ACHTERGRONDTourorganisatie ASO

De Tourorganisatie is machtig, vakkundig en hautain

De macht in het wielrennen ligt bij de ASO, de organisator van de Tour de France en vele andere sportevenementen. En die macht reikt ver, want zonder Tour geen profwielrennen.  

Christian Prudhomme is als koersdirecteur elke zomer het gezicht van de Tourorganisatie.Beeld Belga

En zo zwichtte de Amaury Sport Organisation (ASO) afgelopen woensdag dan toch voor het dictaat van het Élysée: de Tour de France schuift op, richting het najaar. De Franse president Macron verbood massale bijeenkomsten tot half juli.

Het was al een wonder dat in de maalstroom aan afzeggingen van sportevenementen voor deze zomer die ene klip maar overeind bleef. Waar wedstrijden in stadions en sporthallen van de agenda verdwenen, hield uitgerekend het grootste rondtrekkende wielercircus ter wereld stand, 176 renners die het halve Franse land doorkruisen, omringd door duizenden begeleiders, technici, politieagenten en journalisten, voorafgegaan door een kilometers lange reclamekaravaan, gadeslagen door 10 tot 12 miljoen toeschouwers langs de weg.

De stap die er naadloos op volgde, was net zo veelzeggend. Meteen etaleerde de ASO wie de macht heeft in het wielrennen. Er was overleg met de internationale wielerfederatie UCI, renners, ploegen en koersorganisaties, maar het beslag op de kalender, van 29 augustus tot en met 20 september, leidde ertoe dat andere partijen moesten opschuiven of inbinden. De Tour weegt nu eenmaal het zwaarst. Kan de Giro d’Italia het misschien af in twee weken, in oktober, zou zelfs het verzoek zijn geweest. Dat Nederlandse steden de Vuelta nu in het najaar tegemoet kunnen zien, is nu onzeker. De wereldkampioenschappen in Zwitserland ontsnapten ternauwernood: het evenement opent op de slotdag van de Tour.

Familieconsortium

De ASO kan zich veel permitteren. Vanuit het kantoor in Boulogne-Billancourt, vlak bij de Pont d’Issy les Moulineaux over de Seine, manifesteert de firma zich als kapitaalkrachtigste speler in de wielerwereld. Het bedrijf is onderdeel van het familieconsortium Editions Philippe Amaury, dat met de organisatie van sportevenementen en een mediatak een geschatte jaarlijkse omzet van ruim 500 miljoen euro haalt – precieze gegevens geeft de holding niet prijs. L’Parisien publiceerde vorige maand cijfers die het belang van de Tour voor de ASO illustreren. Op een jaaromzet van 233 miljoen euro genereert de ronde 150 miljoen, waarvan 90 miljoen uit de tv-rechten komt.

Andere wedstrijden in het pakket: Parijs-Roubaix, de Waalse Pijl, Luik-Bastenaken-Luik, het Critérium du Dauphiné, Parijs-Nice en de Vuelta. Buiten de wielrennerij bevat de portfolio de Dakar-rally, de marathon in Parijs, het open Franse golfkampioenschap en de zeilwedstrijd Le Tour Voile. Het concern bezit ook sportbladen als l’Équipe (met gelijknamige tv-zender), France Football en Vélo Magazine.

Prudhomme mag als directeur van de Société du Tour de France, staande in het open dak van de rode Skoda Superb aan de kop van de koers, het gezicht van de ASO zijn, de uitvoerende macht ligt in handen van directeur Yann Le Moenner. Jean-Étienne Amaury is voorzitter van de ASO. De moedermaatschappij zelf wordt geleid door een 79-jarige dame van stand, de moeder van Jean-Étienne. Marie-Odile Amaury, een opticiensdochter uit Straatsburg, is president-directeur vanaf 2006, het jaar dat haar man Philippe overleed. Haar vermogen wordt geschat op ruim 350 miljoen euro.

Zij bestuurt op afstand, maar doet dat gedecideerd. Zo kreeg l’Équipe na haar aantreden te horen dat berichtgeving over doping liever beperkt moest blijven tot melding van betrapte renners. Thematische verhalen las ze liever niet. Over haar privéleven is opvallend genoeg niet veel meer bekend dan dat ze van hard rock houdt, van Led Zeppelin, AC/DC, Guns N’ Roses. Het houdt je jong, veronderstelde ze enkele jaren geleden in een schaars interview.

Ploegleider Lefevre

Wie zakendoet met de ASO getuigt al snel van bewondering voor de professionaliteit. De ervaring dateert vanaf de eerste naoorlogse jaren, toen krantenmagnaat Emillion Amaury, de schoonvader van Marie-Odile, de Tour financieel ging steunen. ‘Vergeleken met andere koersdirecties is de ASO by far de beste’, oordeelt teammanager Richard Plugge van de Nederlandse ploeg Jumbo-Visma. ‘Echt alles is goed geregeld.’ Hij zit als vicevoorzitter van de AICGP, de belangenverenigingen van wielerploegen, geregeld met de koersorganisator aan tafel.

Hij weet ook dat er geregeld kritiek is. Een uitgesproken teambaas als Patrick Lefevre van Deceuninck-Quickstep windt zich vaak op over de ASO. Het steekt hem dat de ploegen en de renners niks opstrijken van de tv-gelden. Het startgeld is niet eens toereikend om de kosten te dekken. In 2018 tegen De Tijd: ‘De arrogantie van de Tour is verschrikkelijk. Ik zeg al sinds 1995 dat je zonder acteurs, de renners dus, geen film kan maken. De Tour zegt: wij maken jouw acteurs groot.’ Plugge zoekt de nuance. ‘De ASO is een monopolist. Dan ben je al snel de kop van Jut. Doorduwen past ook wel in de Franse manier van zakendoen. Maar in onze gesprekken gedraagt het zich als een gewoon bedrijf. Er valt goed mee te onderhandelen.’

De ASO krijgt nog al eens het verwijt chauvinistisch te zijn door een Tour op maat van Franse kanshebbers uit te zetten of over de rug van de renners spektakel te willen: uitputtende etappes, toch weer over de kasseien in Noord-Frankrijk of glibberwegen langs de kust. Plugge stelt vast dat het parcours nergens veiliger is dan in de Tour. ‘Als AICGP krijgen we niet altijd onze zin. Maar de directie neemt altijd verantwoordelijkheid.’ Hij herinnert aan de beslissing de etappe van vorig jaar over de Col de l’Iseran stil te leggen toen hagelbuien en modderstromen het parcours teisterden. ‘Dat was snel, moedig en verstandig.’

Een zeker conservatisme valt de ASO volgens hem nog wel aan te wrijven. De AICGP is in overleg met de UCI en de koersdirecties over een hervorming van de wielerkalender. Die komt ruwweg neer op het terugbrengen van het aantal koersdagen en een betere herkenbaarheid van de World Tour, de hoogste divisie van het wielrennen. Ploegen zouden in die nieuwe constellatie wel kunnen profiteren van tv-rechten.

Geen voortrekkersrol

Volgens Plugge is de UCI de grootste dwarsligger. ‘Dat is een politieke organisatie. Die wil vrienden maken, meer koersdagen, in zoveel mogelijk landen. De ASO heeft de hefboom in handen om de ploegen te steunen. Dan denk ik: kom op, pak het op! Maar ze hebben gewoon geen zin om een voortrekkersrol te spelen.’ Voor het vrouwenwielrennen loopt de ASO evenmin warm. Op een eis van de UCI van klassiekers in 2020 zeker 45 minuten uit te zenden, reageerden de Fransen doodleuk door hun pakket niet meer aan te melden. Tot ergernis van veel rensters was er bij de herindeling van de agenda nog geen aandacht voor hun schema; ze houden daarvoor ook de UCI verantwoordelijk.  

De ASO doet niet alleen zaken met teams, maar ook met gemeenten die de renners graag binnenhalen. Voormalig directeur Hans den Oudendammer van de Stichting Rotterdam Topsport was betrokken bij de komst van de Tour naar de Maasstad in 2010 en legde vorig jaar contacten voor een terugkeer van de karavaan, ergens in de komende jaren. ‘Het voelde als een welkom weerzien.’ Zijn taak is overgenomen door oud-volleyballer Peter Blangé.

Rotterdam diende vanaf 2003 drie keer een bidbook in voordat de Fransen toehapten. De kosten: twee miljoen euro, destijds de vaste fee voor een grand départ. Veel ruimte voor eigen invulling was er niet, blikt Den Oudendammer terug. ‘We hadden graag dat de renners tijdens de proloog over de Coolsingel en het Hofplein kwamen, dat zijn voor Rotterdam belangrijke plekken. Maar dat ging niet door, de afstand zou te groot worden. Op dat soort momenten merk je dat het hún evenement is.’

Hij was onder de indruk van de efficiëntie. ‘Je krijgt een hele stapel rules and regulations voorgeschoteld. Dat varieert van de lengte van de dranghekken en het weghalen van vluchtheuvels tot aan het leggen van kabels in de tramrails en het aantal plekken voor de pers. Maar het ging altijd in goede harmonie. Het hielp ook dat het niveau van het Engels heel behoorlijk was.’ President-directeur Marie-Odile Amaury heeft hij wel eens ontmoet, ja, tijdens de reeks bijeenkomsten om de organisatie te paaien. ‘Ze was een aristocraat. Geen Erica Terpstra, zullen we maar zeggen.’

Voor het doorgaan van de Tour in september weet de Amaury Sport Organisation zich wederom uitgeleverd aan het Élysée. Als Macron het verbod op evenementen verder oprekt, valt toch het doek. Directeur Prudhomme nam eerder al een voorschot op het besluit. ‘Alleen twee wereldoorlogen hebben de Tour gestopt.’ Het klonk bijna als een dreigement.

Dakar-rally

Nog meer dan de Tour is de Dakar-rally een evenement waarbij de ASO geregeld in een gure wind komt te staan. Het is een van de dodelijkste wedstrijden in de sport. Sinds het begin in 1979, toen nog Parijs-Dakar, kwamen er 75 mensen om het leven, onder wie 30 deelnemers. De Amaury-groep nam de rally vanaf 1994 in handen; het aantal ongelukken nam er nauwelijks door af.

Gevaar is niet het enige thema. In landen waar motoren, auto’s en vrachtwagens doorheen trekken, klinken protesten wegens aantasting van erfgoed en natuurgebied. Een inheems volk in Chili, de Kolla, verklaarde: ‘Onze gemeenschappen en landschappen worden veranderd in een miljoenen kostende toeristische attractie gericht op een rijke minderheid.’

De keus om dit jaar voor het eerst in de woestijn van Saoedi-Arabië te gaan racen, nadat het enthousiasme op het Zuid-Amerikaanse continent na tien jaar wat begon te luwen, leverde kritiek uit andere hoek op, die van Amnesty International en Human Rights Watch. De ASO verdedigde zich door te verwijzen naar eerdere internationale sportactiviteiten in het land – wij zijn niet de eersten.

Mirjam Pol kent de rally goed, ‘voor en achter de schermen’. Op een enkele onderbreking na is de Bornse vanaf 2006 van de partij, meestal als motorrijder, maar ook vier jaar als teambegeleider. Zij is van oordeel dat de ASO vakwerk levert, telkens weer. ‘Ik heb er alleen maar goede ervaringen mee.’

In de beginjaren was ze wel verbaasd dat ze zo maar kon meedoen. Niemand vroeg of ze al eerder rally’s had gereden. ‘Dat is nu anders. Je moet echt een cv overleggen.’ Ook de cilinderinhoud van de motoren is intussen beperkt, tot 450 cc.

Afgelopen januari reed ze enkele minuten achter haar landgenoot Erwin Straver, toen deze zwaar ten val kwam en een hersenbeschadiging en een gebroken nekwervel opliep. Ze was erbij toen de Rijswijker ter plekke werd gereanimeerd – een helikopter was na negen minuten ter plaatse. Hij is naar het ziekenhuis in Riyad gevlogen en vervolgens naar Nederland gebracht. Daar overleed hij op 24 januari, 48 jaar oud.

Pol vindt dat de organisatie weinig te verwijten valt. ‘Erwin reed zich vast in een zandduintje. Het was zo’n situatie die je wel duizend keer op een dag tegenkomt. Hij heeft wat wij noemen een kontwipper gehad, dan schiet je omhoog je motor af. Hij is ongelukkig neergekomen.’

Volgens Pol weegt de veiligheid zwaar. Motorrijders kunnen met een rode knop op het stuur medische assistentie inroepen. Helikopters staan standby. Om de 50 kilometer staat er een arts met een auto. In het bivak zijn er dokters beschikbaar. Bij mist of zandstormen wordt niet gestart. De roadbooks zijn nauwkeurig genoeg. ‘Maar iedere deelnemer weet dat dit een risicosport is. Er kan altijd wat gebeuren.’

Wielerkalender (onder voorbehoud)

Tour de France: 29 augustus-20 september

WK wielrennen, Martigny: 20-27 september

Giro d’Italia: 3-25 oktober

Ronde van Vlaanderen: 11 oktober

Parijs-Roubaix: 18 oktober

Vuelta: 24 oktober-8 november

Ronde van Lombardije: 31 oktober

Luik-Bastenaken-Luik: 8 november

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden