Analyseleven zonder sportwedstrijden

Een verweesd leven, zo zonder het voetbal

Wat te doen als voetballiefhebber die de bezoekjes aan het stadion moet missen? ‘Oude wedstrijden terugkijken maar vooral: zelf sporten.’ Het ontbreken van sportwedstrijden is een onderschat probleem.

Beeld BSR Agency

Je moet wat als FC Dordrecht-fan nu de speelkalender leeg is. Dus toen Elisa Kuster (46) hoorde dat de stadsbeiaardier van Dordrecht verzoeknummers ging spelen in de toren van de Grote Kerk, twijfelde ze geen moment om het clublied aan te vragen. Een paar dagen later stond ze te luisteren naar Een Dordtenaar zal altijd blijven zingen en begon spontaan te huilen. ‘Ik wist niet dat ik het voetbal zo miste.’

Kuster staat niet alleen. In de ere- en eerste divisie bezoeken gemiddeld zo’n 200.000 mensen wekelijks het stadion. Die fans zitten nu doelloos thuis en hebben geen idee wanneer en hoe de competitie weer wordt hervat. Volgens klinisch psycholoog en hoogleraar Jan Derksen is dat een serieus gevaar voor de volksgezondheid.

 ‘Sport is voor heel veel mensen de manier om emoties te kanaliseren. Gebeurt dat niet, dan neemt de frustratie toe. Bij de één uit zich dat in angstgevoelens, bij de ander in een depressie. Het is maar net waar je aanleg voor hebt.’ Hij merkt het naar eigen zeggen aan de digitale spreekkamer; die zit overvol. Het Nederlands Instituut van Psychologen erkent zijn beweringen.

Angstig of depressief voelt Kuster, medewerker in een boekhandel, zich niet. Wel verweesd, zo zonder haar club. Ze bezoekt elke wedstrijd, uit en thuis, schrijft verslagen voor het supportersblad, pleitte onlangs bij de gemeenteraad nog voor een nieuw stadion en ontmoet op de tribunes haar vrienden.

Toen ze onlangs voor haar werk een boek moest afleveren bij een klant, reed ze speciaal een blokje om om langs het stadion te fietsen. Heel goed, zegt Derksen. Maar ze werd er eigenlijk nog verdrietiger van dan ze al was. ‘Het had iets surrealistisch. Het was stil, leeg. Het stond er nog wel, maar het had geen functie meer.’

Het ontbreken van sportwedstrijden, meent Derksen, is een onderschat probleem. ‘In oorlogssituatie kun je tenminste nog vechten tegen een vijand. In deze coronacrisis is onze vijand een heel klein beestje, waar we onze agressie niet op kunnen botvieren. Terwijl we als menselijke zoogdieren die emoties wel kwijt moeten.’

Hij haalt het Griekse kolonelsbewind in de jaren zestig en zeventig als voorbeeld aan. ‘Burgers werden onderdrukt, hadden amper vrijheid. Maar waar gaven de bevelhebbers naast het leger het meeste geld aan uit? Sport. Ze hadden door dat mensen ergens hun frustraties kwijt moesten.’

Kuster herkent het gevoel. Puur om het voetbal is het haar niet te doen. ‘Dan had ik geen supporter van FC Dordrecht moeten worden.’ Het is de hoop, de teleurstelling, de emotie die ze mist. ‘Je moet af en toe kunnen gillen. Roepen dat de scheids een eikel is. Echt geen erge dingen of zo, maar het is wel fijn om even stoom te kunnen afblazen.’

Volgens Derksen is emotieregulatie in psychologische zin een eerste levensbehoefte, net als een dak boven je hoofd, een volle maag en intimiteit dat in fysiologisch opzicht zijn. Ontbreekt een uitlaatklep, dan ligt er allerlei gevaren op de loer. ‘Emotioneel hebben we onvoldoende vaardigheden om die frustraties in onze eigen relaties op te vangen. Mensen gaan elkaar sneller naar de keel grijpen.’

Vanuit gezondheidsperspectief hoopt hij daarom dat de voetbalcompetitie en andere sporten, mits verantwoord uiteraard, weer snel hervat zullen worden. Tot die tijd raadt hij supporters aan om oude wedstrijden terug te kijken, al beseft hij ook wel dat kijken naar een wedstrijd waarvan de uitslag al vaststaat nauwelijks een uitweg biedt. En vooral: zelf sporten. Wandelen is ook goed. ‘Je stapt als het ware je frustraties weg.’

Wat de dolende voetbalsupporter volgens hem ook kan helpen: zoek elkaar op. Organiseer videocontact. Kuster probeerde het, maar het was geen succes. ‘Waar moet je het over hebben? Er zijn geen wedstrijden, er gebeurt niets.’

Afgelopen zaterdag stond ze weer bij de Grote Kerk. Dit keer had ze bij de stadsbeiaardier het supporterslied Wij zijn Dordtse schapekoppen aangevraagd, ooit geschreven door presentator Ted de Braak. ‘Mooi hè’, had het plukje FC Dordrecht-fans vertederd naar elkaar staan fluisteren.

Ooit zal weer de bal gaan rollen, ook in Dordrecht. Maar hoe dat straks moet op de tribunes in een anderhalvemetersamenleving? Kuster: ‘In de Johan Cruijff Arena zal dat lastig zijn, ja. Maar gezien de bezoekersaantallen bij FC Dordrecht is dat hier al jaren geleden ingevoerd. Wat dat betreft zijn we altijd al trendsetter geweest.’ 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden