Donny Breek: 'Wil gewoon nog beter worden'

Donny Breek (17) gooit een bal met 145 kilometer per uur. Hard genoeg voor een contract in Amerika. Advies van een gelouterde voorganger: 'Niet achter de vrouwtjes aan.'

Beeld Gerrit-jan Ek

Donny Breek moet 10 jaar oud zijn geweest toen hij voor het eerst op de werpheuvel stond. Hij herinnert zich nog de opwinding die hij voelde. Oogcontact met de slagman, een paar jaar ouder dan hij. Man tegen man. Het loslaten van de bal en een seconde niets.

Dan: bal over de plaat, drie slag, slagman uit.

Het plezier in het pitchen is gebleven. Breek (17) gooit de ballen nu met zo'n 90 mijl per uur - omgerekend bijna 145 kilometer per uur. Zijn fastball is dodelijk. Totale controle. Een ander wapen: timing. Geen bal te gehaast. Al maanden hadden Amerikaanse scouts hem in het vizier. Nadat hij vorige maand het WK onder 18 jaar had gespeeld met het Nederlandse team waren de Minnesota Twins overtuigd: deze jongen uit Almere moeten we hebben.

Daarna ging het snel. Breek tekende een zevenjarig contract bij de Amerikaanse profclub Minnesota Twins, die uitkomt in de Major League, de hoogste Amerikaanse honkbalcompetitie. Begin volgend voorjaar kan hij zich melden in Fort Meyers, Florida. Daar kan hij instromen bij de GCL Twins, een aan de Twins gelieerd team dat uitkomt in de Minor League. Het eerste jaar komt hij uit op het laagste niveau van de Minor League.

Wat daarna gebeurt is ongewis. Meerdere Nederlanders gingen hem voor. Zij bleven steken op het niveau net onder de Major League. Wat hebben zij voor advies voor Breek?

'Goede oordoppen. Met noise cancelling, zoiets.' Loek van Mil (33) is serieus. Van Mil, met zijn 2 meter 15 een bijzondere verschijning op het honkbalveld, was 20 toen hij in 2005 bij de Twins ging spelen. Van Mil: 'De meeste jongens op de campus van de Minnesota Twins komen uit de Dominicaanse Republiek of Venezuela. Goede gasten, hoor. Maar ze spreken op die leeftijd vaak bijna geen Engels. En het zijn, hoe zal ik het zeggen, nogal druktemakers. Dus oordoppen, geloof me, dan kun je slapen in de bus. Die rust heb je nodig.'

Van Mil weet nog precies de eerste keer dat hij het trainingsveld op liep van de GCL Twins in Florida. Links, rechts, overal werd zo hard gegooid. Loepzuiver. Slagmannen als snipers: pok, alles raak. 'Shit, iedereen hier is beter dan ik, dacht ik. Demotiverend was het. Ik stond op het punt een ticket terug naar huis te boeken.' Dat deed Van Mill niet. Uiteindelijk speelde hij tien jaar in Amerika en ook nog een jaar in Japan. 'Daarom moet Donny zich niet laten imponeren door de jongens die daar rondlopen. Geloven in zichzelf, hoe cliché dat ook klinkt.'

Het niveau in Amerika is niet te vergelijken met de Nederlandse competitie, weet ook Alexander Smit. De Eindhovenaar was net als Donny 17 toen hij naar Amerika vertrok om bij de Twins te gaan spelen. Dat was in 2002. 'O, man. Zeker dat eerste jaar werd ik gesloopt. Elke dag honkballen. In de bloedhitte. En niet alleen trainen, maar ook ballen rapen, wedstrijden van anderen bekijken. Uren op je benen staan. Vergelijk voetballen met sprinten, honkbal is een marathon.'

Hij schetst een beeld van de Amerikaanse sportcultuur dat voorkomt in films. Coaches als drill-sergeanten, zonder genade. Teamgenoten als grootste concurrenten, op en buiten het veld. Pesterijen in de kleedkamer. 'Dan bagatelliseerden ze mijn prestaties. Of probeerden ze me heimwee aan te praten. 'Hey, Alex. Miss your mommy? Kei-hard.'

Smit: 'Donny moet zich niet laten afleiden. Ja, het is vervelend om die eerste jaren in lege stadions te spelen. Het doet pijn als je maatjes uit de ploeg naar huis worden gestuurd. Of als gasten die slechter zijn dan jij eerder promotie maken.'

Bij zijn laatste ploeg, DSS uit Haarlem, kreeg Breek begeleiding van Tom Stuifbergen, zelf zeven jaar actief geweest in Amerika. Stuifbergen tekende in 2006 bij de Twins. 'Donny is een rustige, slimme jongen. Een stuk professioneler dan ik was in ieder geval. Ik was een beetje een clown.'

Hij heeft het Donny al op het hart gedrukt: 'Niet het nachtleven induiken, dat kan later altijd nog. En zeker niet achter de vrouwtjes aan. Dat ene doel moet hij voor ogen houden: de beste worden. Ik heb jongens gezien die brak op het veld stonden. Die kregen het daarna heel moeilijk. '

Honkbal is een sociale sport, zegt Stuifbergen. 'Je moet makkelijk vrienden kunnen maken. Zeker op de lage niveaus. Je wereld is klein. Heel klein. Dus je moet het doen met de mensen om je heen. En je moet het spelletje leuk vinden, want je houdt er de eerste jaren niets aan over.'

In 2002 tekende Alexander Smit nog voor bijna 1 miljoen euro. Jerry Breek, de vader van Donny, schampert bij het horen van dat bedrag. 'Nee, geen tonnen voor Donny hoor. Laat ik het zo zeggen: voor het geld hoeft hij het niet te doen.'

Breek krijgt kost en inwoning. Medische begeleiding en een eigen diëtist. En nog zo rond de 1.000 dollar per maand. Als de Twins van hem af willen, door een blessure of achterblijvende prestaties, kunnen ze hem zonder pardon ontslaan. 'Releasen', wordt dat genoemd.

En Donny zelf, weet hij wat hem te wachten staan? Aan de telefoon is hij wat verlegen. Al die aandacht hoeft van hem niet. Het antwoord op de vraag wat z'n ambities zijn, is bijna vertederend: 'Ik wil gewoon nog beter worden.'

De sport speelde al vanaf zijn vroege jeugd een grote rol in zijn leven. Terwijl de meeste Nederlandse kinderen vanaf het moment dat ze kunnen lopen tegen een bal aan trappen, kroop Breek met een honkbal in zijn hand langs de lijnen bij Kinheim, de honkbalclub van zijn vader. Niet schoppen, maar werpen.

Breek weet waaraan hij moet werken. Met zijn fastball zit het wel goed. De langzamere ballen, effectballen als de curve, slider en change-up, daar ontbreekt soms de controle, zegt pitching-coach Stuifbergen. 'Maar het zou ook niet goed zijn als hij die worpen ook al feilloos zou kunnen gooien. Hij is nog niet uitgegroeid, sommige worpen vergroten de kans op blessures. Zijn werp-arm is zijn wapen. Die moet hij koesteren. Die arm gaat hem nog mooie jaren bezorgen.'

CV Donny Breek

2005 Begonnen met honkbal

2012 Scimitars Baseball Academy

2013 Nederlands Team U15, Europees Kampioen

2014 Nederlands Team U15, Europees Kampioen

2015 Nederlands Team U18, 2e plaats Europees Kampioenschap

2016 Nederlands Team U18, Europees Kampioen, Debuut Hoofdklasse bij DSS

2017 Nederlands Team U18, 8e plaats Wereld Kampioenschap

de Piramide van het profhonkbal

Waar 17-jarige talenten in het voetbal al voor grote bedragen naar topclubs gaan, werkt de Amerikaanse honkbalcompetitie heel anders. 'Als een piramide', legt Alexander Smit uit. Hoe hoger de competitie, hoe dunner de spoeling wordt. Beginnend in de Rookie League, met low A, high A en Double A. De laatste stap voor de Major League is de Triple A-competitie. Smit: 'Onder aan de piramide wordt niet veel geld verdiend. Uiteraard krijgen sommige jongens een smak aan tekengeld, maar de meeste spelen voor kost en inwoning.' Eenmaal in de MLB gaat het om grote bedragen. De Nederlandse honkbal-international Kenley Jansen (29) tekende voor zo'n 75 miljoen bij de LA Dodgers. De gevierde man bij de New York Yankees komt ook uit het Nederlands team: Didi Gregorius.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden