Interview Lieven Maesschalck

Deze fysiotherapeut houdt de Belgische selectie superfit

Tot twee keer toe haalden de Belgische internationals fysiotherapeut Lieven Maesschalck bij de medische staf. De spelers lopen met hem weg. Spelers maken zelf het verschil in hoe fit ze zijn, vindt Maesschalck.

Lieven Maesschalck, de fysiotherapeut van het Belgische elftal. Foto Belga

Naast balvaardig en doelgericht zijn de Belgen opvallend fit, lenig en krachtig. Doelman Courtois springt als een kat naar de bovenhoek, verdediger Kompany is een muur, vleugelback Meunier holt desnoods 180 minuten over de flank, de zware spits Lukaku trekt imposante sprints, dribbelaar Hazard is door nog geen drie tegenstanders van de bal af te krijgen en architect De Bruyne is werkelijk overal.

Rond de gewonnen kwartfinale tegen Brazilië (2-1) werd een spandoek ontrold met daarop een roodzwartgele stripfiguur Obelix, die Lukaku, Hazard, Kompany en Courtois voerde uit een pot vol toverdrank, gefabriceerd door dorpsdruïde Panoramix.  De druïde van de Rode Duivels zou fysiotherapeut Lieven Maesschalck zijn. De spelers haalden hem tot twee keer toe bij de medische staf. Hij staat sinds twee jaar weer aan het hoofd, nadat hij eerder door een conflict met vorige bondscoach Marc Wilmots in 2014 was vertrokken.

Wat kan hij wat collega’s niet kunnen? ‘Weet ik niet. Spelers maken zelf het verschil in hoe fit ze zijn,’ zegt Maesschalck (54) door de telefoon vanuit Rusland, twee dagen nadat België de halve finale heeft bereikt ten koste van het favoriete Brazilië. ‘Dit is een unieke generatie, qua talent en investerend vermogen. Natuurlijk proberen we te helpen, maar als een topvoetballer vandaag de dag niet alles uit zichzelf haalt, komt en blijft hij nooit aan de top.’

Individuele programma’s

De meeste spelers kent hij van jongs af aan. ‘Mond-tot-mondreclame. Ik probeer samen met de speler het perfecte programma uit te dokteren. De een moet werken aan zijn balans, de ander aan zijn sprintvermogen, de volgende wil een instabiele heup compenseren. Niet iedereen moet dagelijks honderd kilo drukken. Niet iedereen is gebaat bij een vaste structuur.’

Samenvatting uit interviews met spelers en Maesschalck zelf: hij is flexibel, invoelend, een tikje flamboyant, dag en nacht bereikbaar en probeert op alle mogelijke manieren beter te worden in zijn vak. ‘Die jongens zijn net zo gedreven. Dat geeft een klik.’

De 32-jarige Kompany is het sprekende voorbeeld van die gedrevenheid. Hij werd een paar keer afgeschreven vanwege aanhoudend blessureleed. Toch was er geen spoortje paniek toen hij voor het WK weer tegen een spierblessure aanliep. ‘Ik werk met Lieven Maesschalck hard aan mijn terugkeer en zal er straks staan,’ sprak Kompany kalm. 

Dat lukte. Kompany sloeg de groepsfase over, maar tegen Japan en Brazilië was hij de vertrouwde rots in de branding, evenals dat andere veronderstelde ‘brekebeen’ Thomas Vermaelen die inviel tegen Brazilië. ‘We hebben een plan gemaakt, Vincent kent zijn lijf en de samenwerking met de technische staf is top,’ zegt Maesschalck.

Waarom Kompany al zo lang zo blessuregevoelig is? Maesschalck wil er niet in detail uitweiden. ‘Iedereen heeft een andere genetica, daar moet je ook wat geluk mee hebben. Vincent speelt al profvoetbal sinds zijn 16de, gaat altijd voorop in de strijd. Wat hij allemaal heeft gedaan om terug te komen, is onvoorstelbaar.’

Druk richting WK

Maesschalck, wiens vader een van de eerste fysiotherapeuten in België was (‘hij werd nog uitbetaald in kippen en koeien’), had het druk richting het WK. Met de in China spelende Witsel en Carrasco werkte hij individuele programma’s af om ze klaar te stomen voor het hogere fysieke niveau. Tijdens het voorbije seizoen reisde hij vaak naar de vooral in Engeland spelende internationals voor behandeling en consult.

In de selectie zit een aantal ‘freaks’ wat betreft hun lichamelijke verzorging. Vermaelen, Kompany, Alderweireld, Mertens en Witsel weten exact wat ze wel en niet moeten doen, verdiepen zich doorlopend in nieuwe behandelmethoden, voeding en onderzoek. Daarbij gesouffleerd door onder meer Maesschalck.

Hazard en De Bruyne spelen minder op kracht, zij moeten vooral plezier hebben. Fellaini (Maesschalck: ‘een beest, die speelt zelfs met een gescheurde spier door’) en Lukaku hebben een soort oerkracht die slechts bijgeslepen dient te worden. Veel trainen met de bal heeft meer zin dan ze nog vaker het krachthonk in te sturen.

Tijdens het WK gaat de preparatie van de dure lijven voort. Voor alle trainingen en wedstrijden doen bijna alle spelers een uitgebreide pre-warming up in een gymzaal. Ter vergelijking: bij het Nederlands elftal was Arjen Robben vaak de enige die dat deed. Er is een uitgekiend buffet. 

Dieet

Maesschalck: ‘We hebben een geweldige diëtist. Maar het is niet dat voor allemaal een speciaal bordje klaar staat. Iedereen weet zelf wat hij nodig heeft. Niemand teert hier op zijn talent. Ze delen graag kennis met elkaar over hoe ze sterker kunnen worden. Dat druppelt door naar de jeugdploegen. Daar hoef je ook niemand achter de broek te zitten.’

De verzorging gaat verder dan lichamelijke bijstand. ‘Met ons team behandelen we alle spelers minimaal een uur per dag. Dat schept een band. Soms is er frustratie, onzekerheid of thuis iets aan de hand. Je bent ook mentaal begeleider. Het brein is het commandocentrum van het lijf.’

De rol van de medische staf wordt soms onderschat door de buitenwacht, meent hij. ‘De wisselwerking is evident. Met Martinez hebben we een coach met wie het uitstekend werken is. En deze groep is ook geweldig.’ 

Is die ‘geweldige groep’ niet te afhankelijk van de wonderfysio? ‘Nee, nee. Ik leid anderen op en stimuleer zelfstudie bij de spelers. Het laatste dat ik wil is onoverkomelijk zijn.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.