Titelstrijd Ajax-PSV

De titelrace van Ajax en PSV: als het maar niet beslist wordt op doelsaldo

Kasper Dolberg (Ajax) scoort, Jerold Promes (VVV) kan slechts toekijken. Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Na 29 wedstrijden in de eredivisie hebben Ajax en PSV 71 punten. Dankzij het doelsaldo staan de Amsterdammers bovenaan. Blijven scoren dus, de laatste vijf duels, want niets is zo erg als de landstitel verspelen op een doelpunt.

Het was niets minder dan een geseling voor ADO Den Haag in eigen huis op 15 september 2018. Hoewel PSV een week eerder al met 6-1 van Willem II had gewonnen en soeverein lijstaanvoerder was, ging Mark van Bommel in de rust bij een 0-2-stand tekeer. PSV moest van de nieuwe coach jagen op goals tot de laatste ­minuut. Zijn ploeg deed het en hield pas op bij 0-7.

Voorvoelde Van Bommel een terugval? Zeven maanden later heeft PSV net zo veel punten verzameld als Ajax, maar staat het negen doelpunten achter (saldo: 74 om 65).

Om dichterbij te komen, lijken de ­komende twee thuiswedstrijden tegen De Graafschap en ADO Den Haag uitgelezen kansen. Maar Van Bommel gaat de speelwijzen en het systeem niet aanpassen, zei hij gisteren met sluimerende irritatie in zijn mimiek. ‘Als je nu ineens op doelpunten gaat focussen, denk je misschien te weinig aan winnen.’

Doelsaldo is hoe dan ook het thema met nog vijf duels te gaan. Maar wie dit seizoen de commentaren na afloop van wedstrijden van PSV en Ajax beluisterde, hoorde spelers en trainers geregeld ­zeggen: straks sla je je misschien voor je kop. Er werden soms veel kansen gemist en onnodige goals weggegeven. Toch heeft Van Bommel nergens spijt van. ‘Wij hebben heel veel gescoord dit seizoen en de minste goals tegen.’

Moet een topclub gedurende het ­seizoen al aan doelsaldo denken? ‘Ja, want doelsaldo is een punt waard’, zegt oud-trainer Leo Beenhakker. Vaak keek hij hoe een wedstrijd liep. ‘Kun je nog extra dat strotje dichtknijpen? Kun je er nog een lantaarnpaal bijgooien voorin of komen dan de punten in gevaar? Bij Ajax was het wat dat betreft lekker simpel. Daar eisen ze sowieso dat je alles met 10-0 wint.’

Lood in de benen

De titel verliezen op doelsaldo is de meest frustrerende manier om naast een titel te grijpen, weet Beenhakker. Hij maakte als Ajax-coach de primeur in Nederland mee in het seizoen 1990/1991.

Ajax speelde de slotwedstrijd thuis ­tegen Vitesse, PSV ontving tegelijkertijd Volendam. Ajax moest twee goals goedmaken. Beenhakker: ‘Zenuwengedoe, dat wil je niet meemaken. We hadden nog geen mobieltjes en al die onzin, maar wel de radio. Daar werd je gek van.’

Twan Scheepers, destijds aanvalspartner van Romario bij PSV, kan 28 jaar later ook de stress van toen nog moeiteloos oproepen. ‘PSV was in 1988 nog de beste van Europa, er zaten allemaal Europees kampioenen in de ploeg en we hadden in Bobby Robson een geweldige people­manager. Toch liep iedereen met lood in de benen en puften we al na tien minuten naar adem.’

Mentalcoaching was nog een onbekend begrip in Eindhoven. ‘Ha, voorzitter Ruts sloeg twee weken ervoor met de vuist op tafel. Dat we het niet in ons hoofd moesten halen de titel nog te verspelen. En zeker niet door een doelpunt te weinig.’

Er waren op die snikhete 16 juni een ­Braziliaanse band en danseressen achter het doel gezet om Romario extra te motiveren. Maar het fenomeen trof geen doel. Gerald Vanenburg deed dat wel na een half uur, maar pas na de 2-0 van Juul Ellerman na een uur gleed de last van de schouders. Beide topclubs wonnen met 3-0. Scheepers: ‘Na afloop in de kleedkamer heerste een serene rust, in plaats van een feestsfeer. Iedereen was opgelucht en kapot.’

Met doelsaldo was PSV dat seizoen ­helemaal niet bezig geweest. Vanenburg: ‘Thuis ging je soms lekker door, maar vooral om het publiek te vermaken. Dat het op doelsaldo zou aankomen, beschouwde je als een speld in een hooiberg vinden. We waren in die jaren gewend in de winterstop al de platte kar uit het vet te halen.’

Scheepers: ‘Nu hoor je ze begin april bij Ajax hardop vloeken als het bij Emmen 2-5 wordt in plaats van 0-5.’

Drie titelkandidaten

Dat komt vooral door het seizoen 2006/2007, toen AZ, Ajax en PSV voor aanvang van de laatste wedstrijddag hetzelfde aantal punten hadden vergaard. Van de drie titelkandidaten had PSV het slechtste doelsaldo, maar de ploeg uit Eindhoven won de kampioensschaal door een doelpunt meer te maken dan Ajax.

‘Een van de raarste dagen uit mijn ­carrière’, zegt toenmalig Ajacied Urby Emanuelson. ‘AZ hoefde alleen maar te winnen om de titel te veroveren, maar kwam snel achter bij Excelsior. Toen ­waren wij favoriet, maar bij PSV ging het ineens snel van 2-1 naar 4-1. Dat kreeg je ­allemaal mee, je zat de hele tijd naar het scorebord te turen in plaats van dat je de focus had op je eigen wedstrijd.’

Schuldgevoelens duiken zelfs jaren ­later nog op bij de oud-Ajacied die op één doelpunt de titel misliep. Emanuelson: ‘Je denkt steeds: waar hebben we het laten liggen? Kwam het door die ene wissel bij Sparta? Had die laatste vrije trap tegen Willem II niet door een ander moeten worden genomen?’

De les van Emanuelson: blijf altijd hetzelfde doen. ‘Geen extra aanvallers opstellen, niet te snel ongeduldig worden, gewoon snel die bal rond laten gaan. Let niet op de andere velden, daar heb je toch geen invloed op.’

Bij Beenhakker is geen blijvend litteken ontstaan vanwege de twee doelpunten die Ajax in 1991 tekortkwam. ‘Ik denk ­liever aan al het moois wat ik heb mogen meemaken. Alleen als zo’n ­vervelende journalist me er weer aan herinnert, denk ik weer een paar dagen: God, ja, dat was jammer.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.