Een levensgrote positionele fout

Het is beslist niet moeilijk om, gesteld dat u daarnaar gevraagd werd, de drie belangrijkste partijen uit het toernooi om het Nederlands kampioenschap aan te wijzen....

Van Clerc's winstpartijen was die tegen Scholma onmiskenbaar de beste, en wel omdat van de drie genoemde tegenstanders Scholma het meest serieuze weerwerk leverde. Maar dat stijlvolle duel komt pas volgende week aan de orde. Vandaag bespreek ik Clerc's zeges op Jansen op Barkel.

Clerc - H. Jansen (NK 1999)

1.34-29 17-22 2.32-28 11-17 3.37-32 6-11 4.41-37 19-23 5.28x19 14x34 6.40x29 10-14 7.35-30 20-25 8.30-24

Met een kleine wijziging (41 staat op 46 en 6 nog op 1) is er nu een overbekende stelling uit de 1.32-28 18-22 opening ontstaan. Nog groter is echter de overeenkomst met een variant van de 1.34-29 19-23 opening, want daarin kan zich - afgezien van de kleuren - zelfs exact dezelfde positie voordoen! Men zie: 1.34-29 19-23 2.40-34 14-19 3.45-40 10-14 4.32-28 23x32 5.37x28 17-22 6.28x17 11x22 7.41-37 16-21 8.31-26 21-27 q.e.d. De stand na 8.30-24 (c.q. 8...21-27) blijkt zich dan ook al in meer dan vijftig partijen te hebben voorgedaan!

8...5-10 9.46-41

In partijen tegen Van der Wal (WK 1980) en Bert Dollekamp (clubcompetitie 1988/1989) had Clerc hier 9.24-20 15x24 10.29x20 gedaan.

Overigens kwam de stelling met 1 op 6 in het afgelopen titeltoernooi óók voor in de partijen Meijer -H. Jansen en Thijssen - Kemperman. Beide witspelers kozen toen voor 10.44-40, waarop Jansen met 10...13-19 11.24x13 8x19 vervolgde en Kemperman met 10...22-27 11.31x22 18x27 12.32x21 16x27.

9...14-20 10.45-40 10-14

10...9-14 was hier een belangrijk alternatief. Daarbij is van belang dat wit zich na 11.31-27 22x31 12.36x27 (om te vereenvoudigen met 13.29-23 enz.) 12...17-22!?, anders dan met 1 op 6 en 50 op 45, niet aan 13.37-31?? mag bezondigen.

11.32-28

Nu pas. Het uitstellen van deze centrumbezetting zal Clerc bepaald geen windeieren leggen...

11...16-21 12.31-26 11-16 13.37-31(!)

Dit is inderdaad veel beter dan 13.37-32 21-27 14.32x21 16x27.

Zie diagram 1

Met de diagramstand, die overigens met (alweer) 1 op 6 en 50 op 45 al in een kleine tien partijen is voorgekomen, is in zekere zin het belangrijkste moment van de hele partij aangebroken. Natuurlijk: het is teleurstellend voor zwart dat er niet méér in zit, maar hij moet maar berusten in de hergroepering 13...14-19 14.41-37 19x30 15.29-23 18x29 16.33x35 22x33 17.39x28. Jansens volgende zet behelst een levensgrote positionele fout, om geen sterkere termen te bezigen:

13...4-10?? 14.28-23!

Door zelf veld 23 in bezit te nemen, haalt wit niet alleen de 2x2 ruil 14...18-23 15.29x27 21x23 uit de stand maar zet hij tevens het vijandelijke stuk op 10 buitenspel. Ik geloof nìet dat ik overdrijf wanneer ik zeg dat wit al vanaf dit moment een gewonnen partij speelt...

14...7-11

Met 1 op 6 en 50 en 45 had zwart zich (wellicht?) nog kunnen redden met het schijnoffer 15...25-30 16.24x35 7-11, en wel omdat na 17.29-24?! 18x29 de manoeuvre 18.33-28?? 22x33 19.39x28 faalt op 19...14-19, 20...21-27, 21...19-23 en 22...17x50 +. Maar onder de gegeven omstandigheden zit die damzet er niet in. Bovendien zou wit na 14...25-30 15.24x35 7-11 16.29-24! (maar niet 16.35-30? 22-27!! enz. met gelijke stand en een dubbele 'Sargin'!) 16...18x29 sterk 17.35-30! kunnen doen, bijvoorbeeld 17...20-25 (anders natuurlijk 18.30-25! +) 18.31-27!! 25x45 19.27x7 1x12/29x20 20.33-28! 29x20/1x12 21.28-22 17x28 22.26x6 met winnend voordeel.

15.33-28! 22x33 16.39x28 18-22

Betere plannen voor zwart zijn niet of nauwelijks te zien.

17.43-39 22x33 18.39x28 13-18 19.38-33 9-13 20.44-39 1-6 21.40-34 21-27 22.31x22 18x27 23.42-38 13-19 24.24x13 8x19 25.48-43 3-8

Want zowel op 25...2-8? als op 25...3-9? had wit dam gemaakt met 26.29-24! 20x40 27.28-22 27x29 28.33x2/4 +.

26.50-44

Het witte spel speelt zich als het ware vanzelf.

26...17-22 27.28x17 12x21 28.26x17 11x22 29.41-37 19x28 30.38-32 27x38 31.43x23 8-13 32.49-43 16-21 33.43-38 21-27

Zie diagram 2

Zwart probeert nog tot uitwisseling van de schijven op 27 en 23 te komen. Maar Clerc laat zich niet op een dwaalspoor brengen en bereidt de beslissende actie voor:

34.47-42!

Blijft 34...13-19 verhinderen door 35.44-40 en 36.29-24 + en schakelt 34...6-11 uit door de combinatie 35.33-28!, 36.23-18 en 37.34-29 +.

34...2-7 35.37-32!

Nu pas.

35...6-11 36.32x21 11-16 37.23-19! 13x24 38.29-23! 16x27 39.33-29 24x33 40.39x17 20-24 41.34-29 24x33 42.38x29

Zwart geeft het op. Terecht: weliswaar heeft hij voor het eerst sinds de 13e zet weer de mogelijkheid om dat vermaledijde stuk op 10 te activeren, maar wit staat dan natuurlijk al hoog en breed op dam.

Van het klassiek-achtige duel met Barkel, die lange tijd gelijke tred houdt maar in het late middenspel en eindspel steken laat vallen, geef ik het verloop sec.

Barkel - Clerc

(NK 1999)

1.32-28 17-22 2.28x17 12x21 3.31-27 21x32 4.38x27 11-17 5.36-31 19-23 6.37-32 14-19 7.34-29 23x34 8.39x30 20-25 9.44-39 25x34 10.39x30 15-20 11.50-44 10-14 12.42-38 5-10 13.41-37 18-23 14.44-39 7-12 15.46-41 20-24 16.30-25 1-7 17.40-34 13-18 18.49-44 8-13 19.34-29 23x34 20.39x30 18-23 21.47-42 17-21 22.44-40 21-26 23.41-36 10-15 24.33-29 23x34 25.40x20 15x24 26.43-39 12-18 27.27-22 18x27 28.31x22 7-12 29.45-40 6-11 30.39-33 12-17 31.32-28 13-18 32.22x13 9x18 33.40-34 18-23 34.37-32 2-8 35.34-29 23x34 36.30x39 8-13 37.36-31 26x37 38.42x31 17-21 39.31-26?! 11-17 40.48-42(?) 13-18 41.42-37 3-9 42.39-34 18-23

Zie diagram 3

43.28-22(!) 17x30 44.25x34 21-27 45.32x21 16x27 46.37-32 27-31 47.26x37 9-13 48.32-27 14-20 49.38-33? 20-25 50.33-29 24x33 51.27-21 33-38 52.21-17 38-43 53.17-11 43-49 54.11-7 23-28 55.7-2 28-33 56.35-30 49-16 57.30-24 19x39 58.2x48 16-7 59.37-31 7-1

Wit geeft het op.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden