Een snelle puntspeler die altijd scoort

Bij PKC lopen ze weg met Bart Cleyman. De aanvoerder van de Belgische ploeg is de enige buitenlander in de Nederlandse korfballeague....

Van onze medewerker Rob Kramp

Wat hockeyer Christopher Zeller voor Bloemendaal betekent, is korfballer Bart Cleyman voor PKC. De kleine Belg is een doelpuntenkanon. In de eerste tien wedstrijden van de korfbal league schoot hij 66 keer raak.

Daarmee nam hij ruim een kwart van alle treffers van de ongeslagen koploper voor zijn rekening. ‘Allez, dat is niet mijn verdienste maar die van de ploeg’, relativeert hij zaterdag in Driebergen. ‘Ik voel me op m’n gemak bij PKC. Ik ben er heel goed opgevangen.’

Cleyman is met de Belgische ploeg in Driebergen voor de traditionele dubbelinterland. Hij geniet ervan met de Rode Duivels tegen zijn nieuwe ploegmakkers Leon Simons, Wim Scholtmeijer, Bianca Joustra en Suzanne Struik te spelen, hoewel twee keer wordt verloren.

‘Veel kans maken we niet tegen Nederland. Oranje speelt het korfbal van de toekomst, snel en technisch verzorgd. Wij proberen tevergeefs aan te klampen. Logisch met 7000 korfballers in België en ruim honderdduizend in Nederland. Tegenover tien talenten in Nederland staat er één in België.’

Dat ene supertalent is Bart Cleyman, 25 jaar en sinds 2004 onafgebroken korfballer van het jaar in België. In de zomer van vorig jaar nam hij afscheid van de Belgische competitie. Hij zat aan zijn plafond bij Riviera, de club van zijn ouders waarbij hij opgroeide.

‘Ik was toe aan een nieuw avontuur, aan een nieuwe uitdaging. Ik wilde me verder ontwikkelen en dat kon voor mijn gevoel alleen in de korfballeague.’

De Nederlandse clubs stonden in de rij voor de schutter. Blauw Wit, Dalto, Nic en DOS’46 meldden zich bij de aanvoerder van de Belgische ploeg, maar waren kansloos door de reisafstand.

‘In mijn eerste jaar in Nederland wilde ik in België blijven wonen. Daardoor waren Deetos en PKC de enige clubs die qua afstand haalbaar waren. Mijn keus viel op PKC, omdat die club voor mij de grootste uitdaging betekende. Bovendien maak ik met PKC meer kans de finale in Ahoy’ te bereiken.’

Toch scheelde het weinig of Cleyman was buiten de basisacht gevallen. Door een enkelblessure van Djin Schott kwam er een plaatsje voor hem vrij. ‘Terecht’, kijkt hij terug. ‘In de aanloop naar het seizoen was ik de echte Bart niet. Door alle nieuwe indrukken en de hectiek rondom mijn overgang was ik absoluut niet in vorm.’

Hij stelde zijn plaats in de basis veilig door op de tweede speeldag negen keer te scoren tegen Dalto. Een week later volgden tien treffers tegen DOS-WK.

Scoren is het handelsmerk van de Vlaming. ‘Met mijn lengte (1.79 meter) is er voor mij geen andere rol in het korfbal weggelegd’, beseft hij. ‘Ik ben een pure puntspeler. Scherpte en concentratie zijn voor mij belangrijk. Ik moet er staan als het er echt om gaat. Als ik niet scoor, kan een trainer mij beter uit de ploeg halen.’

Bij PKC speelt hij in een vak met Leon Simons en Marjan de Jong, twee ervaren klasbakken. Simons speelt in Driebergen zijn 60ste interland voor Oranje. Toch is de recordinternationaal bij PKC niet te beroerd het vuile werk voor Cleyman op te knappen.

‘Bart is het laatste stukje van de puzzel bij PKC’, zegt Simons. ‘ Zijn kracht is zijn snelheid naar de paal. Hij is razendsnel op de eerste meters. Zijn afstandsschot is moeilijk te verdedigen. Als ploeg zijn we met Bart sterker en gevaarlijker.’

De kwetsbaarheid van Cleyman ligt rond de paal. ‘Lengte wordt in het korfbal steeds belangrijker’, legt Simons uit. ‘Bart kan aardig verdedigen, zit dicht op de tegenstander, bezit een goede timing, maar komt pakweg twintig centimeter te kort om een goede rebounder te zijn. Die rol nemen Marjan en ik van hem over. Vooral Marjan kan zich moeiteloos in het belang van de ploeg wegcijferen voor Bart.’

Cleyman leerde schieten in zijn achtertuin. Als kleine jongen stond hij daar elke dag uren te schieten. ‘Ik kan me niet herinneren dat ik ooit een dag oversloeg.’

Hij droomde ervan korfbalprof te worden, maar in België moeten korfballers geld meenemen. Dus ging hij studeren aan de universiteit en behaalde daar een licentiaat in de lichamelijke opvoeding.

Omdat er bij hem in de buurt geen werk te vinden is in die branche, geeft hij 21 uur per week wiskundeles op een middelbare school. Daarnaast is hij actief op een bewegingsschool waar kinderen van 3 en 4 spelenderwijs op zoek gaan naar de sport die bij hen past. ‘Natuurlijk probeer ik de kinderen en hun ouders in de richting van het korfbal te duwen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden