Dumoulin in de berm en Superman Zonderland - zes onvergetelijke sportmomenten uit 2017

Onze sportverslaggevers stonden er met hun neus bovenop

Dumoulin, Zonderland, Federer, Blind, Sagan, Bolt: het afgelopen jaar kende tal van markante sportmomenten. Vaak keken sportverslaggevers van de Volkskrant van nabij toe. Zes herinneringen aan zes sleutelmomenten.

Epke Zonderland grijpt mis tijdens de rekstokfinale op de WK in Montreal. Hij weet wonderbaarlijk te blijven hangen en de oefening af te maken. Foto anp

Dumoulin moest naar de wc. Vragen, iemand nog?

Het is de dag van de bleke billen in een bloeiende berm. Ze waren nog net gevangen door de camera op de motor, die daarop meteen weg zwenkte in het besef dat discretie zwaarder weegt dan registratie tot op het bot.

Tom Dumoulin, de latere glorieuze winnaar van de Giro d'Italia, zit dinsdagmiddag 23 mei in Bormio op een stoeltje tussen de hekken voor interviews, aan de voet van de Passo dello Stelvio. Hij is zojuist in de roze trui het podium afgestapt, het oponthoud als gevolg van opspelende darmen ten spijt. Hij was furieus omhoog gereden, de concurrentie achterna, en als een dolleman over een gruwelijke hoeveelheid haarspeldbochten het dal in gedaverd om de schade te beperken.

Het is dringen. Camera's, microfoons, telefoons, blocnotes. Alle volgers van de honderdste Giro willen zijn verhaal horen. Wat was er nou, Tom? Wat speelde er? Hoe kwam het zo? De uitleg is schitterend in eenvoud. Het gaat niet over versluierende begrippen als fysiek ongemak of de roep van de natuur. Hij pareert niet met: dat hebben jullie toch allemaal kunnen zien? Hij windt er geen doekjes om.

'Ik moest naar de wc.'

Natuurlijk kleedt hij daarna het verhaal verder aan. Het zal een gelletje zijn geweest, of een reep, en de hoogte. Het was hem eerder overkomen, in de Tour de France, toen hij onderweg ijlings een camper in was geschoten. Ja, hij baalt, hij is teleurgesteld, maar hij heeft er nog vertrouwen in. Verder vragen was niet nodig. Het was duidelijk genoeg, met dat 'naar de wc'.

Maar eigenlijk raakt hij de kern zelfs meer als een Britse cameraploeg hem vraagt wat er was gebeurd en hij in het Engels antwoordt. Hij zegt niet: 'I had to go to the toilet.' Nee, hij zegt dit:

'I needed to shit.'

De pitstop van Dumoulin. Hij wond er na de etappe geen doekjes om: 'I needed to shit.' Foto Rechtenvrij

Dat is nóg beter. Meer emotie. Dit is inclusief de frustratie van de topsporter over een ongemakkelijk akkefietje dat hem misschien de eindzege in Milaan gaat kosten en dat hem de rest van zijn sportcarrière zal achtervolgen. Vragen, iemand nog?

Een week later is in de euforie de precisie in de maatvoering even zoek. Tijdens de huldiging in Maastricht, eind mei, krijgt hij de vraag of hij destijds met de koersbroek op de enkels al bezig was met het incalculeren van het tijdverlies. Dan zegt Tom: 'Ik dacht wel: hoeveel keer ga ik vegen? Hoe goed ga je dat afvegen, dan hè?'

Wij wilden het in elk geval niet weten, die gedenkwaardige dinsdagmiddag met z'n allen tussen de hekken in Bormio.

Rob Gollin


'Ik voelde me wel een beetje Superman toen ik bleef hangen'

Bij de warming-up in het Olympisch Stadion van Montreal ging tv-commentator Hans van Zetten - zonder microfoon - uit zijn dak. Turner Epke Zonderland deed vijf vluchtelementen in de rekstokoefening: dat was nooit eerder vertoond. Van Zetten gilde. Hoe geweldig was dit?

De werkelijke oefening, in de WK-finale van een uur later, overtrof de verwachtingen. Fotograaf Robin van Lonkhuijsen van ANP legde de act vast. Bij het tweede vluchtelement, de Kovacs hurksalto boven de stok, miste Zonderland met de linkerhand de stok. In plaats van tegen het schuimrubber te kletteren, deed hij het onwaarschijnlijk geachte. Hij liet niet los met de rechterhand en voltooide de zwaai rond de stok. Vierhonderd kilo trekkracht aan één arm.

