Eigenlijk is handbalster Rachel de Haze te goed voor Nederland

Veel Nederlandse handbalsters vertrekken op jonge leeftijd naar het buitenland. Voor het geld en voor het hogere niveau. Rachel de Haze van landskampioen VOC en de beste speelster van de eredivisie, is honkvast, ook al vindt ze het niveau in Nederland ‘af en toe om te janken’.

Rachel de Haze schiet op doel in de kampioenswedstrijd tegen Dalfsen. Beeld Jiri Buller / de Volkskrant

De kleindochter van IJzeren Rinus Israel is deze middag weer van roestvrij staal. Rachel de Haze, Ras voor intimi, raast met haar veerkrachtige pas over de handbalvloer van Sporthal Elzenhagen. Even later kan de Landsmeerse, al jaren dé uitblinker in het succesteam van Succes Schoonmaak VOC, de kampioensschaal kussen.

Wie haar ziet rondrennen en hard gooien, denkt: die heeft in Nederland niet veel meer te zoeken. Te goed, te snel, te vaardig. Al drie keer verkozen tot de beste handbalster van de eredivisie. Zelf tempert De Haze (27) zulke beweringen. Je kunt in Nederland heel wat zijn, maar wat stelt dat nou voor in het buitenland? ‘Dat is wel een ander niveautje, hoor.’

Buitenland

Daar, waar vijftig andere handbalsters uit Nederland een professioneel bestaan hebben, wordt meer gevraagd. ‘Waar betaald wordt, wordt geëist. Als je naar Rusland gaat, zoals Lois Abbingh, moet je wel dat besef hebben. Daar zijn ze niet erg aardig na één nederlaag.’

Rachel de Haze nooit de grens overgestoken. ‘Het had gekund. In Duitsland vragen ze me al zes jaar op rij. Ik zeg het eerlijk: het is niet zo moeilijk om naar een buitenlandse club te gaan. Daar hoef je niet zo goed voor te wezen. Het is maar waar je genoegen mee neemt. Tweede Bundesliga? Nou in de Eerste Bundesliga zetten ze ook de deur voor me open.’

Als ze gaat, nauwelijks voorstelbaar als je haar hoort praten, moet alles kloppen. Allereerst het geld. ‘Genoeg clubs hebben interesse, maar wat staat er financieel tegenover?’, zegt de gemeenteambtenaar, schaal 8, van Westpoort. ‘Ik hoef er niet rijk van te worden’, corrigeert ze.

Rachel de Haze houdt de kampioensschaal omhoog Beeld Jiri Buller / de Volkskrant

Om te janken

‘Bij mij moet alles op zijn plek vallen. De club moet leuk zijn. De stad moet leuk zijn. Het handbal moet leuk zijn. Als ik het niet naar mijn zin heb, speel ik niet denderend’, zo gaat de herinnering aan haar opleidingsjaar op de Handbal Academie van Papendal. ‘Ik had het daar niet naar mijn zin en kreeg toen niet het idee dat ik vooruit ging.’

De kleine (1.63) schutter keerde al na een jaar het geroemde instituut van Papendal de rug toe en kwam via UDSV en Quintus bij haar eigen VOC in Amsterdam-Noord terug, waar ze aan haar negende seizoen bezig is. De aanvoerder van VOC geeft toe eigenlijk uitgekeken te zijn op de Nederlandse competitie. ‘Het niveau is af en toe om te janken. Ik word hier ook niet meer beter. Het is een competitie voor drie clubs: ons VOC, Dalfsen en Quintus. V&L hangt er tegenaan. Van de andere wedstrijden weet je dat je ze wint.’

De tribunes? ‘Vol bij die kleine clubjes als VZV en SEW. Bij ons komt er twintig man kijken.’

In de kijker spelen

Dus dan komt toch weer de gedachte aan een buitenlands avontuur. Teamgenoot Michelle Goos ging in 2016 weg, vriendin Charris Rozemalen in 2017. De Haze in 2018? ‘Ik ben in januari bij Bietigheim geweest, de Duitse kampioen. Ik heb er getraind. Het zou een overgang zijn zonder spelersmakelaar, maar toen bleek dat ik niet gehuurd kon worden, ik heb geen contract bij VOC, werd het allemaal te lastig. Ik zag die vier maanden Duitsland als een kans. Te proeven van het niveau en mezelf in de kijker spelen. Om daarna een leuke club te vinden.’

Beter worden in het buitenland is de manier om de nationale selectie van bondscoach Helle Thomsen te bereiken. Ze speelde eind vorig jaar twee interlands in een als A-team geafficheerde B-ploeg tegen jubilerend Duitsland. Daarmee kwam haar aantal interlands op dertien. Of het er meer worden? De Nederlandse handbalwereld vindt dat De Haze, een gespierde versie van Estavana Polman, een kans verdient.

‘Dat ik niet gekozen word, heeft niet zozeer met mijn kwaliteit te maken. Dat ik niet goed genoeg zou zijn. Er is ook nog meer te halen uit mijn snelheid en sprongkracht. Maar eerlijk: het verschil met het buitenland is heel groot. Vergis je daar niet in. Dat bondscoach Helle Thomsen mij niet oproept, heeft te maken met mijn wedstrijdritme. Het niveau van wedstrijden tussen Nederland en het buitenland is onvergelijkbaar. Dan kom je toch tekort. Fysiek en conditioneel. Ze trainen daar intensiever dan hier.’

Oranje

Dat de nationale ploeg van Nederland, met tal van vriendinnen van De Haze, de wereldtop heeft bestormd, heeft haar verwonderd. ‘Nederland was het altijd net niet. Maar sinds 2015 is het bizar. Nederland speelt om de medailles. Voorheen moest ik vertellen wat handbal was. Geen korfbal, geen volleybal. Nu hoef ik niks meer uit te leggen. De sport is populair geworden. Leuk zegt iedereen.’

Ze heeft liefde voor het spel. Stoppen, na de tweede landstitel op rij, het zal niet gebeuren. ‘Opa Rinus wordt boos als ik zeg dat ik stop.’

VOC won met 31-23 van Dalfsen en werd landskampioen Beeld Jiri Buller / de Volkskrant

18-jarig talent Dione Housheer leidt VOC naar de titel

Dalfsen had zes jaar lang een abonnement op de nationale handbaltitel. Die vanzelfsprekendheid is voor het tweede jaar op rij doorbroken door VOC uit Amsterdam. Zondagmiddag boekte de ploeg van coach Ricardo Clarijs de tweede zege in de best-of-three uit de eredivisiefinale. De cijfers waren sprekend: 31-23. Vorige week won VOC met 29-23 in Dalfsen.

VOC werd bij de hand genomen door een jonge vrouw uit de Achterhoek, de 18-jarige Dione Housheer. Zij maakte elf treffers en is het zoveelste Nederlandse handbaltalent dat op jonge leeftijd de grens overgaat. Ze heeft haar opleiding op de Handbal Academie op Papendal achter de rug en tekent deze week een contract in Denemarken. De naam van haar nieuwe club hield ze nog even voor zich.

‘Veel clubs wilden me’, zei de tiener uit Ulft na afloop van de gewonnen kampioenswedstrijd. Dat heeft te maken met haar koelbloedigheid en explosieve linkerarm. Ze heeft het hardste schot van de Nederlandse eredivisie en lijkt een prima aanvulling voor de nationale ploeg die op haar positie, rechts in de opbouwrij, met personeelsproblemen kampt.

Met Housheer verdwijnt een ander erkend talent, Larissa Nusser, naar Denemarken. Zij heeft getekend voor Kopenhagen. Beiden zeggen in de Nederlandse eredivisie uitgeleerd te zijn.

Dione Housheer van VOC Beeld Proshots
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.