde hij de bevlogen coach naar Ferencvaros en 1860 München. 'Hij is de enige die mij fit krijgt, die me kan prikkelen, met wie ik succes kan hebben.'

Een dag voor de rentree met Eindhoven. Vijf kwartier is hij kwijt aan de media. Nooit eerder is het zo druk met pers in het Jan Louwers-stadion. 'Wij hebben je gemist', zeiden de journalisten tegen me', vertelt hij 's avonds door de telefoon.

'Ze vinden het leuk als ik lach, die is als de zon, zeggen ze.' Hij moet erom lachen. Jaja, de media. Lief in zijn gezicht, gemeen achter zijn rug. Maar laat hij positief blijven. Zijn voorlaatste club, het Australische Newcastle Jets, heeft eindelijk de laatste betalingen overgemaakt. Hij kan weer even vooruit. 'Eindelijk zit alles weer mee.'

Attractie op de jeugdvelden

Hij trainde voor zijn rentree acht maanden bij FC Eindhoven, maar hij kon al die tijd niet spelen omdat hij moest wachten op zijn Nederlandse paspoort. Tweemaal reisde hij naar Sao Paolo om het te regelen. 'Ik heb al die tijd in Nederland van Brazilië gedroomd, maar in Nederland woont mijn zoon en ligt mijn toekomst.'

Hij prijst zich gelukkig met alle ervaringen. Hij zou niet meer die attractie op de jeugdvelden van Feyenoord willen zijn. Tegenstanders die hij poortte, riep hij in zijn gebrekkige Nederlands na: 'hé, jij paardje rijden?' In de even oude Robin van Persie had hij een trouwe aanbidder. De topscorer aller tijden van Oranje schreef in het voorwoord van zijn biografie: 'Hij was goed deze jongen, echt the king.'

Het was de onbezorgde tijd, maar die veranderde toen het geld binnenkwam in flinke smakken. Opgegroeid in Jacarezinho, een sloppenwijk in Rio de Janeiro, zonder vader en met een moeder die altijd uit werken was, had hij zichzelf opgevoed. De ratten liepen in hun krotwoning over de vloer, de koelkast was altijd stuk, wind woei door het kapotte raam, een wc ontbrak dus was hij zoveel mogelijk buiten met zijn enige bezit: een bal.

Hij werd er bij toeval ontdekt door de Nederlandse cineast Jos de Putter die in 1994 een film maakte over Braziliaanse voetballers in een sloppenwijk: Solo, de wet van de favela. De Putter tipte zijn favoriete club Feyenoord.

Tekst gaat verder onder de foto.

Leonardo zit er verloren bij tijdens de warming-up op het kunstgras van de IJsselmeervogelsBeeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Daar ging alles goed tot hij niet meer mocht voetballen. Zijn paspoort bleek vervalst. Hij werd in die periode in een flatje naast het gare winkelcentrum Zuidplein voor het eerst depressief. Zijn inwonende moeder en broer aasden op zijn geld. Ruzies daarover escaleerden later tot bedreigingen en nog meer depressies.

Nog altijd is de relatie met zijn moeder ijzig. In tweede film van De Putter over het leven van Leonardo (Solo - out of a dream) uit 2014 is de spanning bijna tastbaar. Hij verbraste in slechte fases zijn geld aan gokken, uitgaan, vliegtickets, gadgets, auto's. 'Ik was verslaafd aan de Mediamarkt. Ik heb in een mooie auto gereden, maar ik vind het allemaal niet interessant meer. Geld bracht me alleen maar problemen.'

Hij bestuurde een enorme Range Rover, nu is hij blij met de Fiat Punto van de club waarmee hij voor de ochtendspits van Rotterdam naar Eindhoven rijdt. 'Zit niet eens een automaat in! Maar joh, geeft niets.'

En toch is zijn rentree niet zozeer door financiële motieven ingegeven. Bij Feyenoord en Ajax toucheerde hij dertig keer zoveel als nu bij Eindhoven. Hij voelt zich weer onderdeel van de maatschappij en kan over zijn toekomst nadenken. 'Misschien word ik scout van talenten in Brazilië. Ik heb veel connecties.'

Paspoort

Zondagochtend, Dudok. Hij kauwt de 3-1-nederlaag tegen FC Utrecht na. Hij zal de boel opschudden bij FC Eindhoven. 'De club is goed voor me en heeft me enorm geholpen bij mijn paspoort. Nu wil ik wat terug doen. De jonge jongens moeten meer profbesef krijgen. Zij moeten meer uit zichzelf halen. Ik was misschien niet altijd even slim in hoe ik reageerde vroeger. Ik ben opgegroeid op straat en was onrustig door alle problemen met mijn familie. Op de club kon ik daardoor ook niets hebben. Van niemand. Ik was te veel aanwezig, ik zei meteen: wáááá! Nu zeg ik: oké. Ik heb meer rust. Maar ik had altijd ambitie. Ik wilde hogerop komen. Dat moeten zij ook willen.'

Hij geeft het koekje dat bij zijn koffie verkeerd komt aan zijn 9-jarige zoontje Lil. 'Ik moet fit blijven. Ik wil nog iets laten zien. Wat er daarna gebeurt, weet alleen God.'

Een week eerder liep hij een straat in waar jongens met Turkse vlaggen hem tegemoet renden. Er reed een politiewagen met een waterkanon achter ze aan. Wegrennen leek de logische optie. Leonardo vervolgde rustig zijn weg. 'Als je niets gedaan hebt, doet niemand jou iets. Is de les van de favela. Gebeurt je toch iets dan is het de wil van God. Daar kun je niets aan doen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden