INTERVIEW

Deense strijd bij Klassieker: Jørgensen vs Dolberg

Feyenoord - Ajax is zondag de topper tussen de koploper en de nummer 2. Beide clubs stellen een Deense spits op: Nicolai Jørgensen (25) bij Feyenoord, Kasper Dolberg (19) bij Ajax.

Kasper Dolberg (19) en Nicolai Jørgensen (25). Beeld Guus Dubbelman

Nicolai Jørgensen (25), Feyenoord

Het geheim van een spits? Talent, geduld, koelbloedigheid. Feyenoorder Nicolai Jørgensen (25): 'Zelfvertrouwen. Zelfs als je drie, vier kansen hebt gemist, moet je erin blijven geloven. Dat is moeilijk soms, zoals bij elk beroep waarin het even niet lukt. Blijf jezelf voorhouden: deze kans is gemist, straks komt een nieuwe, vermoedelijk niet kleinere. En de reactie in je hoofd moet sneller zijn dan die van de verdediger. Het gaat om een snelle geest.'

Jørgensen is een grote kerel. Sterk. Breedgeschouderd. Hij bewijst zich ook als technisch vaardig, hardwerkend en slim. Donderdag besliste hij het Europese duel met Loehansk, zondag is zijn eerste Klassieker. Hij herinnert zich de late gelijkmaker van Graziano Pellè in 2012, na een prachtige omhaal. 'Ook in Denemarken een beroemd doelpunt.'

Hij verlangt naar de kraker: 'Voor een wedstrijd ben ik altijd nerveus. Volgens mij moet dat, anders ben je er niet genoeg mee bezig. Ik voel altijd vlinders in mijn buik, maar het is geen slechte vorm van nervositeit. Het is spanning. De warming-up is het slechtste onderdeel van voetbal. Dan wil je al beginnen. In de warming-up voel ik nooit of ik goed zal spelen, ook omdat dat niet alleen afhankelijk is van mezelf.'

Zijn start als spits is - in cijfers - beter dan die van de Feyenoordhelden Guidetti en Pellè: zeven goals en drie assists in negen speelronden. Het is een periode van groots genieten. 'Ik wilde naar een club met passie, om deel uit te maken van een gezamenlijke ambitie. Dat spreekt me meer aan dan ergens spelen om een plek tussen de vijftiende en vijfde plaats.'

Nicolai Jørgensen (25), spits van Feyenoord. Beeld Guus Dubbelman

Scoren

Jørgensen is goedlachs en kan mooi, beeldend praten over zijn vak. 'In het verleden was ik soms niet op de goede plek om de makkelijke goals te maken. Mensen die geen spits zijn zeggen weleens: ja, dat doelpunt had iedereen gemaakt. Als dat zo was, zou spits de makkelijkste baan ter wereld zijn. Een spits is misschien vijftien keer op een bepaalde plek, maar die ene keer dat hij een doelpunt kan maken, móet hij er zijn. Dat is niet makkelijk. Je moet veel rennen en slim zijn.

'Scoren is zo bevredigend. Als het team met 5-0 wint en je hebt niet gescoord, ben je gelukkig voor het team, want het belangrijkste is dat het team wint. Maar je bent veel blijer als je ook drie keer hebt gescoord. Scoren geeft een gevoel van geluk, blijdschap en trots.'

Het beste gevoel had hij overigens na zijn voorzet op Vilhena, toen die scoorde tegen Manchester United. 'Het stadion werd gek. Het is niet altijd het doelpunt dat mijn dag maakt. Soms geeft het team mij de boost van binnen, een kick die ik alleen van voetbal krijg en van niets anders.'

Hij geniet van de passie bij Feyenoord, van de manier waarop het legioen hem omarmt, al komt dat natuurlijk ook door het succes. 'De spelers willen hard voor elkaar werken, maar het seizoen is lang. We moeten mentaal sterk zijn. Nee, over een kampioenschap praten we niet na negen wedstrijden.'

Nicolai Jorgensen scoort en de Kuip ontploft. Beeld anp

Doorleren

Jørgensen vertrok jong naar Leverkusen, maar keerde terug naar Denemarken. 'Ik had kunnen blijven, maar Kopenhagen is tien minuten van mijn geboortestad. Ik wilde opnieuw beginnen na een blessure bij Kaiserslautern, waaraan ik was verhuurd. Ik wilde leren, om de beste versie van mezelf te worden in Kopenhagen, bij mensen die dezelfde taal spraken.'

Hij komt uit Ballerup, in de buurt van Kopenhagen. Vader was zijn eerste trainer. Nicolai begon als spits, maar werd linksbuiten toen hij een jaar of 15, 16 was. 'Als 21-, 22-jarige begon ik te groeien, vooral in de breedte, qua spieren. Nu heb ik niet meer de bewegingen van een linkervleugelspeler. Ik ben een ander type geworden.'

Zijn leven als buitenspeler gaf hem techniek. Hij is vaardig voor een kerel van 1,90 meter. 'Technisch was ik vroeger beter dan nu. Misschien dat mijn voeten niet meer zo snel zijn. Als ik terugkijk, zou ik willen dat ik de gedachten van nu had gekoesterd toen ik 8 of 9 jaar was. Dan had ik meer kunnen leren. Ik keek destijds te veel naar winnen, naar scoren, niet naar de manier waarop. Maar wat weet je als je 8 jaar bent? Hoe goed had ik kunnen schieten met links als ik daarop altijd specifiek had geoefend? Ik ben niet slecht met links, maar het had beter gekund.'

Jorgensen namens Feyenoord in actie in de Europa League. Beeld anp

Thierry Henry was zijn enige idool als kind. 'Ik had al zijn shirts. Sinds mijn 6de was ik supporter van Arsenal. Een van de eerste wedstrijden die ik zag op tv was Liverpool - Arsenal, met Bergkamp, Vieira en ja, ook met mijn huidige trainer Van Bronckhorst. Ik bleef Henry volgen. Hij explodeerde, fantastisch. Ik probeerde altijd te doen wat Henry deed, zoals zijn schot met een boog in de verre hoek.'

Zijn laatste seizoen bij Kopenhagen was zijn eerste als spits. Daarvoor was hij een tijdlang aanvallende middenvelder, 'een beetje zoals Dirk Kuijt nu bij ons speelt. De trainer zei vorig jaar: als we je willen verkopen, zul je spits moeten worden. Ik scoorde vijftien keer. Dat is prima in Denemarken, want daar wordt heel goed verdedigd. Ze proberen daar te winnen door te verdedigen, wat erg saai is. Ik heb er veel van geleerd, maar dit seizoen leer ik meer.'

Kasper Dolberg springt op voor Standard Luik-sluitpost Jean-Francois Gillet in de Europa League. Beeld anp

Kasper Dolberg (19), Ajax

Kasper Dolberg draagt een bruine trui boven zijn zwarte broek. Die trui is een bijzonderheid. 'Normaal gesproken draag ik alleen maar zwart. Waarom? Black is being modest, zwart staat voor bescheidenheid.'

Blonde haren die al een tijdje geen kappersschaar van dichtbij gezien hebben. Zwarte kleren. Korte antwoorden. Ajax-spits Kasper Dolberg is een fremdkörper in voetbaltienerland, juist door het achterwege laten van alle opsmuk. Ook op het veld. Hij heeft een gave techniek, maar die staat in dienst van zijn doel: scoren. 'Ik ben een concrete voetballer. Ga altijd zonder omwegen naar het doel. Ik wil scoren. Daarom voetballen we toch?'

Net als Feyenoorder Nicolai Jørgensen speelde Dolberg lange tijd als linksbuiten. 'Spits zijn is moeilijker. Meer mandekkers, meer keuzen. Maar ja, ik ben fysiek gegroeid de laatste jaren, heb het profiel van een spits gekregen. Dus ja...'

Hij vertelt het allemaal vrij emotieloos. Dolberg, 6 oktober 19 jaar geworden, heeft iets weg van een robot. Vanaf het eerste moment dat hij meedoet bij Ajax speelt hij bijna zonder uitzondering goed. En steeds meer blijkt: hij kan alles, deze aanvaller. Kappen, koppen, passeren, meevoetballen. Let eens op zijn uitgekiende loopacties zonder bal. En hij kan schieten. Heel hard en zuiver schieten. Dolberg over de herkomst van die laatste kwaliteit: 'Gewoon geluk. Ik heb er geen extra training voor gedaan.'

Kasper Dolberg (19), spits van Ajax. Beeld Guus Dubbelman

Op zichzelf

Niet alles kwam hem aanwaaien. Hij moest 'echt wennen' aan de A1 van Ajax, toen hij anderhalf jaar geleden overkwam van Silkeborg, waar hij al in het eerste elftal had gespeeld. Hij kende blessureleed, maar daarover begint hij niet. 'Ik trainde niet goed. Ik weet niet waarom. Iets mentaals? Mjah. Ik was gewoon moe elke dag.'

Hij komt uit een dorpje vlak bij Silkeborg, midden op Jutland. Voel telt zo'n 1.300 inwoners. Hij kent er iedereen. Zijn hele familie woont er, op een naar Amerika verhuisde oom na. Gezellig, zou je zeggen.

Maar bij Dolberg thuis werd gezegd: Als je niets zinnigs te zeggen hebt, zeg dan niets. Dat was niet heel serieus bedoeld, maar Kasper (spreek uit Kesper) nam het nogal letterlijk. Zozeer dat zijn ouders het internet op moeten om uit te vissen hoe hun zoon gespeeld heeft. Zelfs over doelpunten of de keren dat hij man van de wedstrijd is geworden, rept hij door de telefoon niet.

Hij licht toe: 'Ik hoef niet zo nodig te vertellen dat het goed gaat. Dat kunnen ze ook zien in de media.'

Dan moeten ze wel verder speuren dan zijn Instagramaccount. Daarop gebeurt weinig. Wat actiefoto's, een oud familiekiekje en een snapshot van zijn schoenen om zijn schoensponsor te behagen. Aan Twitter en Facebook doet hij niet, zijn Snapchat is afgeschermd. 'Ik snap best dat jonge voetballers zich willen profileren op de sociale media. Dat wordt zowat van je verwacht. Ik beperk het tot het noodzakelijke.'

Hij woont, na een jaar bij een gastgezin, op zichzelf. Er komen vaak vrienden en familie over. 'Dat is leuk, maar als ze weggaan vind ik dat prima. Ik kan goed alleen zijn.'

Glimlachje.

'Wij lijken op elkaar als speler'

De denkende aanvaller uit Denemarken heeft een reputatie opgebouwd in de eredivisie. Van de broers Laudrup en Kenneth Perez tot Flemming Poulsen en Nicolai Jørgensen, van Lars Elstrup tot John Eriksen, Jon-Dahl Tomasson, Frank Arnesen en Christian Eriksen. Denen houden van Nederland. Jørgensen: 'Je kunt Denen en Nederlanders met elkaar vergelijken, ook door hun levenswijze en humor.' Jørgensen houdt van de humor. 'In Denemarken noemen we dat zwarte humor. Oh, heet dat in Nederland ook zo. Ironisch en grappig. Als je nieuwe schoenen hebt en Nederlanders vinden ze niet mooi, zullen ze zeggen: goh, wat heb jij mooie schoenen. Ze zullen je voor de gek houden.' Dolberg: 'Nederlanders zijn directer dan Denen. Ik moest daaraan echt wennen.' Jørgensen is onder de indruk van Dolberg: 'Ik hoorde twee maanden geleden voor het eerst van hem. Hij zal zich net als iedereen over een langere periode moeten bewijzen. De eerste tijd is vaak makkelijk, daarna neemt de druk toe. Dan moet je de ster zijn, dan hebben mensen geen geduld meer.' Dolberg: 'Ik zag Nicolai vorig seizoen al bij Kopenhagen. Hij doet het goed, ook in de nationale ploeg. We zijn hetzelfde type speler. Hij is compleet. Sterk, snel, goede techniek. Wie weet worden we ooit concurrenten in de nationale ploeg, misschien kunnen we samenspelen. Ik ben daar nog niet mee bezig.'

'Had je niet verwacht, zeker?'

Zijn zus en moeder zijn iets warmbloediger. Ze huilden toen hij debuteerde bij Ajax. 'Ze weten wat het voor me betekent. Daarom was het emotioneel voor ze.'

En voor hem? 'Ja, voor mij ook wel. Maar als ik voetbal, zit ik in een zone. Zelfs na een doelpunt. Als ik heel uitbundig ga juichen, ben ik bang dat ik uit die zone raak. Terwijl we dan nog niet gewonnen hebben. Pas na de wedstrijd denk ik: oh, dat was toch wel geweldig.'

Hij is zowat de meestgevraagde Ajacied voor interviews, maar geeft ze zelden. 'Ik heb er geen hekel aan. Het hoort erbij. Maar ik kijk er niet naar uit.'

Kasper Dolberg op trainingscomplex de Toekomst aan het begin van dit seizoen. Beeld anp

The iceman

Zijn moeder bewaart alles wat over hem wordt geschreven . 'Ze maakt er collages van of zo. Nee, ik heb ze nog niet gezien.'

Vergelijkingen met illustere Ajax-spitsen zijn al veelvuldig gemaakt. 'Kieft', werd eerst gezegd, vooral door dat steile, blonde haar en zijn aanvankelijk wat statische spel. De laatste weken schoof hij door naar de buitencategorie: Van Basten. Dolberg begint moeilijk te zuchten als die namen vallen. 'Tja... dit is me eerder voorgelegd. Ik vind het lastig om mee om te gaan. Ik begrijp het gewoon niet echt. Zij zijn de besten ooit. Ik ben net 19, heb pas elf, twaalf wedstrijden gespeeld. Over twee jaar weet je pas wat het gaat worden.'

Volgens zijn vader is zijn laconieke houding deels schijn. Brandt in zijn zoon een hevig voetbalvuur. Dolberg was ook een begenadigd handballer, in de zaal speelde hij bovendien met zijn vrienden. Maar toen hij op zijn 12de moest kiezen, was dat simpel: voetbal.

Die wereld is harder. Bij Silkeborg trof hij coaches die hem door elkaar schudden om iets van emotie op te wekken. 'Voor de wedstrijd roept iedereen: kom op! Ik zeg dan niets. Trainers en oudere spelers zeiden: waarom zeg jij niets? Wil je niet winnen? Tot ze erachter kwamen dat ik dat echt wel wil, maar het op een andere manier uit.'

Bij het eerste elftal van Ajax hoeft hij voor zo'n aanpak niet bang te zijn. Daar loopt Dennis Bergkamp rond, bijgenaamd The Iceman. Praten over de oud-aanvaller van Ajax en Arsenal maakt zowaar wat los bij Dolberg. 'Ik geniet er ontzettend van om met hem op een trainingsveld te staan. Je ziet nog steeds dat hij die geweldige touch heeft. Hij heeft zo veel prachtige dingen laten zien, maar blijft een bescheiden man. Hij praat ook niet veel. Maar als hij praat is het raak.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden