Analyse Tokio 2020

De Zomerspelen in Tokio worden hightech en peperduur

Skateboarden werd door de Japanse organisatie toegevoegd aan de spelen.

Over 18 maanden zijn de Zomerspelen in Tokio. De organisatie ligt op schema, maar er zijn ook zorgen. De kosten zijn extreem hoog, terwijl Japan juist hoopt op een economische boost.

Nog voor het verlaten van metrostation Kokuritsu-­Kyogijo in het centrum van Tokio dringt het lawaai van slijptollen en boormachines zich op. Er bestaat geen twijfel over waar de geluiden vandaan komen: pal naast het station wordt gebouwd aan het olympisch stadion voor de Zomer­spelen van 2020. Ondanks de witte boarding om de bouwplaats is het ­ontwerp al goed te zien: vier ringen die zijn betimmerd met duizenden lichtbruine planken, alsof vier houten discussen boven elkaar zweven.

Nog 18 maanden en dan wordt op deze plek voor de tweede keer de olympische fakkel aangestoken. In 1964, toen Anton Geesink elders in de stad tot ontzetting van het thuispubliek het judogoud binnensleepte, was Tokio ook al het toneel van de Zomerspelen. Het oude stadion dat hier stond werd in 2015 afgebroken. Tokio wil zich in 2020 presenteren als stad van de ­toekomst; daar past geen gedateerd stadion bij, zo is de gedachte.

De vorderingen in de bouw zijn ook het Internationaal Olympisch Comité (IOC) niet ontgaan. De organisatie kreeg onlangs een complimenten­regen van bezoekend voorzitter ­Thomas Bach. ‘We hebben nog nooit een gaststad gezien die achttien maanden voor de Spelen al zo goed voorbereid was’, aldus Bach. ‘Sommige steden waren drie maanden voor de Spelen niet zover als Tokio nu.’ Niet alleen de bouw loopt op schema, het sponsorgeld stroomt binnen en meer dan 100 duizend vrijwilligers hebben zich aangemeld.

Die goede feedback was welkom, want de afgelopen maanden kreeg ­Tokio 2020 louter slechte pr. Begin oktober maakte de nationale rekenkamer van Japan bekend dat de Spelen de centrale overheid 6 miljard euro gaan kosten, veel meer dan de gebudgetteerde 900 miljoen euro. De totale kosten, inclusief de begroting van het organisatiecomité en de stad Tokio, zouden uitkomen op het duizelingwekkende bedrag van 23 miljard euro.

Beeld REUTERS

En dan is er nog de hitte. Afgelopen zomer was het bijzonder heet in de stad, waar op het hoogtepunt – of dieptepunt, volgens velen – 41 graden Celsius werd gemeten, en dat in combinatie met de gebruikelijke hoge luchtvochtigheid. ‘Het voelt een beetje als een openluchtsauna’, liet gouverneur Yuriko Koike zich ontvallen.

In 1964 werden de Zomerspelen nog in de koelere maand oktober gehouden, maar nu valt het midden in de zomer. Experts waarschuwen voor gezondheidsrisico’s. Japan overwoog zelfs om de klok in 2020 twee uur vooruit te zetten, zodat meer onderdelen in de ochtendkoelte konden worden afgewerkt. Dat bleek te ingewikkeld. Wel is de start van de marathon vervroegd naar 07.00 uur (middernacht in Nederland).

In het tijdelijke hoofdkwartier van de organisatie in de zakenwijk Shimbashi vertelt chef woordvoering ­Tatsuo Ogura (35) dat nu aan een hitteplan wordt gewerkt. Zo moet honderd kilometer wegdek in de stad een hittewerende laag opgespoten krijgen. Ook komen er tenten op plekken waar wachtrijen worden verwacht, zoals bij de veiligheidscontroles, en worden her en der blowers geplaatst. ‘Maar de ­bezoekers vooraf goed informeren is minstens zo belangrijk’, zegt Ogura. Die moeten straks voldoende drinken en regelmatig de schaduw opzoeken.

Liever praat Ogura, gekleed in een voor een Japanse functionaris opmerkelijk vlot gehaakt jasje en bijpassende das, over de missie van Tokio 2020. Het moeten de ‘meest innovatieve Spelen ooit’ worden: locaties zullen met gezichtsherkenning werken, bij het ­turnen zal een met kunstmatige intelligentie uitgeruste computer de juryleden helpen bij de beoordeling en op metrostations gaat een al even slimme robot verdachte pakketjes opsporen en ‘potentieel gewelddadige bewegingen’ van passagiers identificeren.

Belangrijker voor Japan is dat de ­Spelen voor een economische boost moeten zorgen na jaren van kwakkelen. In het land wordt met heimwee ­gekeken naar de Spelen van 1964, die zowel voor het moraal als de economie van de Japanners een ommekeer betekenden. Tot die tijd verkeerde Japan nog in de sluier van de – verloren – Tweede Wereldoorlog, maar na de ­Spelen begon mede dankzij grote ­infrastructurele projecten zoals hogesnelheidstreinen een economische oppepper die twee decennia zou aanhouden.

Volgens de beleidsmakers gaan de Spelen op termijn voor meer dan 100 miljard euro aan ‘toegevoegde waarde’ zorgen, maar veel Japanners geloven daar weinig van. ‘Veel mensen, met name jongeren, zijn maar matig enthousiast over de Spelen’, vertelt ­Makoto Iwahashi van jongerenvakbond Posse in zijn kantoor in Tokio. ‘Als er al een economische opleving komt, gaan de omstandigheden van jongeren, die vaak afgescheept worden tijdelijke contracten, echt niet ­verbeteren.’

Dat veel burgers het maar niets vinden dat zoveel belastinggeld naar de Spelen gaat, bleek al in 2015. Toen ­cancelde premier Shinzo Abe na ­protesten over de hoge kosten – ruim 2 miljard euro – het ontwerp voor het olympisch stadion van de Brits-Iraakse architect Zaha Hadid. Door de conclusie van de rekenkamer dat de Spelen vier keer duurder worden dan begroot, speelt het gemor weer op: ­opvallend veel inwoners van Tokio zijn kritisch over de Spelen. ‘Veel burgers hebben liever dat het geld aan sociale zekerheid wordt besteed’, zegt ­vakbondsman Iwahashi.

Hiermee geconfronteerd probeert woordvoerder Ogura het gesprek eerst op een ander onderwerp te brengen. Hij wijst erop dat de medailles zullen worden gemaakt van gerecyclede ­metalen. ‘Dat geeft ook een goede boodschap.’ Dan benadrukt hij dat de organisatie van de Spelen zelf geen ­belastinggeld gebruikt (de inkomsten komen uit sponsorgeld en uit ticketverkoop) en de kosten laag probeert te houden, bijvoorbeeld door vooral ­bestaande stadions te gebruiken.

Eerder zei een regeringswoordvoerder dat de rekenkamer het mis heeft: ze zou allerlei uitgaven meetellen die niets met de Spelen te maken hebben. Ogura: ‘Als de Spelen dichterbij komen, wordt het makkelijker om de waarde ervan te laten zien. Dan zullen de mensen alsnog enthousiast zijn. We moeten het wel goed uitleggen.’

De breedgeschouderde Ogura, die vroeger een verdienstelijk amateurzwemmer en woordvoerder van de nationale ploeg was, hoopt dat de Spelen in ‘Cool Japan’ veel jongeren zullen weten te interesseren. Volgens hem zijn de vijf sporten die op verzoek van Japan zijn toegevoegd aan het programma daar heel geschikt voor: ­surfen, skateboarden, karate, sportklimmen en honkbal. ‘Sporten als skateboarden en surfen zijn visueel aantrekkelijk en zullen het goed doen op sociale media’, aldus Ogura.

Sportklimmen werd door de Japanse organisatie toegevoegd aan de spelen. Beeld The Asahi Shimbun via Getty Imag

‘Japanse’ sporten

De vijf toegevoegde sporten – een privilege van elk gastland – zijn niet toevallig ook disciplines waar Japan bovengemiddeld goed in is. Bij het skateboarden is de jonge Sakura ­Yosozumi een kanshebber voor goud. En in 2018 eindigde team Japan op de eerste plek bij het WK surfen.

Surfen werd door de Japanse organisatie toegevoegd aan de spelen. Beeld The Asahi Shimbun via Getty Imag

En dan is er nog honkbal, de nationale sport. Dat blijkt ook in de buurt van het olympisch stadion, waar niet alleen een flinke rij staat voor de fan­shop van de Tokyo Yakult Swallows, maar waar op het aanpalende, drukbezette amateurveldje Japanners van alle leeftijden honkballen.

Winst in de finale op 8 augustus 2020 in het Yokohama Stadion moet het slotstuk worden van een voor Japan succesvolle Spelen, waarbij het land het medaillerecord uit 1964 (16 goud, derde plek in het medailleklassement) hoopt te verbeteren.

De voorrondes van het honkbal­toernooi worden gek genoeg niet in of ­nabij Tokio afgewerkt, maar in ­Fukushima, een van de regio’s die in 2011 geteisterd werd door de verwoestende tsunami, met duizenden doden en een kernramp als gevolg.

De Japanse overheid is er veel aan gelegen de wereld te laten zien dat het gebied weer veilig is – op de directe omgeving van de kerncentrale na. Tijdens het IOC-bezoek gingen Abe en Bach persoonlijk polshoogte nemen bij het honkbalstadion. Voor woordvoerder Ogura moet dit een van de hoogtepunten van de Spelen worden, vertelt hij. ‘In 2011 moest ik machteloos op tv toezien hoe de mensen daar leden. Nu hoop ik dat de Spelen nieuwe energie geeft aan de bewoners. Als dat lukt, zijn de Spelen al half ­geslaagd.’

Medailles

In 1964 won Japan 16 gouden medailles. Dat aantal moet in 2020 worden overtroffen. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.