Dommelende juryleden missen vallende balk

Zevenduizend fans op de tribunes, drie juryleden en een speaker – zo groot was de aanhang van Albert Zoer nooit eerder tijdens de finale van een groot concours....

Maar die laatste balk was toch gevallen? De dommelende juryleden hadden de misser niet waargenomen en al evenmin de lichte plof van de balk in de zandbak gehoord en riepen prompt Zoer tot winnaar uit. De omroeper van dienst verkondigde daarop de blijde boodschap met zoveel verve dat het publiek hem en de jury op hun woord geloofde. Zelfs Zoer was, getuige zijn gebalde vuist, even in de zevende hemel. Had natuurlijk ook niets gehoord of gezien.

Enkele tellen later greep het wakkere jurykorps alsnog in en werd de rangorde gerectificeerd. Zoer maakte door dat ultieme heimelijke foutje een vrije val naar de elfde plaats. 2000 euro voor de moeite in plaats van de 25 mille voor de winst. Die ging, zoals wel vaker gebeurt in de springsport, naar een Duitser, naar Markus Beerbaum deze keer.

Nog lang na afloop lachte Zoer als een boer met kiespijn. Dat hem dit moest overkomen. ‘Meestal hoor je wel of een balk valt of niet. Maar uitgerekend nu hoorde ik helemaal niets. Meer dan een aaitje zal het niet geweest zijn.’

Het zou Okidoki niet zijn gebeurd. Maar Zoer had de hengst, waarvoor hij na de gouden WK in Aken 4 miljoen euro kon vangen, niet bij zich in Amsterdam. Die stond op stal in Echten te genieten van zijn vrijheid: merries dekken en tussen de bedrijven door krachten verzamelen voor het naderende buitenseizoen.

Lincoln bleek een meer dan capabele vervanger. Zoer plaatste zich met de witte hengst soepel voor de barrage, waarin hij van doen zou krijgen met Yves Houtackers en Marc Houtzager, een stel Duitsers en Fransen, en een verdwaalde Colombiaan. Geen onmogelijke opgave voor een man die tijdens de WK van 2006 schitterde en een groot aandeel had in de gouden teammedaille.

Daarbij had Zoer ook nog eens het voordeel dat hij de barrage als laatste mocht ingaan. Kon hij mooi het kunstje afkijken en zien waar tijdwinst te behalen viel. Zoer ging voortvarend van start. Het gas ging er bij Lincoln vol op. Die gaf geen krimp en bezorgde al doende zijn berijder tussentijden die beter waren dan die van Beerbaum. Nog maar één oxer en de klus was geklaard en de hoofdprijs voor hem. Maar toen ging het mis en viel die paal wel heel flauw uit de lepels.

Niemand die het wilde zien, niemand die het wilde geloven.

Misschien kwam dat doordat jury, publiek en speaker gefrustreerd waren door het matige presteren van de overige Nederlanders. Houtackers was in de barrage simpelweg niet snel genoeg en Houtzager pakte een balkje mee. Zij verdienden tenminste nog wat geld en punten, voor mannen als Piet Raymakers en Eric van der Vleuten was er het een noch het ander. De routiniers bleven al in de eerste ronde steken.

Van der Vleuten had het graag anders gezien, al was het alleen om zijn 18-jarige zoon Maikel mores te leren. Die had aan de vooravond van de wereldbekerstrijd een stunt van jewelste geleverd door in de Grote Prijs iedereen het nakijken te geven, inclusief zijn vader.

Gisteren was de jonge kampioen in geen velden of wegen te bekennen. Hij bleek zich op de dag der dagen op te houden in Asten, niet ver van de ouderlijke woning, om hier zijn kunsten te vertonen in een streekconcours.

Zijn vader, die zich al een hele carrière lang bekwaamt in het verzamelen van tweede plaatsen (of nog erger), stond er nu alleen voor. Maar daar zal Maikel van der Vleuten niet mee gezeten hebben. ‘Ach’, mopperde hij ooit tijdens een NK-finale, ‘ik hoef mijn vader niet te zien rijden. Hij wint toch nooit wat.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden