Eens in de vier jaar populair

Wie in de winter in Canada op schaatsen staat, doet aan ijshockey. Met die sport voelt iedereen in het land, waar vandaag de Winterspelen beginnen, zich verbonden....

De Wotherspoons, Sharon en William, vader en moeder van wereldrecordhouder Jeremy, zijn er het schoolvoorbeeld van hoe je schaatsen op de kaart kunt zetten in Canada. Zij deed in haar stadje in de provincie Saskatchewan aan kunstrijden. Sharon: ‘Elk meisje uit zo’n provincieplaats deed dat. Er was niets anders. Als er ijs lag, waren we buiten. Er was een dam in de rivier en dan veegden we zelf een stuk ijs vrij. Nee, zeker geen 400-meterbaan. Ben je gek.’

Hij reed, in de grote stad Regina, op hockeyschaatsen. William: ‘Om de twee blokken was daar een ijsbaan. Op die bevroren vijvers kon je ons vinden, met onze sticks. We ijshockeyden. Er was voor ons geen andere sport.’

Jeremy begon op zijn 5de ook met ijshockey. Dat was in Red Deer, een stadje in Alberta, op 100 kilometer van de oliestad Calgary die in 1988 tot olympisch bedevaartsoord werd omgedoopt. ‘Jer’, toen al een explosief mannetje, deed ook mee met powerskating, hardrijden op hockeyschaatsen. Daarvoor had je meer techniek nodig.

William: ‘Door een klasgenootje kwam hij op de Oval van Red Deer terecht, een 400-meterbaan in de stad.’ Sharon: ‘Er was een Nederlandse trainer, Sjoerd Post. Die zei: dat is niet slecht wat die jongen van jullie kan. Zo is het gekomen.’

Jeremy: ‘Ik was 8 jaar toen ik ging schaatsen. Post was de eerste langebaanrijder die ik ontmoette. Ik had nog nooit iemand in die stijl zien rijden.’

Het gezin Wotherspoon kwam in de schaatsclub van Red Deer terecht. Het was puur amateurisme, met alles vrijwilligerswerk en enkele gemeenteambtenaren die met een gemotoriseerde sneeuwschuiver langskwamen. De Wotherspoons gaven training, slepen schaatsen, verkochten worstjes in de kantine en schoven sneeuw van het ijs. William: ‘Soms verfden we de lijnen op het ijs. Of maakten we de markering met de schuiver. Een 400-meterbaan vrijhouden van sneeuw was een hele klus.’

Het was in hun herinnering het mooiste ovaal. De Nijenhuizen kwamen er, met zoon Beorn, nog steeds de Nederlandse recordhouder op de 1000 meter (1.07,07). Elfstedentochtwinnaar Evert van Benthem was er af en toe om zijn zoon af te zetten voor de training.

Sharon: ‘Als het een onbewolkte avond was en de sterren straalden, was het de mooiste plek van Canada. Zo romantisch.’

William: ‘Soms was er de chinook, de warme kustwind. Als de temperatuur dan net even onder nul lag, was het ijs op zijn snelst. Een rijder als Arne Dankers heeft er toptijden gereden.’

Jeremy: ‘De baan was ’s avonds verlicht. De hoeken waren wat donker. Je leek dan veel sneller te schaatsen dan overdag.’

~

Schaatsen, de langebaan (long track) en ook wel het veel meer beoefende shorttrack, is in Canada in alle opzichten een afgeleide van ijshockey. Dat is de keiharde teamsport die het gigantische land een hart en een gemeenschappelijke liefde heeft gegeven. Oost en west, Franstalig en Engelstalig, voelen zich verbonden door ijshockey.

Dat kan van schaatsen niet worden beweerd. Het is al heel wat als de sport eens in de vier jaar in het brandpunt van de belangstelling staat. Die interesse is deze keer groter dan ooit, zo kan in Richmond, voorstad van Vancouver, worden vastgesteld. De Winterspelen in eigen land werpen hun schaduw vooruit.

Op de kunstijsbaan van Richmond, een blauw glanzende hangar van reusachtige afmetingen, werd zelfs een interviewverbod ingesteld. Er mocht alleen met Canadese schaatsers worden gesproken op een speciaal aangewezen moment, een persconferentie met alle zestien helden en heldinnen op een podium.

De bijeenkomst werd gehouden in het boothuis van de locale roeiclub, de John Lecky UBC Boathouse. Dat dan weer wel. Een schaatsvereniging met een forse kantine of royaal restaurant is in deze stad onvindbaar. De rivier bij de stad, de Fraser, bevriest nooit. De nieuwgebouwde kunstijsbaan zal direct na de Spelen dienst doen als indooratletiekbaan. Er zal waarschijnlijk nooit meer ijs worden gemaakt.

Bij de persconferentie in het boothuis zat een man met resten van eens pikzwart haar op een klapstoel de boel te bekijken. Zijn naam stond die ochtend in de kranten. Geen schaatser is in Canada zo beroemd als Gaetan Boucher, de tweevoudig olympisch kampioen van 1984 (Sarajevo).

Hij werd genoemd als groot kanshebber om het olympische vuur in de BC Place te ontsteken, maar de concurrentie komt van The Great One, ijshockeylegende Wayne Gretzky, de Johan Cruijff van Canada. Boucher zei dat hij versteld stond van de kwaliteit en de structuur van het zestienkoppige Canadese schaatsteam.

‘Ik deed het destijds zo’n beetje alleen, ik had één trainer, Jack Walters. Uit heel Canada waren er misschien vijf schaatsers die naar Europa werden uitgezonden. Hier, bij deze presentatie, nemen zes trainers plaats op het podium. Er is geld voor veertig schaatsers, in diverse centra.’

Boucher werkt deze Spelen voor RDS, de Franstalige omroep van het land. Van armzalige sport is schaatsen, althans volgens hem, geworden tot ‘de sport die Canada de meeste medailles brengt’. In Turijn waren dat er acht van de 24.

Cindy Klassen, met vijf medailles de succesvolste Canadese olympiër aller tijden, werd na Turijn 2006 voor een tijdje een beroemdheid. Maar daarvan maakte ze in eigen land niet veel gebruik. ‘Ik schaats niet om rijk te worden. Ik doe aan mijn sport, omdat God mij dit talent heeft gegeven’, zegt Klassen die middag in het boothuis. Ze lacht er haar aardigste lach bij.

Boucher over de populariteit van het schaatsen: ‘Dit is de sport die nu in Canada de aandacht trekt. Weet je, niet alle kinderen kunnen een ijshockeygod als Wayne Gretzky worden. Zo is schaatsen de natuurlijke tweede sport van ons land geworden.’

Hij kreeg met zijn olympische succes een status die er niet om liegt. Voor hem werd na zijn dubbelslag van 1984 (op de 1000 en de 1500 meter) een 400-meterkunstijsbaan in Quebec gebouwd. Het is een van de drie 400-meterbanen in Canada. De inwoners van Quebec hebben het naar hun Franstalige favoriet genoemd: het Gaetan Boucher National Centre.

~

De ijsbaan die als kraamkamer van het Canadese schaatsen dient, is de Olympic Oval van Calgary. Hij werd gebouwd voor de Winterspelen van 1988, op het voetbalveld van het universiteitsterrein. De overdekte Oval, die met de Utah Oval in Salt Lake City geldt als de snelste ter wereld, is gekoppeld aan de universiteit van Calgary.

Studeren en schaatsen gaan heel gemakkelijk samen. Er is een directe verbinding, ijsbaan en studielokaal zijn via een ondergronds gangenstelsel met elkaar verbonden. Wotherspoon junior ging er studeren, maar verloor zich compleet in zijn loopbaan als schaatser. Anderen, zoals Kristina Groves, groot kanshebster op olympisch eremetaal in Vancouver, houden de studie (bewegingswetenschappen) wel vol.

Groves, uit Ottawa: ‘Mijn vader dacht dat ik voor de studie naar Calgary ging. Ik ging eerlijk gezegd vooral voor mijn schaatsmogelijkheden hier. Gelukkig heb ik beide opleidingen kunnen volhouden.’

Er zijn er die in de oliestad van het schaatsen een complete studie hebben gemaakt. Calgary, het belangrijkste trainingscentrum van Canada, is befaamd om de schaatsopleiding die aan buitenlanders wordt gegeven. De Nederlander Arno Hoogveld, al 30 jaar woonachtig in Calgary, coacht een gemengde ploeg van jonge Canadezen en leergierige expats.

‘Die tien buitenlanders betalen dubbel voor de coaching. Toen de universiteit mij dit jaar van de loonlijst schrapte en op de ijsbaan ging bezuinigen, kwamen ze erachter dat mijn schaatsers meer opbrachten dan ik kostte. Zo hield ik mijn baan hier’, aldus de voormalige Arnhemmer, die in Vancouver de Deense Cathrin Grage coacht.

Hoogveld is van de tijd dat schaatsen nog helemaal niets voorstelde in Canada. ‘We hadden Boucher en zijn coach Walters. Die werkt nu nog steeds voor ons. In 1983, toen Calgary de Winterspelen van 1988 toegewezen had gekregen, werd besloten tot de bouw van een overdekte ijsbaan.

‘De mensen stonden op hun achterste benen, 36 miljoen dollar uittrekken voor een ijsbaan, met een schaatsclub van dertig leden. Achteraf is het de kern van het Canadese schaatsen geworden. We bouwden een nationaal trainingscentrum, voor senioren, talenten en junioren. Ingrid Paul, de Nederlandse coach die nu weer terug is in Canada, heeft daar nog aan meegeholpen.’

Hoogveld, chemicus, ging pas in 2002 fulltime in het schaatsen aan het werk. ‘Het is in Canada een succesvolle wintersport. Dat was het in Turijn en naar verwachting zal het in Vancouver ook zo zijn. Maar het blijft een kleine sport in dit land. Er zijn tweeduizend wedstrijdrijders. Daar lachen ze in Nederland om.’

Gelukkig komt er altijd talent bovendrijven. Daar zijn redenen voor. De belangrijkste is volgens Jeremy Wotherspoon de aanpak om de jeugd in pack style te laten rijden. Geen klassementen met twee of drie afstanden, geen races tegen de klok. Wotherspoon: ‘De jeugd wil rijden, niet stilzitten omdat er maar twee of vier in de baan mogen. Wij rijden hier met acht kinderen een race. Ik heb zo leren sprinten. Wachten, meedrijven in de zuiging van de koploper en dan afsprinten.’

Een andere bevorderende factor voor Canadees talent wordt door Hoogveld vastgesteld. Het is de harding door het klimaat. ‘Er komen veel rijders uit koude streken. Er zijn nog zeker dertig openluchtbanen in dit land, waar ijs een vanzelfsprekendheid is. Daarop rijden jongens en meisjes bij min 30 hun wedstrijden.

‘Dan moet je wel karakter hebben, want je kunt ook gaan ijshockeyen in zo’n lekker verwarmde hal. In plaats van te racen in een flinterdun schaatspak. Kinderen die dat aankunnen, hebben de goede instelling. In Winnipeg hebben ze zo’n vriesklimaat. Daar komt 80 procent van onze schaatstop vandaan. Klassen, Hughes, de Irelands, Rempel, vroeger Sylvia Burka. Bijzondere karakters allemaal.’

Jeremy Wotherspoon is een kind van Alberta. Hij heeft de vrieskou beleefd als klein kind, op de baan van Red Deer. Moeder Sharon lette altijd goed op. ‘Ze smeerde mijn gezicht in met vaseline. Ik kreeg een sneeuwbril op, want je ogen bevriezen ook snel bij min twintig. Het maakt je hard.’

Hij is al jaren niet meer op de Golden Pond van Red Deer geweest. ‘Mijn schaatsen werden stomp. Het ijs is vies. Maar later zal ik er met mijn kinderen ook weer staan. Het is en blijft een bijzondere baan.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden