Interview Edwin van der Sar

De vele petten van Ajax-directeur Edwin van der Sar

Edwin van der Sar, directeur van Ajax: ‘De holy grail is het landskampioenschap. Dat wil je voor je supporters, de enigen die altijd blijven, hun hele leven. Maar het zou raar zijn als de algemeen directeur alleen met de zondag bezig is.’ Beeld Guus Dubbelman/de Volkskrant

Ajax is in financieel opzicht succesvol, maar verlangt naar prijzen en een mooi optreden, woensdag, in de achtste finales van de Champions League tegen Real Madrid. Algemeen directeur Edwin van der Sar (48): ‘Ajax geldt als een ongelooflijk sterk merk.’

De doelman van vroeger grapt over het krijtstreeppak dat hij draagt. Edwin van der Sar is ceo van Ajax, hoewel hij zich geen typische ceo voelt. ‘Hans Wijers, dat vind ik echt een ceo. Ik ben Edwin van der Sar, met een aantal petten op. Eentje is de pet van oud-speler.’

Zijn kantoor in de Johan Cruijff Arena lijkt in zekere zin op een kleedkamer, al bieden de ramen uitzicht op trainingscomplex de Toekomst. Overal foto’s, ingelijste shirts en relikwieën. Een beeld op de vensterbank intrigeert. Het stelt een reddende doelman voor, met op de voet uitslagen van een toernooi uit 1962. Welke trofee is dat?

‘Trek je jas aan’, zegt Van der Sar. Wat volgt is een vliegensvlugge slingertocht naar het clubmuseum. In een vitrine staat een mooiere uitvoering van het beeld op zijn kamer. Dan volgt de wonderlijke anekdote. ‘Als doelman van Fulham zag ik dit beeld in een winkel op Portobello Road. Ik vond het mooi en kocht het, voor 400 pond of zo.’ Het beeld bleek, zonder dat hij dat wist, de zoekgeraakte, eerste internationale prijs van Ajax, de Intertoto Cup uit 1962. De echte prijs staat nu in het museum, de replica in Van der Sars kamer. Hij lacht. Mooi toch?

Nu, 57 jaar na die pionierstijd van het Europees voetbal, ontmoet Ajax in de achtste finales van de Champions League het grote Real Madrid, de machine van sportieve en financiële roem. Van der Sar ziet uit naar de dubbel tegen de bekerhouder en denkt onwillekeurig aan november 1995, aan de geweldige show van Ajax in Madrid, 0-2, met Louis van Gaal als trainer en hijzelf als doelman. Dat waren andere tijden in de sport. Door meer dan geld alleen veranderden ook de sportieve verhoudingen volledig. 

‘Tijger’ Edgar Davids

De directeur van nu: ‘Dat de grenzen opengingen, is bepalend geweest. Als je zorgt dat elke club maximaal drie buitenlanders mag opstellen, zoals in het verleden, draai je de zaak zo terug. Maar dat gebeurt niet. Dat mag niet meer van de EU.’ En de doelman van toen: ‘Edgar Davids speelde als een tijger, centraal achterin. Die haalde alles weg. Ik had het niet heel druk. Zo zie je: als je een beetje goed delegeert, lukt het allemaal wel.’

De doelman leeft voort in de directeur. ‘Ik vergelijk mijn functie vaak met mijn verleden als keeper. Ook nu moet ik zorgen voor een goede organisatie. Voor mij stond een rechtsback, een rechter- en linker centrale verdediger, een linksback en een verdedigende middenvelder. Met hen praatte ik veel: ‘Hou die bal aan de zijkant, hou je benen dicht.’ Ik was wel een goede keeper, maar had niet de beste reflexen of de grootste uitstraling. Als de rechter centrale verdediger een deel van de hoek wegnam, was die afgedekt. Dan kon ik me ergens anders op concentreren. Dat is nu een beetje hetzelfde. Ik leef bij de gratie van de mensen naast me, in mijn team. Als team kunnen we Ajax laten gloriëren.’

Edwin van der Sar in 1998 op het WK met Oranje (l) en in 1995 (r) met Edgar Davids bij Ajax . Beeld ANP

Elke dag kan spannend zijn, net als vroeger op het veld, maar dan anders. Bal vangen of stompen, uitkomen of blijven staan. Fracties van seconden om te beslissen, zijn nu kwesties van lange adem, van vergaderingen en compromissen. Zijn leven als topsporter leerde hem met druk om te gaan. Hij laat kritiek van zich afglijden. Hij stopte nooit een strafschop, was de kritiek op een gegeven moment. Totdat hij strafschoppen ging stoppen. Hij herinnert zich de vrij recente cover van een voetbalblad waarop stond dat Feyenoord PSV op elk front voorbij was. En kijk nu eens. Opportunisme.

Emoties de vrije loop

Hij is standvastig. Verbinder, baas van een NV. Hij stuurt personeelsleden appjes met verjaardagen en heeft zich ontwikkeld, als werkgever en als mens. Toen de supporters trainer Erik ten Hag en de spelers opwachtten na de verloren titelrace vorig seizoen, sprong hij in de auto om de aanhang aan te horen en toe te spreken. En het duurde bijna een jaar voordat Ajax ruimhartig naar buiten trad inzake de ongelukkige Appie Nouri, maar hij ging zitten en liet zijn emoties de vrije loop.

Ook besturen heeft hij geleerd. Hij is bestuurslid van de ECA, het Europese orgaan van clubs, en was vorige week in Lissabon. ‘Dan krijg ik complimenten voor de deal van Frenkie de Jong naar Barcelona. Ajax geldt als een ongelooflijk sterk merk. Door historie, stad, supporters, filosofie, spelers, ontwikkeling en jeugdopleiding. Overwinteren in de Champions League, spelen tegen Real Madrid. Elke keer spelers ontdekken, via opleiding of scouting. Spelers laten doorbreken. Maar het gaat uiteindelijk om progressie van het team en prijzen.’

Edwin van der Sar beleefde aan het begin van zijn carrière grote successen als doelman van Ajax.

Het bedrijf Ajax kan miljoenen winst maken, als het elftal Ajax verliest, is het crisis. Na de schrobbering bij Feyenoord (6-2) heette het dat de spelers waren bevangen door transfersores. Dat gelooft hij niet. ‘Na eerdere berichten dat Frenkie de Jong voor 75 miljoen naar Paris Saint-Germain ging, speelde hij een wereldwedstrijd tegen PEC Zwolle, met een prachtig doelpunt. Toen zei iedereen: wat gaat hij daar toch goed mee om. Ontwapenend. Wat een goede gozer. Toen had het geen effect op hem of het elftal. Het is zo subjectief allemaal.’

Laat hem zich concentreren op zijn werk, op het meerjarenplan, op noodzakelijke groei. De ontwikkelingen in Europa gaan snel. Ajax wil structureel aanpikken, op elk vlak: sportief, financieel en commercieel. ‘Daar laten we geen heilige huisjes voor staan. Grote clubs hebben al gesproken over een Super League. Voor de komende zes jaar zal alles ongeveer hetzelfde blijven, afgezien van de nieuw te vormen, derde Europese competitie vanaf 2021. Vanaf 2024 zal er weer een andere stroming komen. Daar moet je als Ajax bij willen zijn, zeker op sportief gebied.’

Transferopbrengsten

Ligt de grens dan bij 200 miljoen euro omzet, ongeveer het dubbele van de huidige begroting? ‘Hoger. Dergelijke ambities koesteren is goed, al weet ik ook dat het raar klinkt. Mensen zullen zeggen: ga eerst eens een prijs winnen. En het is ook niet zo dat we volgend jaar al aan dat bedrag zitten. Dat zet je neer, daar wil je naartoe groeien. Het een staat los van het ander.’ Het huidige jaar in de Champions League, gecombineerd met al verwezenlijkte en nog verwachte transferopbrengsten, is een goede basis voor groei.

Qua geld verdienen is Europa belangrijker dan Nederland, maar uiteindelijk wil Ajax weer titels winnen. De kleinere club Feyenoord pakte vijf prijzen sinds 2015 en Ajax geen een. ‘Je kunt naar oorzaken wijzen. We haalden de finale van de Europa League in 2017, wat afleidde in de competitie. En Feyenoord had een ongelooflijk seizoen. In het laatste jaar met Frank de Boer (2016) als trainer verloren we de titel op de laatste dag bij De Graafschap. Alleen vorig seizoen was echt slecht, op alle vlakken. Daar hebben we onze schouders onder gezet.

Edwin van der Sar, spreekt als ceo van Ajax tijdens een internationale conventie. Qua geld verdienen is Europa belangrijker dan Nederland, maar uiteindelijk wil Ajax weer titels winnen. Beeld Jan Kruger/Getty

‘De holy grail is het landskampioenschap. Dat wil je voor je supporters, de enigen die altijd blijven, hun hele leven. Maar het zou raar zijn als de algemeen directeur alleen met de zondag bezig is. Andere topclubs zetten stappen met zevenmijlslaarzen. Ik heb veel meegekregen van Manchester United. Daarmee kunnen wij ons niet vergelijken, maar we kunnen proberen op bepaalde vlakken winst te halen. We steken onze voelsprieten uit in de wereld. Ik ben drie, vier keer per jaar in China geweest. Daar spreek je clubs en overheden. Op die manier proberen wij de filosofie en de naam van Ajax naar voren te brengen. We hebben succes met commerciële deals, met bedrijven en met de club Guangzhou. Maar alles staat in het teken van het voetbal, om inkomsten te vergroten en te investeren in het voetbal.

Slimmer

‘Je weet vooraf niet of je inkomsten uit transfers krijgt, of uit Europees voetbal. We moeten zorgen dat de basis zo breed mogelijk is en proberen slimmer te zijn. We hebben geen internationale sterren als Ronaldo of Messi van wie we 100 duizend extra shirts verkopen in het buitenland. We krijgen niet als Brighton & Hove Albion jaarlijks 130 miljoen tv-geld in de schoot geworpen. We moeten mee, ook omdat we niet weten wat de jeugd wil in de toekomst. Hoe uiten ze zich dan, wat willen ze, hoe kunnen we ze bereiken en blijven interesseren voor Ajax? Alle clubs scheppen met grotere netten om hun bereik te vergroten. We blijven zoeken naar nieuwe manieren om Ajax te verkopen. Met zo’n filmpje als voor de finale van de Europa League, met de boodschap dat Ajax terug was aan de top, steken we onze nek uit. We weten dat mensen lachen als we verliezen. Dat is dan maar zo.’

Op elk vlak is het zoeken naar balans. Aankopen of opleiden? Ajax kocht twee rechtsbacks, voor meer dan negen miljoen euro samen: Luis Orejuela en Rasmus Kristensen. Ze bleken vooralsnog niet zo goed als Noussair Mazraoui uit de opleiding, van origine een middenvelder. ‘Hij kwam uit onze jeugd zonder contract bij Jong Ajax en heeft alles overwonnen, tot hevige concurrentie toe. Hij verdient een contract, speelt de twee gekochte rechtsbacks uit het elftal en maakt twee goals in de Champions League. Als je goed bent, krijg je die kans. Dat is het mooie van sport.’

‘Critici zeggen: waarom kopen jullie Dusan Tadic? Maar eerst verkochten we linksbuiten Justin Kluivert voor 17 miljoen, een jongen met een Amsterdams profiel uit de opleiding die we niet kwijt wilden. We kochten daarna Tadic voor 11 miljoen. Met zijn ervaring, rendement en doelpunten is hij een goede aankoop gebleken.’ Tadic scoorde vijf keer in het hoofdtoernooi van de Champions League, waarmee hij na Lewandowski en Messi op de gedeeld derde plaats staat. ‘En we willen dan ook nog eens mooi voetballen, aantrekkelijk voor het publiek. Voetballen op een manier waarover Johan Cruijff tevreden zou zijn, als hij kon meekijken.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.