Hoe Van Zetten er in zijn woordkeuze uitkwam, kreeg ik niet mee. Maar we wisten meteen dat hier iets bijzonders was gebeurd. De foto haalde de cover van het sportkatern van de Volkskrant. De plaat was het waard, omdat de olympisch kampioen van 2012 gewoon zijn oefening uit turnde en beslag legde op de zilveren medaille.

Vierhonderd kilogram trekkracht aan één arm. Foto epa

Daarna rolden de grappen door de persruimte. Epke Zonderhand, de Eenarmige Bandiet en Superman, de vliegende held met die ene arm naar voren. In die laatste beschrijving kon Zonderland zich wel vinden. 'Ik voelde me wel een beetje Superman toen ik bleef hangen.'

Daarna begon hij uitvoerig uit te leggen hoe het misging. Alsof hij een highspeedcamera bij de hand had gehad. 'Ik pakte mis. Ik voelde hem nog met twee vingers. Ik prikte er net tegenaan. Bij een schroef kun je je dat voorstellen, dat je de eerste hebt en de tweede op millimeters mist. Maar dit is wel heel gek, een salto zonder schroef en dat de ene hand de stok wel pakt en de andere niet.'

Vijf vluchtelementen bevatte de oefening niet. Na de eerste gelukte en de tweede half gelukte deed Zonderland er nog twee. Hij kon zich het vierde element niet eens meer herinneren. Die deed hij op de automatische piloot.

Zo beleefde Zonderland weer een zeldzaam moment in zijn loopbaan. Op de triple van Londen (2012) volgde de val van Rio (2016), en dan nu de halve misgreep. Of hij niet eens bij de opticien langs moest, luidde de grap die hij met het zilver om de nek best kon waarderen. Naast de medaille nam Zonderland immers een legendarisch verhaal voor later mee uit Montreal, in de categorie van opa Zonderland. Die liep op zijn handen over de nok van de Friese boerderij.

John Volkers


Het geheim van Federers wederopstanding is zijn vrouw Mirka. Foto getty

Wimbledon, de mooiste speeltuin ter wereld

Tennisser Roger Federer had zojuist zijn achtste Wimbledontitel gewonnen - een record - toen hij lachend naar zijn tweelingen in de spelersbox van het Centre Court wees.

Ik had in het jaar van zijn magische comeback zijn sabbatical uit 2016, vanwege blessureleed, een zegen genoemd. Beschreven hoe een 36-jarig icoon de moed had om zichzelf opnieuw uit te vinden. De keuze voor een groter racketblad. Nog aanvallender spelen vanaf de baseline door de bal ook met zijn kwetsbare backhand eerder te nemen. Het waren aanwijsbare veranderingen, waardoor Federer bij de Australian Open na tien jaar zijn aartsrivaal Rafael Nadal weer in een grandslamfinale wist te verslaan.

Maar het geheim van zijn wederopstanding was dus veel eenvoudiger. Tijdens Wimbledon had Federer slechts één woord nodig om uit te leggen waarom hij nog speelde: Mirka. Zijn echtgenote is de spil van Team Federer. Zij gaf haar man alle ruimte om ook op latere leeftijd zijn ziel en zaligheid in het tennis te leggen. Mirka droeg de lasten van een dubbele tweeling, vader Roger mocht ze knuffelen als het uitkwam.

Tijdens de Australian Open hadden de 7-jarige Myla en Charlene vader Roger vrolijk aangemoedigd. Hun prioriteiten lagen elders, dat wel. Of ze niet snel terug konden naar Zwitserland om te gaan skiën? Met een glimlach vertelde Federer in Melbourne dat hij zijn dochters had gevraagd of 'papa nog even mocht blijven'. Met instemming van zijn gezin veroverde Federer zijn achttiende grandslamtitel.

De Wimbledonfinale tussen Federer en de geblesseerde Marin Cilic werd nooit spannend. De 3-jarige Leo en Lenny Federer trokken gekke bekken naar de talloze camera's die op hen waren gericht. 'De jongens hebben geen idee wat er gebeurt', zei vader Roger. 'Ze denken vast dat ze in een leuke speeltuin zitten.'

Wimbledon als speeltuin, Federer had het niet beter kunnen omschrijven. Nu weet ik waarom hij de tijd tien jaar kon terugzetten. De harmonie in zijn gezin is het fundament, de liefde voor het tennis nog even intens als bij zijn debuut twintig jaar geleden.

Niet Myla en Charlene, Leo en Lenny, maar vader Roger Federer was op die stralende zondag het spelende kind dat de eeuwige jeugd verbeeldde. Wimbledon was zijn speeltuin, de mooiste speeltuin ter wereld.

