AnalyseWielrennen

Deze wielrenners lijken de komende Tour de France te gaan domineren

Het was een kleine koers, maar het knetterde het afgelopen weekeinde meteen in de Tour de l’Ain tussen de twee ploegen die naar verwachting de komende Tour de France zullen domineren. Hoe staan de hoofdrolspelers van Ineos en Jumbo-Visma ervoor op basis van hun prestaties daar?

Tom Dumoulin van de Jumbo-Visma ploeg tijdens de beklimming van Col de Menthieres.Beeld Klaas Jan van der Weij

Primoz Roglic (30), Jumbo-Visma

De Sloveen in Nederlandse dienst deed meer dan van hem werd verwacht. Hij won twee bergetappes, beide keren door Tourwinnaar Egan Bernal in de laatste meters te kloppen, en sprintte zelfs mee om de zege in de vlakke openingsrit; hij eindigde als tweede. Zijn ploeggenoot Tom Dumoulin nam alvast een voorschot op een pikorde binnen het team in de Tour. Aan een zekere rangschikking vooraf valt volgens hem niet te ontkomen. Wie offert zich bijvoorbeeld op bij de beklimmingen van de eerste cols door achter een aanvallende klassementsrenner van een ander team aan te gaan? Hij maakte er geen geheim van wie er nu recht heeft op een streepje voor in het team. ‘Primoz steekt erbovenuit. Hij is in topvorm.’

Ploegleider Grischa Niermann is er niet bang voor dat Roglic al te veel met zijn krachten smijt. Met collega’s als Robert Gesink, George Bennett, Steven Kruiswijk en Tom Dumoulin als beschermers in de buurt, heeft hij volgens hem van alle renners voor in de koers de afgelopen dagen misschien wel het minst afgezien.

Primoz Roglic (Jumbo-Visma) deed meer dan van hem werd verwacht.Beeld EPA

Tom Dumoulin (29), Jumbo-Visma

Wat was te verwachten van een renner die 420 dagen geen wedstrijd heeft gereden, na een val, lichamelijk ongemak en maanden trainen zonder zicht op competitie? Hij had zelf ook geen idee. Het zouden spannende dagen worden.

Op de slotdag, op de flanken van de Grand Colombier, vond hij de bevestiging dat het al heel behoorlijk klopt. Hij sleurde lang aan kop en van alle Ineos-troeven kon alleen Bernal hem bijbenen. Zijn tempo ontmoedigde ook aanvalspogingen van grote namen uit andere ploegen, zoals Nairo Quintana, Richie Porte, Bauke Mollema en Daniel Martin. Het was meer dan waarop hij na de tweede bergrit had gerekend. Toen had hij de ploegleiding laten weten dat hij een wat mindere dag had. De twijfel had even toegeslagen. Het is de wisselvalligheid die er nog uit zal moeten. Bij een plek op het tweede plan heeft hij zich niet neergelegd, getuige deze uitspraak: ‘Ik moet er nog inkomen.’

Steven Kruijswijk (33), Jumbo-Visma

In de drie ritten in de Ain bewees de nummer drie van de Tour in 2019 dat hij weer met de besten mee kan. In het algemeen klassement reed hij naar de vierde plaats, achter Bernal en Quintana, op een kleine minuut achter Roglic. Was er misschien nog meer mogelijk geweest? Een gewaagde aanval had de eerste aanzetten tot een rolverdeling aan het wankelen kunnen brengen. Van ploegleider Niermann had hij het best eens mogen proberen. Op de tweede dag was er een demarrage, maar erg gevaarlijk werd die niet. Er is meer nodig dan ijzersterk gelijkmatig rijden om een bevoorrechte positie op te eisen.

Steven Kruijswijk (Jumbo-Visma) bewees in de Ain dat hij weer met de besten mee kan.Beeld BSR Agency

Egan Bernal (23), Ineos

Hij was met veel vertrouwen als winnaar van de Route d’Occitanie in de Pyreneeën naar de Jura gekomen. De Colombiaan had zich daar de Franse wielertop van het lijf gehouden: Thibaut Pinot, Romain Bardet, Warren Barguil, en Porte en Mollema, het duo van Trek. In de Ain drukte het geelzwarte squadron hem met de neus op de feiten. Waar Jumbo-Visma tot op het laatst ruim in de kop van de koers was vertegenwoordigd, moest hij het telkens in zijn eentje zien te rooien. Na de race riep hij op tot kalmte, dit is voorbereiding, het draait toch echt om de Tour. Maar zag hij in het begin van dit jaar vooral op tegen concurrentie in eigen kring, nu weet hij dat het echte gevaar van buiten komt.

Egan Bernal (Ineos) weet dat het echte gevaar van buiten komt.Beeld EPA

Chris Froome (35), Ineos

Bauke Mollema zei zaterdag dat hij de Brit niet langer tot de kanshebbers rekent. Hij was getuige van diens worsteling. De viervoudig Tourwinnaar lijkt na zijn val in juni vorig jaar, met breuken in lijf en leden als gevolg, te ver verwijderd van het noodzakelijke niveau. De feiten na drie dagen koers: 41ste, op 26.45. Hij oogde ook niet best. Grimassend, lijdend, slalommend om afstappen voor te zijn, nadat hij op de Grand Colombier voor Bernal had geknecht. Er was geen keus, hij moest zich laten zien. Alleen het Critérium du Dauphiné rest nog om te bewijzen dat Inoes, de ploeg die hij volgend jaar verruilt voor Israël Start-Up Nation, voor de Tour niet om hem heen kan. De Tour de l’Ain heeft zijn kansen niet vergroot. Zeker, schrijf hem nooit af. Maar hem als favoriet bestempelen doe je ook niet zomaar meer.

Viervoudig Tourwinnaar Chris Froome (Ineos) bestempel je niet zomaar meer als favoriet.Beeld BSR Agency

Geraint Thomas (34), Ineos

Voor de prestaties van de Welshman biedt alleen de statistiek houvast. Hij eindigde telkens anoniem in de middenmoot, met een 34e plaats op 21.09 van Roglic als eindresultaat. Bernal zei dat Geraint misschien wat te hard had getraind. Het duidt er wel op dat hij de Tour serieus neemt. Dat hij na zijn winst in 2018 er wat met de pet naar had gegooid, kostte hem het jaar daarop het kopmanschap in Frankrijk. Dan weet je welk parcours je nog te gaan hebt.

Geraint Thomas (Ineos) neemt de Tour serieus.Beeld BSR Agency
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden