Energieslurpend sporten is nu toch echt passé

Duurzame initiatieven te over, maar die vergen wel investeringen

Steeds meer sportclubs en -centra kiezen voor duurzame energie. Ze laten een dak met zonnepanelen crowdfunden of gebruiken de warmte van zwemwater voor het verwarmen van de kantine.

Sporters op een cruiseschip. Foto anp

Op de ijsbaan in Dordrecht draaien schaatsers sinds 2010 hun rondjes in de wetenschap dat de warmte die vrijkomt bij het maken van ijs wordt benut om het water van het aanpalende zwembad te verwarmen. En de energiekringloop in het sportcentrum gaat nog verder. Ook de warmte van het zwemwater en de ventilatielucht wordt teruggewonnen voor verwarming van de kantine en sporthallen. De Sportboulevard aan de Fanny Blankers-Koenweg is met 40 duizend vierkante meter het grootste overdekte sportcentrum van Nederland en kan sinds zeven jaar toe met de helft van de energie die het daarvoor verbruikte. De gemeente onderzoekt of het mogelijk is het hele complex aan te sluiten op de restwarmte van de plaatselijke afvalcentrale.

Oog voor de energierekening

Twaalf miljoen Nederlanders sporten, van wie er vijf miljoen lid zijn van een sportvereniging. De twaalfduizend sportaccommodaties verbruiken jaarlijks ongeveer 200 miljoen kubieke meter gas en 1 miljard kilowattuur aan elektriciteit, vergelijkbaar met het gasverbruik van alle huizen in de Drechtsteden en het stroomverbruik van alle woningen in Rotterdam. Energiekosten drukken steeds zwaarder op de begroting van die verenigingen. Vaak zijn ze er 10 tot 20 procent van hun budget aan kwijt. Vooral ijsbanen en zwembaden zijn energieslurpers.

Dordrecht was er vroeg bij met zijn energie-efficiënte sportgelegenheid. De meeste sportverenigingen hebben pas enkele jaren oog voor hun energierekening. Subsidies en sportinkomsten lopen terug, maar belangrijker is dat veel gemeenten een tomeloze ambitie hebben om 'klimaatneutraal' te worden in 2050. Dat is een wat vaag begrip, maar het komt erop neer dat gemeenten zo veel mogelijk energie willen besparen en wat er nog wel nodig is zo veel mogelijk willen opwekken met wind, zon en restwarmte. 'We willen graag in 2020 al aan de burgers laten zien dat we flinke stappen hebben gezet', zegt bijvoorbeeld Corniel Groenen, hoofd sportzaken van de gemeente Den Bosch.

De ijsbaan in Dordrecht. Foto Raymond Rutting / de Volkskrant

Sport is een uitstekend uithangbord als je het milieu bent toegedaan. 'Laat als vereniging een groen hart zien en de leden nemen het mee naar huis. De meeste sportverenigingen zitten krap bij kas. Ook daarom is een lagere energierekening meer dan welkom', zegt Berend de Vries, voorzitter van de commissie Energie en Milieu van de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG), tevens wethouder in Tilburg.

Vandaar dat er steeds meer warmte-afdekkende dekens op zwembaden te zien zijn, zonnepanelen op voetbalstadions, zonneboilers voor douches in sporthallen, led-verlichting en tijdklokken op lichtmasten bij tennisbanen en hockeyvelden en, minder zichtbaar, isolatie van leidingen en glas. De terugverdientijd van zulke investeringen ligt tussen de vijf à tien jaar, vaak minder.

Veldverlichting

De organisatie Scoren met Energie helpt vooral veldsportclubs. 'Vaak worden alle tennisbanen verlicht, terwijl slechts de helft is gereserveerd', zegt adviseur Penny Nugteren. 'Als deze sporters op banen naast elkaar tennissen, kan de andere helft onverlicht blijven.'

Maar Nugteren stuit vaak op een gespleten belang dat verhindert dat sportclubs op zo'n voorziening overgaan. Gemiddeld is een vereniging 18 duizend euro aan energie kwijt, waarvan een kwart naar de veldverlichting gaat. 'De lampen en lichtmasten zijn van de gemeente, maar de honkbalclub betaalt de energienota. Reden voor beide om niets te doen.'

Nugteren probeert zulke impasses te doorbreken door een sportclub ervan te overtuigen een bijdrage te leveren aan de gemeente-investering, omdat de club deze bijdrage kan terugverdienen door de energiebesparing.

Subsidie helpt ook. De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) verdeelt sinds 2016 jaarlijks 6 miljoen euro onder sportverenigingen voor de aanschaf van installaties en apparatuur die het energieverbruik verminderen. De inschrijving voor 2017 was in de eerste week van januari al overtekend.

Daarom kiest de gemeente Den Bosch voor de inzet van een eigen instrument. Met een zogeheten revolverend fonds van 250 duizend euro kunnen particuliere sportclubs een renteloze lening afsluiten. 'Zeilvereniging Oosterplas schaft een zonneboiler aan en voetclub Emplina krijgt led-verlichting', zegt Corniel Groenen. 'Ze betalen het geld in vijftien jaar stukje bij beetje terug, dus de pot blijft gevuld.'

Daarnaast heeft de gemeente de financiering geregeld van de warmteterugwinning van zwembad Kwekkelstijn in Rosmalen. Voordat het vuile zwembadwater op het riool geloosd wordt, haalt een installatie er eerst warmte uit. Sporthal Maaspoort slaat warmte en koude in de bodem op, bespaart 60 procent elektriciteit door led-verlichting en heeft zonnepanelen op het dak.

Crowdfunding

De zonnepanelen op het dak van de Euroborg, nu Noordleasestadion, financierde FC Groningen via crowdfunding. 'Honderden mensen, niet alleen Groningers, investeerden in 2013 in 1.100 zonnepanelen van 550 euro elk', zegt Matthijs Olieman van ZonnepanelenDelen, een organisatie die mensen zonder geschikt dak toch aan een zonnepaneel helpt. De investeerders ontvangen op hun obligatie - die hier 'zonnedeel' heet - jaarlijks een knappe rente van 2,2 procent. Na 24 jaar krijgen ze hun inleg weer terug. De lichtmasten van het voetbalstadion branden op zonnestroom, de rest van de elektriciteit gaat naar kantines en kantoren.

Met dank aan de almaar gedaalde rente schrijft Olieman tegenwoordig nog aantrekkelijker zonnedelen uit. 'Gisteren hebben we bij atletiekvereniging Prins Hendrik in Vught in 20 minuten tijd 82 duizend euro opgehaald. De deelnemers ontvangen 3,5 procent rente op hun investering en krijgen hun inleg na vijftien jaar terug.'

Dit soort initiatieven geven de verduurzaming van de sport een vruchtbare toekomst. Olieman: 'De sportverenigingen hebben geen geld, maar wel een heleboel leden die bij de bank bijna niets meer krijgen voor hun spaargeld. Sportverenigingen besparen meteen energie en zijn na vijftien jaar eigenaar van een energie-installatie waarvoor ze niets hebben betaald.'

'Fitnessenergie'

Het wachten is op de ultieme energieprestatie op sportscholen en fitnesscentra. Als al die kilocalorieën wegtrappende, -lopende en -roeiende mensen op spinfietsen, crosstrainers en roeimachines worden aangesloten op een stroomdraadje, ligt er een nieuwe vorm van energieopwekking in het verschiet. Volgens brancheorganisatie Fitvak doen 3 miljoen Nederlanders wekelijks aan fitness en verbranden zij daarbij gemiddeld 500 kilocalorieën per uur. Dat komt neer op 0,58 kWh per persoon. Dus 3 miljoen fitnessers produceren 1,75 miljoen kWh per week. Met 50 weken per jaar zou dat ruim 87 miljoen kWh per jaar opleveren.

'Technisch is het mogelijk sporters stroom te laten produceren, maar praktisch niet', zegt Fitvak. Volgens Milieu Centraal verbruikt een huishouden gemiddeld 3.300 kWh per jaar. 'Fitnessenergie' zou ruim 26 duizend huizen van elektriciteit kunnen voorzien, oftewel een stad zo groot als Roermond. Of het kan voorzien in bijna 10 procent van de elektriciteitsbehoefte van sportaccomodaties.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.