Dukel hanteert stormram

Twee weken geleden behandelde ik in deze rubriek de partij die oud-wereldkampioen Anatoli Gantwarg in het Spaanse Salou van M....

In beide duels is een hoofdrol weggelegd voor Baris Dukel, de uit IJmuiden afkomstige (en aldaar in 1973 overleden) meester die in 1959 de nationale titel veroverde. Dukel won het toernooi om het NK 1959 met een score van 19 punten uit 13 partijen, waarmee hij zijn concurrenten Van Dijk en Bom, die hij beiden een nederlaag toebracht, twee punten voorbleef. Zijn prachtige, gestileerde winstpartij tegen wijlen Wim van der Sluis werd in de tweede ronde van dat toernooi gespeeld.

Van der Sluis-Dukel

(NK 1959)

1.32-28 19-23 2.28x19 14x23 3.37-32 10-14 4.41-37 14-19 5.31-27 5-10 6.33-28

10-14 7.39-33 17-22 8.28x17 11x31 9.36x27 6-11 10.33-28 11-17 11.44-39 1-6 12.46-41 7-11 13.41-36 17-22(!)

Was het eerste (7...)17-22 enz. wellicht nog bedoeld om (mede) de eigen rechter vleugel te ontwikkelen, met de tekstzet wordt de aanval op 27 daadwerkelijk ge-opend.

14.28x17 11x31 15.36x27 12-17 16.27-22

Van der Sluis bekent wel heel snel ongelijk: met de tekstzet doet hij, naar zal blijken voor de rest van de partij, afstand van het initiatief. 16.39-33 of 16.47-41 (bijvoorbeeld 16...17-22 17.41-36 22x31 18.37x26!?) was logischer, of op z'n minst hardnekkiger geweest.

16...17x28 17.34-29 23x34 18.32x12 8x17 19.39x30 13-18 20.50-44 9-13 21.44-39 19-23 22.39-33 20-25!

Op pagina 11 van zijn boek Strategia (Moskou 1964) voorziet Koeperman deze zet van een uitroepteken, en uit solidariteit doe ik met hem mee. Maar er viel natuurlijk ook iets te zeggen voor een tempowinnende speelwijze met 22...14-19/4-9 23.30-25 4-9/14-19 24.25x14 9x20!, evenals voor het rustige 22...13-19 23.30-25 2-8 enz., waarbij zwart langzaam maar zeker de beheersing van het strategische veld 24 nastreeft.

23.40-34 14-19 24.37-32 17-22

25.33-28 22x33 26.38x29 15-20! 27.43-39 20-24 28.29x20 25x14

Dukel laat - terecht - centralisatie van zijn stukken voor tempowinst gaan.

29.30-24 19x30 30.35x24 18-22! 31.39-33 22-27 32.32x21 16x27 33.49-43 3-8, 34.33-29?!

34.43-38?? was vanzelfsprekend verhinderd door 34...23-29, 35...27-32! en 36...13-19 +. Maar volgens Koeperman had wit beter de status quo op het middenbord kunnen handhaven door met schijf 45 op te komen.

34...23-28!

Zwart is nu heer en meester in het centrum.

35.34-30 13-18! 36.30-25 8-13!

Voordat hij zijn centrumaanval verder uitbouwt, reorganiseert zwart eerst de verdediging van zijn linker vleugel, die als gevolg van 33...3-8 enigszins verzwakt was.

37.24-20 4-10! 38.20x9 13x4 39.45-40

Actiever, hoewel niet noodzakelijkerwijs beter, was 39.25-20. Die mogelijkheid haalt Dukel er met zijn volgende zet meteen uit:

39...10-14 40.29-24 2-8! 41.24-20 14-19 42.40-34 8-13! 43.34-29

Met als tactische rechtvaardiging 43...19-24? 44.20-14! 24x33 45.25-20! enz.

43...6-11 44.29-24 19x30 45.25x34

Dit terugruiltje werpt wit weer verder terug. Was het zo langzamerhand niet de hoogste tijd om over een wanhoopsactie als 44.20-15, 45.25-20, 46.29-24 (46...19x30) en 47.20-14 na te denken?

45...13-19!

Zo plukt Dukel de vruchten van zijn profylactische 40e en 42e zet. De vijandelijke vleugelaanval is nu definitief van de baan, zodat er in het resterende 6x6 schijveneindspel nog maar een speler is die een duidelijk omschreven doel nastreeft!

46.42-38

Deze zet maakt wits overlevingskansen er niet groter op. Maar Van der Sluis kampt al ruim tien zetten lang met het probleem dat zwart 43-38 steeds met het sterke 27-31! beantwoordt.

46...11-17 47.34-30

Zie diagram 1

47...28-32!

Gaat de 2x2 ruil 48.30-24 en 49.38-33 enz. uit de weg en zet en passant zijn eigen aanval beslissende kracht bij.

48.48-42 17-21! 49.47-41 18-23?

Ongetwijfeld gespeeld om zelfs de tegenstoot (49...21-26) 50.20-14 19x10 51.42-37 enz. uit de stand te halen. Maar juist de tekstzet had Dukel een vol punt kunnen kosten...

50.41-36?

Maar ook Van der Sluis ziet het niet. Met 50.20-15! 21-26 51.42-37!! had hij zijn tegenstander in tempodwang kunnen brengen en - derhalve - remise kunnen forceren.

50...21-26 51.42-37 32x41 52.36x47 26-31 53.47-41

Pure wanhoop. Maar ook met 'normale' middelen had wit het nooit meer gered; een enkel voorbeeldje: 53.43-39 31-37 54.38-33 27-31 55.39-34 31-36 56.33-29 37-41! 57.29x18 19-23! 58.18x29 41-46 +.

53...23-28 54.41-36 28-32 55.20-15 31-37 56.30-25 27-31

Of ook 56...37-42 57.38x47 32-37 enz. +.

57.38x27 31x22 58.43-38 22-28!

Niet de voorpost op 37, maar die op 28 bezorgt zwart nu altijd de winst.

59.25-20 37-42! 60.38x47 28-33 61.36-31

Niet beter is 61.47-42 33-39 62.42-38 39-44 63.38-33 19-24! 64.20x29 44-50 65.29-24 50x22 66.24-19 22-9 +.

61...33-39 62.31-27 39-44 63.27-22 44-50 64.20-14

Op 64.22-18 had zwart, behalve met 64...50-45 65.18-13 19x8 66.20-14 45-23 +, ook met 64...19-23 65.18x29 50-28 kunnen winnen.

64...19x10 65.22-18 50-17 66.18-13 10-14 67.47-41 14-19 68.13x24 17-8

Wit geeft het op. Een waar juweeltje!

In de partij die Dukel in de openingsronde van het Wereldkampioenschap 1960 van de Fransman Pierre Dionis won, staan dezelfde thema's centraal. Helaas kan ik er, in verband met de ruimte, uitsluitend het verloop sec van geven.

Dionis-Dukel

(WK 1960)

1.32-28 19-23 2.28x19 14x23 3.31-27 10-14 4.37-32 14-19 5.33-28 5-10 6.41-37 10-14 7.39-33 17-22 8.28x17 11x31 9.36x27 12-17 10.46-41 17-22 11.41-36 22x31 12.36x27 7-12 13.44-39 12-17 14.33-28 6-11 15.47-41 1-6 16.41-36 8-12 17.39-33 3-8 18.49-44 2-7 19.44-39 17-22 20.28x17 11x31 21.36x27 12-17 22.33-28 17-22 23.28x17 7-11 24.17-12 18x7 25.34-30 13-18 26.39-33 20-25 27.40-34 7-12 28.34-29 25x34 29.29x40 12-17 30.40-34 1722 31.50-44 22x31 32.37x26 9-13 33.44-39 15-20 34.34-30 20-25 35.39-34 16-21 36.26x17 11x22 37.34-29 25x34 38.29x40 8-12 39.32-27 22x31 40.33-28 23x32 41.38x36 18-22 42.36-31 12-18 43.31-26 22-27 44.43-38 19-23 45.38-33 18-22 46.40-34 23-28 47.35-30 28x39 48.34x43 22-28 49.42-38 6-11 50.30-24 11-17 51.45-40 14-19 52.24-20 13-18

Een opmerking slechts van mijn kant: hoewel er wederzijds nog maar zes schijven op het bord staan, is Dukels stelling volkomen identiek aan de stand die hij na 46...11-17 in zijn partij tegen Van der Sluis had!! Het enige verschil is dat in het eerste geval 26 op 47 stond en 40 op 34.

53.40-34 17-22 54.43-39 28-32 55.48-42 32x43 56.39x48 22-28 57.42-38 28-33 58.38x29 19-24 59.48-42 24x33 60.20-15 18-23 61.34-30 27-32 62.30-24 32-38 63.42-37 38-43 64.24-20 43-49 65.20-14 33-39 66.14-10 39-44 67.37-32 49x16 68.10-5 23-29 69.5-37 44-50 70.37-19 50-6

Wit geeft het op.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden