De tricks zijn van YouTube, de jumps van de trampoline

Niek van der Velden (17) is de jongste Nederlandse deelnemer aan de Winterspelen van Pyeongchang. Zijn achtergrond in het turnen helpt hem enorm bij het oefenen van sprongen, al ligt zo'n verleden een beetje gevoelig in de snowboardwereld.

Beeld Jiri Buller / de Volkskrant

Ietwat overrompeld keek snowboarder Niek van der Velden maandag de zaal vol journalisten in. Hij zat zenuwachtig op een gele stoel in het gebouw van de ski- en snowboardbond, en antwoordde verlegen op vragen die hij kreeg over zijn deelname aan de Winterspelen volgende maand in Pyeongchang met 'supergaaf', 'supervet' en 'supergoed' als stopwoorden.

Van der Velden zag niet aankomen dat hij op zijn zeventiende al naar de Winterspelen zou gaan, als jongste lid van de Nederlands equipe. Laat staan dat meer journalisten dan hij ooit tegelijk voor zijn neus had hem daarover zouden ondervragen. Beijing 2022, dat was zijn doel. Zeker nadat hij vorig jaar maart zijn linker-scheenbeen brak bij een mislukte landing. Zijn ouders waren net begonnen met sparen voor de trip naar China over vier jaar.

Tot de havo 5-scholier zich plots dankzij twee sterke wereldbekerwedstrijden (achtste in Mönchengladbach, twaalfde in Beijing) en een plek binnen de topveertig op de wereldranglijst een ticket verdiende naar Zuid-Korea.

In het snowboardleven van Niek van der Velden verloopt maar weinig volgens het boekje. Zijn verhaal begint ook niet ergens op een besneeuwde bergtop, maar 'gewoon' in Noord-Brabant tijdens de regenachtige zomer van 2012. Vanwege het aanhoudende slechte weer sloegen zijn ouders aan op een aanbieding bij de Skidome in Rucphen, een indoorskibaan gelegen op zo'n twintig minuten rijden van zijn woonplaats Nispen.

Op de trampoline oefent Van der Velden zijn sprongen. Zijn turnverleden helpt hem daarbij. 'Vooral bij het weten waar ik in de lucht precies ben tijdens een sprong.' Beeld Jiri Buller / de Volkskrant

'Voor 100 euro kon je daar drie maanden onbeperkt de piste op. Een supermooie deal', zei hij maandag na de algemene persconferentie. Snowboarden kon Van der Velden een beetje dankzij een aantal wintersportvakanties. Die zomer ontdekte hij de sport nog veel leuker te vinden als hij over schansen en rails naar beneden kon zoeven. Na jaren pendelen tussen turnen, voetbal en zelfs breakdancen had hij met het freestyle snowboarden eindelijk zijn droomsport gevonden.

'Vette tricks' bestudeerde hij op YouTube, om die vervolgens tot in den treure in het echt te oefenen. Van der Velden bleek talentvol. Vijf jaar geleden kwam hij onder de vleugels van de bond terecht en in 2016 debuteerde hij in het wereldbekercircuit op slopestyle en big air, de twee disciplines waarop hij ook in actie komt in Pyeongchang.

Bij slopestyle - sinds 2014 olympisch - trekken sporters zo spectaculair mogelijk over een parcours vol schansen en rails. Bij big air springen sporters van een megaschans. Tijdens sprongen voeren ze een reeks trucs uit. De discipline is in Pyeongchang voor het eerst olympisch.

Bij beide disciplines worden de sporters beoordeeld door een jury. Hoe origineler of ingewikkelder de 'trick', hoe hoger de score. Iedere truc kost vele uren trainen. Dus woont Van der Velden inmiddels op het sportcomplex in Papendal, waar hij dagelijks traint met zijn coach Frank van der Putten. Als hij niet op de piste staat, zit hij in de sportschool.

Het hebben van sterke en explosieve spieren is belangrijk bij het afzetten en landen. Op de trampoline oefent hij zijn sprongen. Zijn turnverleden helpt hem daarbij. 'Vooral bij het weten waar ik in de lucht precies ben tijdens een sprong.'

Het is een achtergrond die gevoelig ligt in de snowboardwereld. Cheryl Maas, de 33-jarige snowboarder die voor Nederland op de Winterspelen in actie komt op de halfpipe, zei vorig jaar tegen de NOS dat 'mensen die via trampolines of turnen in het snowboarden terechtkomen, minder respect krijgen van mij dan iemand die echt van een berg af kan snowboarden'.

Van der Velden komt onder andere uit op de big air. Daarbij springen sporters van een megaschans. Tijdens sprongen voeren ze een reeks trucs uit. De discipline is in Pyeongchang voor het eerst olympisch. Beeld Jiri Buller / de Volkskrant

Van der Velden lacht een beetje ongemakkelijk om die uitspraken, wakend om niemand tegen de haren in te strijken. 'Er zijn inderdaad wel een paar gasten met goede salto's en een minder goede snowboardtechniek', zegt hij. 'Alleen wij zijn ook echt wel veel bezig met de basis en bochten maken, vooral in de eerste jaren.

'Daarnaast is het haar mening natuurlijk, maar je leert nou eenmaal veel op de trampoline. De sport vernieuwt supersnel, omdat het nog niet zo lang bestaat. Daar zijn dit soort trainingsmanieren een voorbeeld van.' Coach Van der Putten valt zijn pupil bij. 'Je ziet die gemixte achtergrond veel in deze discipline. Er doen voormalig skateboarders, wakeboarders, surfers en turners mee.' Het deelnemersveld is divers, benadrukt de coach.

Volgens Van der Putten is de grootste kracht van Van der Velden zijn basistechniek. 'Die is heel goed. Hij kan alle kanten op draaien. Linksom, rechtsom of met zijn verkeerde been. Zo kan hij trucs goed uitvoeren en stabiel landen.' Wat dat Van der Velden - de nummer 38 van de wereldranglijst - gaat brengen in Pyeongchang, weet de coach niet.

'Er zijn altijd zo'n vijftien jongens die op het podium kunnen eindigen en een stuk of veertig die de finale kunnen halen. Maar er kunnen mensen vallen en het blijft een jurysport.' Van der Velden zelf is nuchter als het gaat over zijn doelen op de Winterspelen: 'Gewoon mijn allerbeste run neerzetten. Als dat lukt, zien we wel waar het eindigt.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.