Een totaal verbrokkeld bolwerk

Nergens in Nederland maakte basketbal de afgelopen 25 jaar zo veel los als in Den Helder. Maar een maand geleden was het opeens gedaan met de trots van de stad....

Zijn zoon van 6 vroeg hem onlangs waar hij nu moest basketballen als hij een grote man was. Meindert van Veen probeerde hem gerust te stellen, en het kind zal het gebrek aan overtuiging bij vader vermoedelijk zijn ontgaan. Maar groot is, in werkelijkheid, het vertrouwen van de coach in de wederopstanding van het Helderse basketbal niet.

Eind december verdween het mannenteam van Cape Holland/Den Helder bijna geruisloos uit de eredivisie. De schuldenberg was zo hoog opgelopen én de financiële vooruitzichten waren zo slecht, dat er geen andere uitweg was. Van het trotse bolwerk was niets meer over. ‘Er hebben zich zelfs kinderen gemeld die hun spaarpot wilden legen om de club te redden’, zegt Van Veen.

De bondscoach van het Nederlands vrouwenteam, tevens coach van Yellow Bike, de koploper in de eredivisie vrouwen, is verbitterd. ‘Ze leren hier weinig van het verleden, want dit is niet de eerste keer dat de zaak op de fles gaat. Maar aan het eind van het seizoen stond telkens weer een nieuwe sponsor op met wie een herstart kon worden gemaakt. En steeds was er de drang om het hoogste te willen zonder dat er een zakelijke onderbouwing was.’

Hij is geboren in de marinestad en raakte als 12-jarig jongetje op de middelbare school verslingerd aan basketbal. Van Veen speelde in de hoofdmacht, werd coach van het eerste mannen- en vrouwenteam en vergroeide met de club. ‘Mijn leven zit in deze sport’, zegt hij zonder overdrijving.

In die lange traditie heeft hij gezien waar het mis ging. ‘Mismanagement’, concludeert Van Veen (55). ‘Ik snap het gewoon niet. Na drie, vier faillissementen mag je toch ook wel eens op gezond verstand vertrouwen.

‘Mannenbasketbal is op het hoogste niveau afhankelijk van sponsoring. Zonder sponsors vallen de Amerikanen weg en dan doe je niet meer mee. De bestuurders hier wilden zich meten met de rijkdom van Groningen, Den Bosch en Amsterdam, terwijl ze beter naar Zwolle, Weert of Bergen op Zoom hadden kunnen kijken.

‘Dromen die ver van de werkelijkheid staan’, meent Van Veen. ‘Altijd hopen en gokken dat het wel goed komt. En nooit iemand die leert van het verleden. De huidige voorzitter van het stichtingsbestuur zat er in het vorige college ook al bij. Maar hij bleef volhouden dat het wel goed zou komen, terwijl de club al drie jaar geen zaalhuur meer betaalde en de spelers liet wachten op hun salaris.’

Basketbal was in Den Helder verreweg de populairste sport. Jeugdleden stroomden toe en al in de eerste divisie zat de sporthal vol bij de thuiswedstrijden van de club. ‘Ze stonden buiten door de ramen te turen omdat er geen kip meer bij kon! Maar het is het bekende verhaal: sympathie voor de sport levert geen geld op.’

Dus werd het basketbal afhankelijk van sponsors; Albert van Zoonen, Mustang Jeans, Doppeldouche, Directbank, Conesco, CEB en Commodore, dat zelfs het plan steunde om de club volledig te professionaliseren. Maar de ambities gingen de reële mogelijkheden voortdurend te boven en lieten het fundament verbrokkelen.

Van Veen: ‘Begin jaren negentig werden in één seizoen al onze ploegen Nederlandse kampioen, van de mini’s tot het eerste mannen- en vrouwenteam. De basis was het talent dat uit het enthousiasme van de bevolking naar boven kwam.’

Presteren aan de top kost geld. Den Helder haalde de financiën binnen, maar moest vrijwel elk economisch avontuur bekopen met een faillissement. Coaches kregen te maken met ontevreden spelers die op hun geld moesten wachten, Van Veen heeft het aan den lijve ondervonden. Eén keer ging hij zelf voor 35 duizend gulden het schip in.

Zijn liefde voor basketbal en voor Den Helder heeft er nooit onder geleden. Hij werkte na middernacht op de visafslag om overdag te kunnen trainen. Soms zag hij nachten zijn bed niet.

Wat hem altijd heeft gehinderd, is de overspannen verwachting. ‘We moesten voor de Europa Cup tegen een sterke Franse ploeg met een oud NBA-speler, die net zo veel kostte als het hele budget van onze club. Toen ik zei dat we weinig kans zouden maken, vroeg het bestuur of ik gek was geworden. Dat mocht je als coach dus niet zeggen. Maar ik bleef onder alle omstandigheden reëel.’

Hij werd met de mannen Nederlands kampioen en werd daarna ontslagen. Sindsdien werkt hij weer bij het succesvolle vrouwenteam. ‘Het is een totaal andere wereld. De ego’s van mannen zijn ongekend groot. Als er iets fout gaat, wijzen ze meteen naar een ander. Vrouwen zijn socialer, die hoeven er niet zo bovenuit te steken.’

Van Veen heeft de hoop opgegeven dat het stadsbestuur de in het nauw geraakte sport zal helpen. ‘Maar het zou wel goed zijn als ook de mannen hier weer op het hoogste niveau kunnen spelen. ‘De kinderen van deze stad verdienen het om als man op het hoogste niveau te kunnen basketballen, ook al zal het grote succes nooit meer terugkomen. Helaas, het is niet anders.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.