Robèrt Misset


Voetbalcrisis in beeld: hangende hoofden op het vliegveld

Het was een tweet uit meligheid, met een serieuze ondertoon: getikt op 26 maart, op zondagochtend, bij een onderonsje op het vliegveld van Sofia. Op een foto staan: bondscoach Blind, zijn assistent Grim en KNVB-directeur Decossaux, de hoogste in rang bij een bond in nood. 'Toboverleg', schreef ik bij de wat korrelige, uit prudentie van veraf gemaakte foto.

We lopen met een paar verslaggevers naar Blind, even later. Hij hangt onderuit in een stoel. Soms vliegt de pers mee met Oranje, zeker naar verre bestemmingen in Oost-Europa. Na cruciale nederlagen ontrolt zich op vliegvelden een spel. Klagende sponsors. Spelers verstopt onder levensgrote koptelefoons, in groepjes klittend. De staf bij elkaar, met koffie. Een paar jaar eerder voltrok zich een soortgelijk tafereel rond Hiddink, na een zeperd in Reykjavik tegen IJsland, waar toenmalig directeur Van Oostveen al op het vliegveld een pittige evaluatie aankondigde. Het kwam niet meer goed.

Het vliegveld in Sofia is deze zondag de barometer van de voetbalcrisis in Nederland. Weer verloren met Blind, van Bulgarije. Weer gedacht dat naïef, passieloos, de bal eeuwig rondspelen soelaas biedt. Toch wil Blind door. Hij spreekt van een incident. Maar het is zijn vijfde nederlaag in negen kwalificatiewedstrijden, verdeeld over de aanlopen naar EK en WK. Dit is geen incident meer, maar een kettingbotsing.

Zijn vijfde nederlaag in negen kwalificatiewedstrijden is geen incident meer, maar een kettingbotsing. Foto anp

Ik had Blind een paar dagen eerder gevraagd of hij besefte dat de kritiek onbarmhartig op hem zou neerdalen, als hij de 17-jarige Matthijs de Ligt zou laten debuteren en die een fout zou maken. Want zo oneerlijk is de publieke opinie: als De Ligt geweldig had gespeeld in Sofia, was Blind geprezen voor zijn moed. Maar oh wee als hij blunderde. Blind antwoordde dat hij het snapte.

De Ligt ging zelfs twee keer in de fout. En zijn tegenstander Delev scoorde twee keer. Een Bulgaar die voor die avond nooit een doelpunt had gemaakt voor de nationale ploeg, en daarna trouwens ook niet. Wie oplette wist die zaterdag al: het is over met Blind. Vandaar die slechte foto, gemaakt op een slaperige zondagochtend, om journalistieke redenen.

Blind met de directeur, dat is dan geen praatje voor de vaak. De voetbalcrisis in één beeld gevangen. Schuddende, hangende hoofden. Later op die zondag werd Danny Blind ontslagen. Niemand was verbaasd. Helemaal niemand.

Willem Vissers


Gevraagd naar zijn aanstaande vaderschap fleurde Sagan op. 'Dát', zei hij, met een schittering in zijn ogen. 'Dát gaat de wereld pas echt veranderen.' Foto belga

Hoe kan Sagan zo zorgeloos in het leven staan?

Het zaaltje in de Grieghallen in Bergen loopt vol met journalisten. Het wachten is op Peter Sagan, zojuist in Noorwegen wereldkampioen op de weg geworden. Wéér hij. Zijn derde titel op rij. De meeste journalisten, mezelf incluis, hebben er stiekem een beetje de pee in. Er zijn al zo veel woorden aan hem besteed. Wat moeten we nu weer over hem schrijven?

Ik heb een haat-liefdeverhouding met Sagan. Dat juichen, die filmpjes, de grapjes; het lijkt er verdacht veel op dat hij net te goed heeft nagedacht over zijn imago. Aan de andere kant fascineert hij mij ook. Hoe kan iemand zo zorgeloos in het leven staan?

Ik was erbij, in de Tour, toen hij werd verbannen vanwege een roekeloze actie - op het eerste gezicht dan. Een dag later gaf hij een persconferentie in de tuin van het hotel, kalmpjes. Sagan was ervan overtuigd dat hij niets verkeerd had gedaan, maar boos of gefrustreerd? Neen. Hier stond iemand die in balans was.

Een jaar geleden ben ik vader geworden. Een vriendin vroeg me wat voor jongetje ik hoopte dat het zou worden. 'Een beetje Sagan in zijn leven zou niet verkeerd zijn', zei ik. 'Gewoon plezier hebben in de dingen die je doet. En niet bang zijn om te verliezen. Dan ben je altijd een winnaar.'

Zorgeloos, ja, zo was Sagan ook naar de WK in Noorwegen afgereisd. Zoals wel vaker arriveerde hij pas op het laatste moment. Hij wilde zijn zwangere vrouw niet alleen laten, verklaarde hij, want ook Sagan werd vader. Parcoursverkenning? Hoezo? De wedstrijd bestond uit twaalf rondjes. Tijd zat toch, om dat parcours te leren kennen?

En verdomd, hij deed het weer. Niet zo overtuigend als in Richmond of in Doha, bij zijn eerste wereldtitels, maar het was genoeg voor de overwinning. 'Ach, het zal de wereld niet veranderen', zei hij tijdens de persconferentie. Haast verveeld zat hij achter de tafel. Achteloos beantwoordde hij daarna de vragen over de wedstrijd, de sprint met Kristoff en de volgende WK, in Oostenrijk.

Aan het einde werd hem gevraagd naar zijn aanstaande vaderschap. Ineens fleurde hij op. 'Dát', zei hij, met een schittering in zijn ogen. 'Dát gaat de wereld pas echt veranderen.' Daarna stond hij op en was hij weg. Vanaf dat moment weet ik het zeker: Peter Sagan is een held.

Iwan Tol


Het ritme stokt, Bolt hinkt. Maar slaat hij ook echt over de kop?

Halverwege zijn laatste race maakt Usain Bolt een kop rol. Ik zie het voor me gebeuren, vanaf de perstribune van het Olympisch Stadion in Londen. Maar zodra ik de ongewone buiteling voor de krant wil beschrijven voel ik twijfel. Sloeg hij echt over de kop?

Die twijfel ken ik van Bolts eerdere optredens, bij de Olympische Spelen van Peking, Londen en Rio de Janeiro, bij de WK's atletiek in Berlijn, Daegu, Moskou en Beijing, gedurende een bezoek aan Kingston, Jamaica. Vaak zag ik het ongeloof over mijn waarneming weerspiegeld in het gelaat van NRC-verslaggever Henk Stouwdam.

De klok verschafte houvast. De ongrijpbaarheid van Bolt was in weldadig koele cijfers te vangen: eerst 9,69 op de 100 meter, toen 9,58; eerst 19,30 op de 200 meter, toen 19,19.

Bolt scheurt zijn hamstring, maakt een koprol en belandt op de baan. Foto getty

Ditmaal zijn er geen cijfers. De eindeloze herhalingen op de beeldschermen in het stadion bieden evenmin uitkomst. Te zien is hoe Bolt als slotloper van de 4x100 meter het estafettestokje krijgt overhandigd. Hij ligt in derde positie, de ondankbare plek waarmee hij eerder dit WK afscheid heeft genomen van de 100 meter.

Met machtige stappen zet hij zich in beweging voor zijn laatste inhaalrace. Bij zijn 21ste pas, bij een snelheid van ruim 40 kilometer per uur, stokt zijn ritme. Hij schiet omhoog en begint op zijn rechterbeen te hinken. Zijn hoge tempo dwingt hem zijn linkerbeen te gebruiken om af te remmen, maar bij elke stap schreeuwt hij van de pijn. Zijn hamstring is gescheurd.

Dan verdwijnt Bolt links uit beeld. De camera's volgen het wedstrijdverloop uit gewoonte, verliezers vallen buiten het frame. Pas later verschijnt hij weer in beeld. Hij ligt op de grond, verbouwereerd, in de steek gelaten door de glanzende spierbundels die hem roem en rijkdom hebben gebracht.

Vanaf de perstribune is te zien hoe een rolstoel naar Bolt wordt toegereden. Dat gaat hem te ver. Hij laat zich overeind hijsen door zijn ploeggenoten, strompelt hoofdschuddend naar de eindstreep en verdwijnt dan in de catacomben van het stadion.

Later stromen de foto's binnen op de laptop, van persbureaus die tientallen op afstand bedienbare camera's op de baan hebben gemonteerd om geen milliseconde van Bolts laatste meters te hoeven missen. Ik neem ze snel door, op zoek naar bewijs. Daar. Twee handen aan de grond, een verwrongen gelaat, gouden spikes in de lucht. Een noodstop. De koprol was echt, hij ging alleen mijn voorstellingsvermogen te boven. Typisch Bolt, ook die laatste race.

Mark van Driel

Meer over