Depressief van al die opgeblazen voetbalego's

Achtergrond..

Amsterdam Hij was pas 17 jaar en iedereen wist het zeker. Sebastian Deisler stond aan het begin van een grootse voetbalcarrière. ‘Basti Fantasti’, werd hij genoemd toen Real Madrid het prille Duitse talent een plaats tussen zijn sterren wilde geven.

Maar de kleine baltovenaar, met het vermogen het spel volledig naar zich toe te trekken, bleef in Duitsland. Hij verhuisde eerst van Borussia Mönchengladbach naar Hertha BSC en vertrok uiteindelijk – in 2001 – voor een reusachtig bedrag naar Bayern München.

Zes jaar later maakte hij aan de zijde van Uli Hoeness bekend zijn onvoltooide loopbaan onmiddellijk te beëindigen. Deisler was ten onder gegaan aan depressies, angsten en twijfels.

Het sterrendom van FC Hollywood kon de gracieuze middenvelder nooit gelukkig maken. Zijn poging om zichzelf te blijven, strandde in de wereld die meer glamour en glitter uitstraalt dan medemenselijkheid. Juist in de periode rond de dramatische zelfmoord van Robert Enke, de doelman van Hannover ’96 en het Duitse elftal, verscheen Deislers boek Terug in het leven.

Het is het verhaal van een sportster, die te midden de van opgeblazen ego's geen ruimte vond voor zelfontplooiing. ‘Ik heb oorlog tegen mezelf gevoerd, totdat ik niet meer verder kon’, zegt hij over het moment waarop hij manager Hoeness bij Bayern München belde met de mededeling: ‘Ik kan niet meer, ik ben totaal op en heb dringend hulp nodig.’

Natuurlijk, hij kreeg, gesteund door Bayern, hulp van ’s lands beste psychiaters, in ’s lands beste klinieken. Maar hij is terug in Lörrach, de stad waar zijn wortels liggen, in het drielandenpunt tussen Duitsland, Frankrijk en Zwitserland. Zonder zijn vrouw en kind.

‘Alles wat in het leven belangrijk kan zijn, ben ik kwijt’, zegt Deisler, die volgende week 30 wordt, nu. ‘Mijn gezondheid, mijn beroep, mijn sport en ook mijn familie, die ik geen deelgenoot mocht laten worden van mijn lijden en mijn strijd.’

Begin dit jaar bracht hij zijn vakantie door in Nepal waar hij in de stad Pokhara stuitte op een enkele jongeren, die elke avond gingen voetballen. Na zijn aanvankelijke aarzeling deed hij mee, en de beste van het stel droeg hem op een plaats in de verdediging in te nemen.

Maar bevrijd van de geseling die topvoetbal ook is, liet hij zich ook hier niet meer commanderen, hij speelde het voetbal zoals hij dat wilde, vanuit zijn hart. Na een half uur was hij leeg. ‘Eigenlijk is voetbal het eenvoudigste en het mooiste dat er is, als er maar niet zoveel bombarie om heen zat’, schrijft hij in zijn boek.

‘Ik ben in mijn carrière op heel veel talent gestuit, maar met zijn elegantie, onovertroffen techniek en klasse staat Sebastian Deisler op eenzame hoogte’, zegt trainer Ottmar Hitzfeld, bij Bayern zijn trainer.

‘Hij hoort wat dat betreft op dezelfde hoogte te staan als Franz Beckenbauer en Helmut Haller, de uitzonderlijke talenten die het Duitse voetbal heeft voortgebracht. Sebastian was een gevoelige kunstenaar, op wie een steeds grotere druk kwam te staan.

‘Ik verwijt mijzelf dat we veel te laat oog hebben gekregen voor zijn problemen. Het moet ons allen tot nadenken stemmen. Het blijkt opnieuw dat grote voetballers ons kunnen ontvallen doordat we niet willen erkennen dat zo’n omgeving zonder realiteitszin ze geestelijk volledig kan ontwrichten.’

‘Een ster zonder idealen wordt een marionet’, zegt Deisler zelf. Hij had de pech van liefst zeven zware blessures, die hem steeds weer dwongen de hoge verwachtingen vanuit een achterstandspositie in te lossen.

Deisler onderging twee zware knieoperaties bij de fameuze Amerikaanse specialist Steadman, die de stabiliteit van het geraakte gewricht met kunststof probeerde te versterken. Bij zijn rentree, met een 8-0-zege in de bekerwedstrijd tegen Köln, richtte alle aandacht van de media zich op zijn optreden in plaats van op de klinkende zege van de ploeg.

‘Het is de wereld tussen kunst en sensatie waarin ik heb geprobeerd mezelf te blijven. Men heeft geprobeerd mij te manipuleren, in het belang van de show. Maar ik wilde mijn eigen weg kunnen gaan. Nu weet ik dat die ambitie kracht kost, ongelooflijk veel geestelijke kracht. Omdat ik wilde dat men mij accepteerde zoals ik ben.'

Terugkijkend stelt hij vast dat hij niet de typische voetbalprof is. ‘Ik was de speler voor wie voetbal veel betekent, maar niet alles. Profvoetbal mag nooit zover gaan dat het ook zijn laatste restje menselijkheid verliest. Het gemakkelijkste is te zeggen: na mij de zondvloed. Zo heb ik nooit willen denken.

‘Ik ben in de media door mensen neergezet die kennelijk spreken en schrijven zonder geweten. Daarmee heb ik nooit kunnen omgaan. Misschien is dat systeem ook wel zieker dan ik was. Anderen nemen in zo'n situatie drugs, ik ben depressief geworden. Nu wil ik terugkeren in het leven. Op mijn manier en ook zonder mijn verleden te vergeten.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden