Eeuwig hopen op een Elfstedentocht

Het klimaat verandert, al tien jaar zijn de winters zacht. Zal er ooit nog een zestiende Elfstedentocht komen?..

Ze hebben vertrouwen in de winter. Exact tien jaar nadat de Elfstedentocht voor het laatst werd verreden, op 4 januari 1997, denken de meeste oud-winnaars dat de tocht toekomst heeft.

‘Elk jaar komt de Elfstedentocht een jaar dichterbij’, meent de 78-jarige Jeen van den Berg, zevenvoudig deelnemer en winnaar in 1954. ‘Ik ben niet somber, ik zie het er nog wel van komen’, voorspelt de 75-jarige Reinier Paping, winnaar in 1963. En ook de 88-jarige Piet Keijzer, winnaar van de vooroorlogse Elfstedentocht in 1940, houdt moed. ‘Misschien omdat ik het zo graag nog eens zou willlen meemaken.’

Het is oud-winnaars niet ontgaan dat het klimaat aan het veranderen is. In Nederland was het afgelopen jaar het warmste in 300 jaar. De klimaatverandering lijkt zich te vertalen in gebrek aan ijs – tien jaar geleden, in de winter van de laatste Elfstedentocht, kon voor het laatst dagen achtereen worden geschaatst.

Maar alleen de 83-jarige Jan van der Hoorn, de winnaar in 1947, voorziet sombere tijden voor de tocht die hij vijf keer uitreed. ‘Het lijkt definitief gedaan met de winters, de madeliefjes staan nog te bloeien in het gras. En als de Noordpool gaat smelten*’

De andere vijf oud-winnaars relativeren de klimaatveranderingen. ‘Vroeger hebben we ook weleens 22 jaar geen Elfstedentocht gehad’, zegt Keijzer, die tien jaar geleden als 78-jarige voor de laatste keer op de schaats stond. ‘Het zal best warmer worden, maar dat hoeft niet te betekenen dat het nooit meer zal vriezen.’

De 48-jarige Evert van Benthem, de winnaar in 1985 en 1986, herinnert zich dat er tussen de tochten van 1963 en 1985 ook talloze oorzaken werden aangevoerd voor het uitblijven van Elfstedenwinters. Toch ging het plotseling weer stevig vriezen, weet de geëmigreerde veehouder, die op zijn Canadese erf zijn eigen 400-meterbaan van natuurijs heeft.

Van Benthem: ‘Toen ging het over watervervuiling, over de industrie die afval loosde op het water. Maar in ’85 konden we rijden, in ’86 weer en in ’87 had het eigenlijk ook gekund.’

Ook de 39-jarige Henk Angenent, de jongste en laatste winnaar, gelooft niet dat het broeikaseffect per definitie het einde van de Elfstedentocht betekent. Het zal misschien minder koud worden, denkt hij. Deze eeuw zal vermoedelijk geen vijftien tochten kennen, zoals de vorige. Maar er is voldoende reden tot vertrouwen. ‘Het weer wordt steeds extremer. Soms is het extreem nat, soms extreem warm. Waarom zou het ook niet bij vlagen extreem koud kunnen zijn?’

Reinier Paping denkt in dezelfde trant als Angenent. Hij herinnert zich de lange winters uit zijn jeugd, toen er tussen 1940 en 1947 viermaal een Elfstedentocht werd verreden. De winter van 1963, waarin hij naam maakte, staat bekend als een van de guurste. Maar een korte vorstperiode kan ook volstaan, denkt hij.

De oud-schaatser, die vanwege versleten heupen twintig jaar geleden voor het laatst op het ijs heeft gestaan: ‘Waarschijnlijk is het gedaan met vier of vijf weken schaatsen in de winter. Maar de Elfstedentocht is vroeger ook weleens in een heel korte tijd gekomen.’

Zelfs dit jaar is een tocht, in theorie, nog mogelijk. De wedstrijd van 1997 kwam uitzonderlijk vroeg. Het is de enige van de zeven naoorlogse tochten die in januari werd gehouden. Hoewel plotselinge vrieskou ook de zes oud-winnaars zou verrassen, speculeren ze naar hartelust over mogelijke opvolgers – alsof de eerste tocht van deze eeuw al is uitgeschreven.

Angenent, die zich tien jaar geleden dankzij een sterke eindsprint ontworstelde aan een anoniem bestaan als marathonschaatser, wordt door de meeste van de oud-winnaars als voorname kanshebber genoemd. Hij maakt op zijn collega’s, die het schaatsen zonder uitzondering aandachtig volgen, nog steeds indruk in het marathoncircuit.

‘Als je die nog ziet rijden. Die gooit nog echt de beuk erin. Dat is fantastisch’, aldus de 83-jarige Van der Hoorn, die vorige week na twee jaar rust weer is begonnen met schaatsen. Tien jaar geleden reed hij de Elfstedentocht nog in ongeveer elf uur, vrijwel dezelfde tijd als tijdens zijn overwinning vijftig jaar eerder.

Voor de kansen van de langebaanrijders Sven Kramer en Bob de Jong, de stayers die onlangs hebben laten weten graag mee te strijden om de zege in de Elfstedentocht, geven de oud-winnaars weinig. De specialisten op de 10 kilometer zijn niet gewend aan natuurijs doordat ze altijd op overdekte banen rijden. ‘En je moet niet alleen de sterkste zijn, je moet ook geluk hebben’, zegt Jeen van den Berg.

Van Benthem noemt een onverwachte titelkandidaat, al zou de Elfstedentocht voor zijn favoriet dit jaar vermoedelijk te vroeg komen. Hij ziet zijn 20-jarige zoon Merijn, die nu marathons rijdt, als zijn mogelijke opvolger. ‘Hij heeft talent voor de 200 kilometer. Gelukkig maar, want die tocht komt er zeker weer.’

En mocht de winter ondanks het optimisme van de oud-winnaars op zich laten wachten, zelfs al is het tientallen jaren, dan nog zal de Elfstedentocht volgens hen blijven voortleven. ‘De Elfstedentocht zal altijd toekomst houden’, zegt Angenent. ‘Al wordt hij 100 jaar niet meer georganiseerd, iedereen blijft erop hopen.’

Archieffoto, januari 1997 (ANP)
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden