Duitse herders op het gevoel

Het begon als een slimme methode om genetische informatie van Duitse herders te noteren. Het eindigde in een interessant gezelschapsspelletje met een wiskundige inslag....

Marc van den Broek

Set heet het. Het is een verademing in de eindeloze reeks nieuwe spelletjes die elk jaar in grote dozen vol met accessoires en vuistdikke spelregelboekjes op de markt komen. Set is zo groot als een dik pak kaarten en de uitleg past op een half A4-tje.

Het spel bestaat uit 81 kaarten van normaal formaat. Op de kaartjes staan figuren: een ruit, een rondje of een golvende lijn. De figuren zijn rood, groen of blauw; ze zijn gestreept, alleen met een gekleurd randje of effen gekleurd. Op een kaart staan een, twee of drie identieke figuurtjes.

Elk kaartje is anders. Van de 81 kaartjes worden er twaalf op tafel gelegd. De opgave is om uit die twaalf een serie van drie te vormen, waarvan de genoemde vier eigenschappen (vorm, kleur, rastering en aantal) of hetzelfde of verschillend zijn. Zo'n serie van drie heet een set (Koreaans voor drie).

Het spel speel je in een groep. Iemand die een set als eerste ziet, mag de kaartjes houden. Er liggen dan nog negen kaarten op tafel. Als daar geen set in zit, worden er drie kaartjes bijgelegd. Er komen steeds drie kaartjes bij als er geen serie op tafel ligt. De persoon met de meeste kaarten wint.

Het spel is bedacht door de Amerikaanse onderzoekster Marsha Jean Falco. Ze werkte in de jaren zeventig aan de universiteit van Cambridge in Engeland als populatiegeneticus. Haar onderwerp was epilepsie. Ze bestudeerde de erfelijke component van de ziekte bij Duitse herders.

Van elke hond die ze onderzocht, schreef ze genetische gegevens op een archiefkaartje. Daarbij koos ze voor symbolen om de eigenschappen van de hond vast te leggen. Ze gebruikte verschillende symbolen om verschillende geneninformatie weer te geven.

Soms legde ze de kaartjes voor haar uit en zocht ze naar patronen. Collega's keken geamuseerd toe waar ze mee bezig was en op een gegeven moment bemerkte dat ze lol kreeg met de kaartjes.

Ze maakte er een spel van. Haar kinderen haalden haar over het te gaan verkopen. Nu zit de onderzoekster in de speelgoedwereld. Een sociale werkplaats bij haar in de buurt vult de doosjes.

In Amerika is het spel redelijk bekend, in Europa moet de belangstelling nog komen. De Duitse spelletjesgigant Ravensburger, met een vertegenwoordiging in Amersfoort, biedt het spel sinds enige tijd ook in Nederland aan.

'Een fantastisch spel', vindt Annick Weyzig. De student informatica aan de Technische Universiteit Enschede kwam ermee in contact via haar broer. Een vriend van hem had het meegenomen uit de VS, maar zij was al spoedig beter dan hij. Een goede verklaring heeft ze niet: 'Ik zie het gewoon.' Ze is verslaafd aan het spel en heeft een eigen internetsite over Set (www.dit.is/set).

Een theorie hoe je het moet spelen, zoals bij dammen en schaken, is er niet. 'Je kunt wat handigheid erin ontwikkelen, je kunt jezelf trainen de combinaties sneller te zien', zegt Weyzig.

Volgens de kenners zijn vrouwen meer bedreven in Set dan mannen, wat opmerkelijk is voor een spel met een exacte inslag. Het heeft te maken met het traditionele verschil tussen de twee seksen. Vrouwen reageren gevoelsmatiger, intuïtiever en daardoor is de rechter hersenhelft beter ontwikkeld. Mannen zijn rationeler en denken logisch en dat doe je met de linkerhelft. Een goede speler herkent de patronen in de kaarten op tafel en patroonherkenning zit in de rechter hersenhelft.

Wat Set bijzonder maakt, is dat het veel vragen oproept, die zelfs de aandacht hebben getrokken van wiskundigen. Het wiskundeblad voor jongeren Pythagoras wijdde er onlangs een themanummer aan. Op de Universiteit Leiden wordt er college over gegeven. Er zijn plannen voor een Nederlands kampioenschap. De Set-discussiegroepen op internet behandelen vragen met een wiskundige achtergrond.

Tijdens het spel liggen er twaalf kaartjes op de tafel. Meestal is er een set te scoren, maar niet altijd. De vraag die de spelers zich stellen is: hoeveel kaarten kunnen er op tafel liggen zonder dat er een set te vinden is?

Weyzig kent het antwoord: Twintig. En het bewijs? 'Ik heb de redenering gezien, maar helemaal begrijpen doe ik het niet', zegt ze eerlijk. Er liggen nog legio andere vragen.

Hoeveel sets zijn er in de 81 kaarten? Het antwoord 1080, valt gemakkelijk te bewijzen. Maar hoeveel sets zitten er in als je een kaart weghaalt, enzovoorts. Voor 80 kaarten is het antwoord ook relatief eenvoudig, maar daarna wordt het ingewikkeld. Er is een tabel in de maak met het maximum en minimum aantal sets dat bij een bepaald aantal kaarten hoort. Of de tabel klopt? Er wordt nog aan gerekend.

Voor het spelen van het spel doen die vragen er niet zoveel toe. En dat is de charme.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden