Eigenzinnigheid Davis betaalt zich uit

Shani Davis voelde zich als een kind in een lange rij voor een snoepmachine, smachtend naar die ene lekkernij, maar vrezend dat anderen hem voor zouden zijn....

‘Ik wil bij die snoepmachine staan’, zei hij tegen zichzelf, ‘ik wil die gouden medaille.’ Vooral tijdens de wedstrijden van Joey Cheek, Erben Wennemars en Jan Bos, die na zijn rit op het ijs kwamen, stond hij doodsangsten uit. Maar aan zijn baanrecord van 1.08,89 kon niemand tippen. ‘Sinds ik een kind was, heb ik de 1000 meter willen winnen. Ik maakte er grapjes over. Nu ben ik olympisch kampioen.’

De 23-jarige schaatser uit Chicago, die traint in Calgary, gaat de geschiedenis in als de eerste zwarte olympisch kampioen schaatsen, of, zoals sommige Amerikaanse media zeggen, de eerste zwarte olympische kampioen in een individuele wintersport. In 2002 wonnen bobsleester Vonetta Flowers en ijshockeyer Jarome Iginla, beiden zwarte Amerikanen, al goud.

Hij begrijpt dat de aandacht voor zijn huidskleur onvermijdelijk is, maar de kwalificatie staat hem tegen. Hij zou het liefst worden gezien als schaatser. Hij is er niet van overtuigd dat hij harder voor zijn succes heeft moeten werken dan Chinese, Japanse of blanke schaatsers. De nadruk op zijn uiterlijk wekt, vindt hij, ten onrechte de suggestie dat zijn succes extra bijzonder is.

‘Wie weet wat blanke basketballers moeten doorstaan om de top te bereiken’, zei hij na zijn overwinning. Eerder deze winter zei hij tegen de Volkskrant: ‘Mensen als Martin Luther King hebben gevochten voor gelijkheid en gelijke kansen. Moet het stereotype beeld blijven bestaan dat slagen voor een zwart kind uit een gebroken gezin moeilijker is? Mensen van alle kleuren kunnen winnen, als ze hun best doen.’

Davis gelooft niet dat zijn olympische zege een sociaal-historische betekenis heeft. Schaatsen is volgens hem in de Verenigde Staten te onbekend bij minderheden om verandering teweeg te brengen, al hoopt en verwacht hij dat er door zijn olympische zege meer kinderen zullen afkomen op zijn overwegend zwarte schaatsclub in Evanston, Chicago. Hij begon er op zijn zesde met shorttrack.

De nuchterheid waarmee Davis omgaat met zijn huidskleur staat in schril contrast tot de controverse waarin hij afgelopen week verzeild raakte, deels vanwege zijn huidskleur. In de Amerikaanse media kreeg hij harde kritiek omdat hij niet wilde deelnemen aan de ploegenachtervolging. Hij zou de Texaan Chad Hedrick de kans hebben ontnomen vijfmaal goud te winnen, zoals Eric Heiden in 1980.

Zijn vaderlandslievendheid werd in twijfel getrokken en zijn egoïsme benadrukt.

Hoewel de media zich verre hielden van openlijk racisme, lieten sommige fans van Hedrick alle fatsoen varen. Op zijn persoonlijke website werd Davis uitgemaakt voor nigger. Een anonieme inzender sprak de hoop uit dat hij zijn benen zou breken.

Het fanatisme en de onwetendheid – in schaatskringen werd de kans dat Hedrick vijfmaal goud zou winnen verwaarloosbaar geacht – heeft Davis verbaasd. Hij voelde afgelopen week de druk toenemen. In plaats van zich publiekelijk te verdedigen koos hij ervoor zich in stilte voor te bereiden, wat zijn situatie vermoedelijk niet ten goede kwam.

Zijn moeder, steun en toeverlaat, ging de strijd aan. Zij heeft de neiging critici van haar zoon bij het minste of geringste van racistische motieven te betichten.

Davis: ‘Er is veel onwetendheid. Misschien komt het omdat ik uit de stad kom, misschien heb ik een ander soort charisma. Ik ben op mijn manier uniek. Maar weet je, er is in Irak een oorlog gaande. Sommige mensen kiezen ervoor te vechten. Anderen niet. De laatste groep is niet noodzakelijk minder patriottisch dan de eerste. Dat ik geen deel heb uitgemaakt van de achtervolgingsploeg betekent niet dat ik niet van mijn land hou.’

Zijn zege ziet Davis als de bevestiging van het idee dat eigenzinnigheid loont. Behalve aan zijn moeder, die voor belangrijke wedstrijden nog vaak zijn ijzers inspecteert, legt hij aan niemand verantwoording af. Hij heeft vijf of zes trainers die hij op onregelmatige tijdstippen raadpleegt. Hij luistert naar verschillende adviezen, raadpleegt hun schema’s en doet vervolgens wat zijn gevoel hem ingeeft.

Plezier in de sport staat bij hem voorop. Tegenslagen probeert hij in een groter perspectief te plaatsen. Hoewel hij in december uiterst verdrietig was toen hij er niet in slaagde zich als eerste schaatser te plaatsen voor het olympische shorttrack- en langebaantoernooi, een droom die hij koestert sinds hij een jongetje is, is hij er achteraf blij om.

Davis: ‘Ik liep een plek in het shorttrackteam mis, omdat ik op een blokje stapte. Dat was een les voor me. Ik besefte dat ik dankbaar moest zijn om een ding te hebben waarin ik heel goed ben, in plaats van twee waarin ik middelmatig presteer. Ik had hier geen goud kunnen winnen als ik aan beide toernooien had meegedaan.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden